Nu je er toch bent...

Om de een of andere duistere reden zit je nu op mijn weblog. Nu je er toch bent kun je net zo goed een artikeltje lezen en eventueel van commentaar voorzien. En dan fluks weer verder, want het is hier geen parkeerplaats. Groetjes.

Pagina's

02 december 2010

Lekken tot je leegloopt.

De wereld is er niet mooier op geworden sinds we op Wikileaks kennis hebben kunnen nemen van wat er altijd voor ons verborgen blijft. Maar het is naïef om te denken dat de mensen nu massaal anders gaan denken over hen die ons regeren en in toom houden.
Integendeel. Een kwart van de mensen die hun kop in het zand gestoken hebben hadden hem daar liever ook gehouden. Nu ze weten hoe ze worden besodemieterd zien ze dat als geen probleem, want "zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar".
Ik ben een oude man en ik zal niet ontkennen dat deze groep gelijk heeft. Natuurlijk zit de wereld zo in elkaar. We worden genaaid, telkens weer. En als wij de kans krijgen naaien wij zelf ook iemand. Of je nu je kostje bij elkaar moet bedelen of niet weet hoe je al je geld op kunt maken in die korte tijd dat je hier bent, het maakt niets uit. Het is begrijpelijk dat mensen verontwaardigd worden als ze worden geconfronteerd met hun hebzucht en leugens. Maar daar moet je doorheen prikken.
De 'man on the street' zit meestal niet te wachten op klokkenluiders. Hij vindt ze maar storend. Natuurlijk smult hij van de verhalen, maar hij leest ze niet als een verslag van de werkelijkheid. Voor hem is het 'de ver van mijn bed show'. Dit is niet zijn wereld. Dat is de baan van negen tot vijf, de relatie die hij heeft en die na enkele spannende jaren inmiddels niets meer voorstelt, dat is zijn auto die gewassen moet worden in de weekend, de file waar hij twee keer per dag in staat, de chef waaraan hij een bloedhekel heeft, de vakantie aan het strand van Costa del Sol, zijn kinderen die VMBO-advies hebben gekregen maar die hij toch naar de HAVO stuurt. Zijn leven bestaat uit de onbetaalde rekeningen die er liggen, de salarisstrook aan het eind van de maand die steeds weer een te laag bedrag weergeeft, de kerstinkopen die gedaan moeten worden. Hij is al blij als hij vijf minuten aan zichzelf toekomt. Meer heeft hij niet nodig om zich aan zichzelf te vergrijpen.
Mensen worden niet geraakt door de waarheid, ze worden geraakt in hun portemonnee. Voor een euro die ze tegoed menen te hebben gaan ze de barricaden op. Voor de waarheid draaien ze hun hoofd om en doen ze alsof ze niets hebben gehoord. Want ze weten wel dat ze zelf niet beter zijn. Dat ze zelf ook de kluit belazeren als hen dit zo uitkomt.
Maar wat maakt het uit? Als je eenmaal accepteert dat de mens zich veel mooier voordoet dan hij is, dat je met een zachte hand kunt aaien maar ook de trekker van een pistool over kunt halen, dat we alleen zo kunnen leven omdat onze voorouders zo verstandig waren om op rooftocht uit te gaan voor zichzelf en hun nageslacht, als je aanvaardt dat je net zo'n lul bent als de rest en misschien nog wel een grotere lul, dan is er niets aan de hand.
Ik ben blij dat Wikileaks met haar ontboezemingen is gekomen. En ze moeten er zeker zo mee doorgaan. Laat ze onze machthebbers maar ontmaskeren, laat ze maar aantonen hoe we steeds opnieuw worden belazerd. Dit maakt alleen maar duidelijk dat als je aan de macht bent je heel ver gaat om deze macht te consolideren of verder uit te bouwen.
Maar ik weet dat het geen zaak is van goed of slecht. Dat zij die ons overheersen niet anders zijn dan zij die overheerst worden.
Ik zou graag willen dat het anders was. Dat je de schoften die ons leven soms vergallen kon aanwijzen. Maar zo werkt het niet. Pas als het te gek wordt, als de meer machtige te ver gaat en denkt zelf onschendbaar te zijn, pas dan komen de mensen in opstand, vloeit er veel bloed en na enkele jaren is alles weer zoals het was. Ja, ik ben een pessimist. En daar heb ik vele redenen voor. Maar gelukkig is het leven ook wonderlijk mooi. Valt er veel te zien en je over te verbazen. Mensen zijn heerlijke wezens. Ze deugen niet, dat staat buiten kijf. Maar wat is daar verkeerd mee? Ik deug ook niet. Mijn collega's deugen niet, mijn vrienden, mijn kinderen, niemand die ik ken deugt. Maar wat is het probleem? Ik zie geen probleem. Iedereen doet zijn best er wat van te maken. Niet alleen voor zichzelf maar ook voor degenen die hij lief heeft. En desnoods gaat men hierbij over lijken. Zo is het altijd geweest en zo zal het altijd zijn. Een hartgrondig 'Amen'

17 november 2010

Een nieuw begin

Ik heb er een nieuw blog bij, dat te bekijken is op http://erwasereens.blogspot.com/ Van mijn plannen om dit blog te pimpen komt niks terecht. Er zijn teveel andere dingen die mijn aandacht en tijd vragen. De nieuwe blog gaat over moderne sprookjes. Ze lopen niet allemaal even gelukkig af en sommige van mijn verhaaltjes zijn mogelijk niet zo fijnzinnig. Maar ze zijn allemaal met veel plezier gemaakt.

24 oktober 2010

De grote wereld en de kleine wereld.

De grote wereld. De opmerking van admiraal Mike Mullen dat door het publiceren van honderdduizenden geheime documenten over Irak Wikileaks levens in gevaar brengt mag met recht een gotspe worden genoemd. Is het niet logischer dat juist de dubieuze aanwezigheid van een grote bezettingsmacht in Irak ertoe heeft bijgedragen dat talloze levens niet alleen in gevaar zijn gekomen, maar daadwerkelijk vroegtijdig zijn beëindigd? Aan wiens handen kleeft nu bloed? Aan die van Wikileaks of Mike Mullen? De reacties op de actie van Wikileaks waren natuurlijk voorspelbaar. Het is bij degenen die de macht hebben nooit de inhoud van de boodschap maar de boodschapper zelf waar de meeste aandacht naar uit gaat als de boodschap hun onwelgevallig is. Het gaat tenslotte niet om de waarheid maar om wat de mensen geloven. Kosten noch moeite zijn er gespaard om al die lege hoofden vol te gieten met leugens. En dan is er zo’n Wikileaks die twijfels zaait en sommigen zelfs als leugenaars ontmaskert. Nee, de vertegenwoordigers van het etablissement in de VS zijn niet ‘amused’ met de actie van Wikileaks. Maar misschien zijn ze dat wel als in 2011 de speelfilm uitkomt en ze worden genoemd in de aftiteling. Based on a true story of lies.

De kleine wereld. Na enkele dagen baggeren is mijn werkkamer weer opgeruimd. Nu kun je tenminste ook die prachtige Gretch zien, die ik samen met Theo bij “Feedback” gekocht heb. Elke dag speel ik er wel even op. Prachtig geluid komt er uit. Theo was zelf zo enthousiast over deze gitaar, dat hij bij de kassa bijna automatisch zijn portemonnee trok en pas toen besefte dat het om mijn gitaar ging.
Een paar dagen later heb ik in Den Haag bij “ Rock Palace” een microfoon en een externe geluidskaart aangeschaft. Een UX1 van Line6. Daar zat ook wat software bij, zodat ik nu via de computer allerlei geluidseffecten kan maken.
Standaard kan ik geen audio installeren op mijn weblog, maar er schijnen wel mogelijkheden te zijn om dit via een omweg te doen. U hoort nog van me.

14 oktober 2010

Detentie

De gangen glimmen en de bureaus zijn netjes opgeruimd. De mensen die er lopen zien er uit zoals jij en ik; vriendelijk en gewoontjes. De vrouw waarmee ik een afspraak heb lijkt me een joviaal type. Ze doet er gelukkig niet moeilijk over dat ik nota bene meer dan een half uur te laat ben. Het enige slappe excuus dat ik heb is dat het detentiecentrum zo godallemachtig ver is weggestopt. Zelfs de straat waaraan het ligt kun je niet met google map vinden.
Ergens in een hoek van het vliegveld staat het tussen de inderhaast aangelegde wegen en de nog in aanbouw zijnde kantoren van andere bedrijven. Er zijn zelfs geen borden die er naar verwijzen. Nee, ze heeft er gelukkig alle begrip voor.
Het centrum in Alphen aan de Rhijn wordt gerenoveerd en daarom zitten ze tijdelijk hier. De bedoeling is voor een jaar, maar het zal wel twee jaar worden, denkt ze.
Nu er een nieuw kabinet is vallen ze straks niet meer onder justitie maar onder het ministerie van immigratie en asiel. Dat betekent dat er op alle postpapier nieuwe logo’s moeten komen. En niet alleen daar. Overal moet “het ministerie van justitie” vervangen worden door “ het ministerie van immigratie en asiel”.
Waarschijnlijk zal het de uitgeprocedeerde asielzoekers en illegalen die op een paar meter van me vandaan zijn opgesloten een rot zorg zijn met welk ministerie ze te maken hebben. Ze hebben wel wat anders aan hun hoofd. Maar voor de organisatie heeft het veel gevolgen.
Ik ben hier op stage bezoek. Het is nog onduidelijk of dit een geschikte plek is. De stagiaire heeft deze plek zelf gevonden, maar in het gesprek met haar begeleidster bleek mij a snel dat ze hier vooral administratief werk doet en dat is niet waarvoor ze wordt opgeleid.
Het is een prettig gesprek. Ik beloof de stagiaire een stagegids toe te sturen en uit te zoeken of dit een geschikte stageplek is en neem afscheid.
Buiten op de fiets kijk ik nog één keer om. Dat het een detentiecentrum is kun je gelijk zien aan de hoge geblindeerde hekken die er om heen zijn gebouwd. Alleen de voorkant van het kantoor is vrijgelaten en ziet er uit zoals elk ander kantoor; een saaie kleurloze gevel met veel glas.
In het kantoor werken gewone mensen zoals jij en ik. Na een lange vermoeiende werkdag gaan ze naar huis en nemen dan de rol aan van liefhebbende vader of moeder, echtgenoot of echtgenote.
In hetzelfde gebouw, maar dan opgesloten, zitten een kleine 500 mensen van alle nationaliteiten die hier niet mogen verblijven. Er zitten complete gezinnen met kinderen tussen, maar ook gevaarlijke criminelen. Zij gaan nergens naar toe of het moet zijn naar één van de vele vliegtuigen die hier staan, die hen dan wegvoeren naar een land waar hen een ongewisse toekomst wacht.
Het regent zachtjes. Morgen vertrekken er weer tienduizenden naar hun vakantiebestemming, want de herfstvakantie begint. Het is een rare wereld.

13 oktober 2010

Anekdotes

Het zijn rare dagen voor de kerst. Terwijl ik met een collega sta te praten en we beiden wachten tot de stoet van voorbijrazende auto’s gepasseerd is, stapt er vlak voor me een vrouw pardoes het zebrapad op. Ze is volkomen ontregeld en in een reflex sta ik naast haar en pak haar bij haar arm. Auto’s wijken uit of geven extra gas om nog even snel langs haar heen te scheuren. Ik trek haar weer de stoep op. Ze heeft een wilde blik in haar ogen. Iedereen kijkt ons aan. Ik verzoek de vrouw om nog even te wachten met het springen voor de auto’s tot ik weg ben. Ik zeg haar dat het mij geen smakelijk gezicht lijkt als zij vlak voor mijn neus wordt aangereden.
Ze zegt niets en doet een halfslachtige poging om zich los te rukken. Ik hou haar stevig vast en hervat ondertussen het gesprek met mijn collega, die verbaasd staat te kijken hoe ik met de situatie omga. Als het licht op groen springt laat ik haar los. Ze loopt in de richting van de metro. Is ze nu van plan om voor de metro te springen? We hopen beiden van niet. Gelukkig moet zij de andere kant uit. Ik kijk nog eens goed naar haar als ze aan de andere kant van het perron staat. Ze lijkt me een geflipte junk, maar evengoed zal er wel iemand zijn die om haar geeft en die het erg zou vinden als zij er uit stapt. Nou ja, zoiets kun je toch niet tegen houden. Maar best is het niet.
Ik heb nog veel meer anekdotes, want er gebeurt elke dag wel wat. Om mensen niet te beschadigen voel ik me wel verplicht om het volgende verhaal een twist te geven.
Een tijdje geleden werd een leerling waarvan ik coach ben de klas uitgestuurd. De betreffende docente verzocht hem over de gebeurtenis een verslagje te schrijven en dat weigerde hij. Toen ik onlangs toch samen met hem een blik wierp in zijn leerlingendossier zagen we beiden dat er een verslag in zat. De leerling was stomverbaasd. Blijkt dat die docente zelf het verslag heeft geschreven.
Logisch dat ik in de lach schoot. In de goeie oude tijd moesten leerlingen op de lagere school soms als straf honderd keer opschrijven ‘Ik moet me netjes gedragen in de klas’. Zou de docente dit ook zelf hebben gedaan als de leerling dit had geweigerd?
Als hekkensluiter nog deze anekdote. Een leerlinge werd tijdens haar stage seksueel geïntimideerd.
Logisch dat zij hier werk van maakte. Met de registratie van haar klacht is het waarschijnlijk verkeerd gegaan, want niet alleen werden de leerlingen die op de kleine stageplek zaten niet weggehaald, maar er werden zelfs nog andere leerlingen naar toe gestuurd. Slordig, maar zoiets kan gebeuren.
Toen ik hier achter kwam heb ik de molen in werking gezet, met als gevolg dat de leerlingen er alsnog binnen enkele dagen werden weggehaald. Laat die man nu tegen de leerlingen gezegd hebben dat hij hen niet meer kon gebruiken en dat hij hen daarom maar beter kon wegsturen. Ze moeten vreemd hebben opgekeken. Sommige van onze leerlingen zijn niet altijd even snel van begrip, maar achterlijk zijn ze niet. En ze wisten alle vier wat de werkelijke reden was. Raar dat zo’n man dan met zo’n smoes komt. Hij had hen natuurlijk gewoon kunnen zeggen dat hij een oude geile eenzame man is en dat men bang is dat hij zijn handjes en opmerkingen niet bij zich kan houden omdat zijn vrouw al sinds vijf jaar op zolder slaapt en hij dol is op die kleine huppelkutjes.
Wat maakt het uit? Ik bedoel, hij stond toch al bekend als viezerik.
Niet dat ik me beter voel dan die man. Het verschil tussen hem en mij is dat ik mezelf niet zal opdringen. Oh, ja. Mijn partner slaapt gewoon naast me. En verder ben ik niet eenzaam. Maar voor de rest…Ach, als je me kent hoef ik niets meer te zeggen.

05 oktober 2010

De mens is een vingerend dier (zo af en toe)

De mens is een dier dat, in uitwerpselen gezeten, droomt van het paradijs.” En "Ik vind dat een mens onder ogen moet zien, hoe oud hij ook is en hoeveel hij ook gestudeerd heeft, dat hij eigenlijk van de hele bliksemse bende niets begrijpt. Ik denk dat dit uiteindelijk een soort boodschap is die ik wil overbrengen." Aldus Piet Vroon, hoogleraar in de psychologie, op 14 januari 1998 dood aangetroffen in zijn huis, slachtoffer van een ongelukkige combinatie van pillen en drank zonder dat duidelijk is geworden of hier sprake was van opzet of een ongeluk. Piet werd 59 jaar. Ja, zo oud ben ik nu ook. Piet was naast psycholoog een begenadigd schrijver. Zijn boek ‘Wolfsklem’ ben ik opnieuw aan het lezen. Toen ik het op 10 oktober 1992 bij Donner kocht heeft Piet het nog gesigneerd.
Ik ben niet zo knap als Piet was, maar ik deel zijn visie op de mens. Als je mijn blog volgt moet dit geen verrassing voor je zijn. Maar ik ben niet het type dat pillen slikt in combinatie met drank. Dat is mij te gevaarlijk. In mijn eentje drinken past niet bij me, al lijkt het mij wel leuk om mij weer eens samen met anderen een stuk in de kraag te drinken op een feest. En daarna ongegeneerd te flirten met alles dat daar beneden niet iets heeft bengelen tussen de benen.
Nee, de zwartgallige opvattingen van Vroon zijn mij niet eens zwartgallig genoeg. Niet alleen dat wij er niets van begrijpen; een ieder die het anders niet begrijpt dan wij slaan wij het liefst de hersens in. Dat mag niet ongestraft in vredestijd, dus we wachten het moment af tot we weer de oorlog in worden gestuurd.
Nee, we deugen niet, maar is dat zo erg? Ik vind van niet. We hoeven gelukkig niets van dit leven te begrijpen om het naar ons zin te hebben. Wat koop je bovendien voor al je begrip?
We hebben het geluk dat we nu leven tussen twee oorlogen. Dat de schappen in de winkels vol zijn. Dat er schoon water uit de kraan komt. Dat onze gezondheidszorg en ons sociale zekerheidsstelsel tot de beste ter wereld behoren. Dat we (bijna) alles ongestraft kunnen zeggen. Dat we leven in een rechtstaat. Verworvenheden waar anderen voor hebben geknokt. Die het waard zijn om opnieuw voor te knokken als men dreigt om ze van ons af te nemen.

Mijn vader had meer pech. Hem hebben ze drie-en-een-half jaar in een krijgsgevangenkamp gestopt. Had-ie natuurlijk ook niet verwacht. Net zo min als ik weet wat mij nog te wachten staat. Maar zolang de beker gevuld is en steeds weer wordt bijgevuld moet je het leven drinken. Bitter en zoet, het is beide goed. Je neemt kennis van alle ellende om je heen, je bent blij dat je nog even wordt overgeslagen, je stort in elkaar van verdriet als jezelf aan de beurt bent, wanhopig vraag je je af waarom juist jou dit moest overkomen, de wond gaat nooit meer dicht, je bent kapot…En voordat de champagnekurken knallen en het nieuwe jaar inluiden ben je al weer vergeten waar je je druk over hebt gemaakt. Tenzij het zo traumatisch is en je leven zo erg heeft ontregeld dat je nog wat langer moet wachten.

Dus geheel in lijn met al deze droefenis en denkend aan al die eenzame meisjes en vrouwen die mogelijk tevergeefs wachten op de prins op het witte paard, lijkt het mij gepast om hier de tekst op te nemen van het ‘vingerlied’. Het leven kan nog zo zinloos lijken, de mens nog zo dom, als God je heeft verlaten en je hebt je vingers nog, dan is er niks aan de hand.

Songtekst: Adele Bloemendaal - "Vingerlied"

Zijn charme moet zeer groot zijn
En in bed spant ie de kroon
Wie is die schone prins
Waar ieder meisje 's nachts van droomt

Dat is je vinger
Je eigen vinger
Dat is de prins, waar ieder meisje
's Nachts van droomt

Die stinkt niet naar jenever
Die kwijlt niet in je nek
Hij doet gewoon z'n werk
En dat doet ie lang niet gek
Je lichaam is een doolhof
Maar hij kent er elke heg
En als moeder plots'ling binnenkomt
Dan stop je 'm even weg

Stel dat je koningin bent
En je man is weer op reis
Wie helpt je dan
Wanneer de grote eenzaamheid verrijst

Dat is je vinger
Je eigen vinger
Die heeft tenminste geen maitresse
In Parijs

De wereld is een rotzooi
Niemand houdt nog van elkaar
Alleen je eigen vinger
Staat altijd voor je klaar
En laat je niets verbieden
Want de priester en de paus
Staan elke nacht tot aan hun knieen
In hun eigen saus

Een vrouw, die zegt "Ik wil niet"
Zegt zoiets niet voor de grap
Soms kost het even moeite
Voor een man dat heeft gesnapt

Maar mijn vinger
Mijn eigen vinger
Heb ik nog nooit de ballen
In z'n maag getrapt

Lala...

04 oktober 2010

Dankzij Geert.

Dat nu juist de man die zich profileert als de voorvechter van het vrije woord voor de rechtbank een beroep doet op zijn zwijgplicht.
Als ik dan toch wat mag zeggen dan hou ik liever mijn mond dicht, zal hij gedacht hebben. Want alles wat ik nu zeg kan en zal tegen mij gebruikt worden.
Bram had natuurlijk ook geen zin om tweede viool te spelen in de rechtszaal. Vandaar zijn advies aan Geert om in zijn eigen belang zijn grote bek nu eens dicht te houden. Het zal niet eenvoudig geweest zijn om hem hiervan te overtuigen en even leek het er toch nog op dat hij zich weer zou gaan verliezen in valse retoriek, toen hij de rechter vergeleek met een lid van D’66. Net als wij allen zit Geert vast aan een rol en ook al zou hij willen (niet dat hij dit wil, maar ‘als’), hij kan nu niet meer terug.
Grapje, beste moslims. Thuis met de gordijnen dicht loop ik ook rond in een burka en dat bevalt mij prima. Mijn beste vrienden zijn moslims, maar vertel het alsjeblieft niet verder.
Dat Geert er in is geslaagd om zowel het CDA als de VVD aan zijn kant te krijgen is een meesterlijke politieke zet. Ik deel de verwachting dat veel kiezers van het CDA en de VVD bij de volgende verkiezingen rechtstreeks op de PVV zullen stemmen (waarvoor hebben zij tenslotten het CDA en de VVD nog voor nodig?) en dat Geert Capo di tutti capi van Nederland wordt.
Prachtig om te zien hoe de zogenaamde liberalen en christenen helemaal de weg kwijt zijn. Wist je dat ik nog nooit zo goed geslapen heb als de afgelopen dagen?
Ik las dat Geert in zijn jonge adolescentie twee jaar in Israël heeft gewoond en het land vele malen heeft bezocht. Zelfs zou hij overwogen hebben om er te gaan wonen, maar de goede God had andere plannen met hem. Die kolonisten redden het wel zonder Geert, moet God gedacht hebben (waarin hij gelijk bleek te hebben). Ik kan hem beter een jachtvergunning geven voor de jacht op moslims.
Nu heeft God het vreselijk druk en soms heeft Hij gewoon geen zin om al te moeilijk te doen. Net als wij stervelingen begint hij soms ergens aan zonder het verder af te maken. Dit laat hij in dit geval dus mooi aan Geert over.
Het is jammer dat Geert zo vaak vergeleken wordt met een fascist of één of andere oorlogsmisdadiger. De man heeft gewoon karakter. Zou jij de hele dag de gevangene willen zijn van een stelletje beveiligers? Zou jij zo impopulair willen zijn en er mee kunnen leven dat zeker de helft van de Nederlanders een hekel aan je heeft?
Vermoedelijk is Geert een beetje sadomasochistisch en krijgt hij een stijve van al deze belangstelling. Niks verkeerds mee. Ieder diertje zijn pleziertje zou ik zeggen. Wat zal die Rita (weet iedereen nog wie zij was?) jaloers zijn op het succes van Geert.
Ja Geert, je mag dan een lul zijn en wij zijn het hartgrondig met elkaar oneens over hoe je met je opvattingen over anderen naar buiten moet treden; je hebt echter wel iets weg van een Tyl Uilenspiegel. En dat mag ik wel. Je toont de mensen hoe arglistig ze zijn en dom. Ik wist dit al, maar jij hebt het nu voor iedereen zichtbaar gemaakt. Waarvoor mijn dank.

29 september 2010

Gitaarman

Dat ik een ondermaatse gitaarspeler ben en niet kan zingen weerhoudt mij er niet van om binnenkort een elektrische gitaar aan te schaffen. Theo, mijn mecenas in woord en daad (Wat kan die jongen ongeremd ouwehoeren met het toetsenbord; hij lijkt mij wel. En zonder hem zou ik nu niet zo'n mooi uitzicht hebben op twee mooie wietplantjes naast mijn bureau. Waarvoor dank.), die Theo dus weet heel veel van gitaren af en adviseert mij bij de aanschaf. Ja, het lijkt wel of ik aan een tweede jeugd ga beginnen. Zeggen ze niet 'hoe grijzer hoe gekker'?
Daarnaast kan ik met mijn vragen terecht bij Erwin, mijn zeer gewaardeerde collega, die als gitarist in de band 'STRAK' speelt en een enthousiast musicus is.
Nee, laat de lange winteravonden maar komen. Ik heb het altijd leuk gevonden om nieuwe dingen uit te proberen. Helaas draait de aarde veel te snel om haar as en zal ik altijd gebrek aan tijd hebben om alles wat mij leuk lijkt te doen.
Soms hoor ik van mensen dat zij hun leven zien als een ramp. En dan heb ik het niet over mensen waarvan je objectief gezien zegt "wat maakt die er een zooitje van". Want dat doen we allemaal wel eens. Nee, ik heb het over gezonde, intelligente mensen, die er vreselijk veel moeite mee hebben dat het leven niet is wat zij er van hadden verwacht en dit niet kunnen accepteren.
Zonde hoor. Het lijkt mij inderdaad een ramp als je niet in staat bent om de zon in het water te zien schijnen. Natuurlijk leven we in een tranendal, maar of je er tot aan je enkels in staat of er kopje onder in gaat heb je vaak zelf in de hand.
Misschien zou ik ook eens wat liedjes moeten schrijven waarbij ik deze stumperds een hart onder de riem kan steken. Maar voorlopig ben ik al heel blij dat ik liedjes van anderen kan naspelen, al is het dan op mijn manier.

26 september 2010

Nu ben ik dus 59

Bedankt, bedankt. Het is leuk om gefeliciteerd te worden. Ook al is het voor mijn 59e verjaardag en was ik gisteren jarig en niet vandaag. Volgens de statistieken heb ik nog 17 jaar en alles daarboven is meegenomen. Die pijn laag in mijn rug heeft niets met ouderdom te maken en is al weer bijna verdwenen. Dat gebeurde de vorige twee keren ook, zo net voor de vakantie. Ouder worden is leuk. Dat de ouderdom met gebreken komt weet ik, maar dat is voor anderen. Volgens Vroon hebben we er door de moderne zorg vier jaar bij gekregen: Twee extra kwaliteitsjaren en twee jaren van misère, waarin parkinson, alzheimer, kanker en beroertes de dienst gaan uitmaken. Per saldo zijn we er dus niets op vooruit gegaan. Ik heb ingetekend voor vier extra kwaliteitsjaren en de misère sla ik over.
 
Posted by Picasa
Toevallig was er op mijn verjaardag een groot gekostumeerd feest in Huize Sandwijck in de Bilt, waar mijn dochter Mirte woont. Wij waren van harte welkom. Het thema was ‘Douwe Dabbert’, welbekend van de Robbedoes. Ik ben gekleed als tovenaar gegaan.  Mijn ene fan heb ik afgebeld en gezegd dat ik niet thuis zou zijn, waarop hij in snikken uitbarstte. Het leven is nu eenmaal hard. Bijgevoegd filmpje geeft een impressie van het feest. De titel klopt niet, maar het is niet anders. Huize Sandwijck moet het zijn.

24 september 2010

Frans

Misschien is het niemand nog opgevallen, maar ik ben een hopeloze romanticus en dromer.
Dit liedje van Frans Halsema vind ik toch zo rete mooi. Jammer dat het bijbehorende filmpje twee keer niks is.
Nu het weer vroeger donker is en de dagen korter worden is het zaak om het in huis extra gezellig te maken. Een bosje bloemen op tafel, gedempt licht, wat melancholische muziek en regen die tegen de ramen striemt roept vanzelf herinneringen op aan de dagen dat de zon nog volop scheen en het leek alsof de zomer nooit voorbij zou gaan. Maar we wisten wel beter...

22 september 2010

Wie kijkt er nog tv?

Televisiekijken is een ramp. De acht en een halve euro die ik er maandelijks aan uitgeef zijn eigenlijk nog teveel. Zo-even ben ik na een kwartier weer afgehaakt. Als ik dan toch naar een film kijken wil kan ik beter een DVD-tje in mijn laptop frommelen.
Dat onze jeugd gerekend wordt tot de zapcultuur is enerzijds natuurlijk te danken aan de vele informatie waarin zij worden ondergedompeld al komen ze vaak droog uit bad. Anderzijds is er een ontstellend gebrek aan boeiende programma's. Gelukkig hebben we internet nog om ons te troosten.

Deelnemer evolueert tot student.

Experimenteren is klooien. En klooien onder druk geeft niet altijd weer wat je voor ogen hebt. Gelukkig heb ik niks voor ogen, behalve misschien een waas van de stick die ik gisteren heb gerookt. Mijn kamer heb ik wel ontlucht, maar schoon is anders. Onze leerlingen die we jarenlang 'deelnemers' moesten noemen heten tegenwoordig 'studenten'. Maar er verandert niets in het onderwijs. Dat blijft ondanks de inzet van velen en alle goeie bedoelingen onder de maat. Ik heb mijn studenten (Ik moet nog even wennen aan het woord, want er zitten er tussen met atavistische trekjes waarin sporen terug te vinden zijn van onze luierende voorouders, die zich beperkten tot maximaal twee uur inspanning per etmaal: poepen, plassen en hun rug krabben, een banaan plukken en verder slapen)verteld dat ik weinig tv kijk, maar vanavond is het toch weer zover. Al sluit ik niet uit dat ik na een kwartier de afstandsbediening weer weg doe, want het meeste van de tv trek je als normaal mens gelijk door de w.c.

21 september 2010

Mooi oud worden

image

 

Gelukkig zag mijn moeder er goed uit toen ik bij haar langs ging vanmiddag. Toen ze onlangs te horen kreeg dat ze parkinson heeft schrok ze natuurlijk vreselijk. Ze zag zichzelf al bibberend en kwijlend in een rolstoel zitten. Geen fijne gedachte. Maar de medicijnen die ze gekregen heeft slaan zo te zien goed aan.
Ik had haar voor het laatst voor de grote vakantie gezien en toen ging het niet zo best met haar. Tijdens de vakantie kwam iedereen die maar even kon tegelijk bij haar langs, want het leek er op dat ze het eindpunt van de reis bereikt had. Vandaag was daar niets meer van te merken.
Nee, de foto hierboven is natuurlijk niet van mijn moeder. Afgezien van enkele haren op haar kin heeft ze geen baard. En zover ik weet is ze ook niet van plan om deze te laten groeien. Deze fantastische foto is gemaakt door Swapan Chaudhur en laat een man in India zien van 107 jaar. Zo wil ik ook worden, dus ik blow nog maar eens stevig door. Misschien zie ik er dan zo al uit voor ik met pensioen ga.

20 september 2010

De volgende stap

De komende tijd ga ik eens lekker experimenteren met mijn blog. Alleen maar tekst en steeds meer van hetzelfde gaat vervelen. De zeurpiet in mij moet maar eens een lange vakantie nemen.

CIMG0373

Lekker ding, toch? Ik had graag geleefd in de tijd van de piraten. Niet dat overbeschaafde van de moderne samenleving, maar in stinkende kleding en met een mes tussen mijn tanden samen met andere bloeddorstige kerels een galjoen enteren.  Met zo’n kop ben je van harte welkom.

14 september 2010

Nu even serieus.

Als je vriendin het Tv-kanaal niet op het A-team zet als je haar dit vraagt, sla je haar gewoon op haar bek. Zeker als het je favoriete serie is en zij dit weet. Dit moet er eerst omgegaan zijn in zijn hoofd, waarna de 73-jarige man de daad bij het woord voegde en zijn 82-jarige vriendin eens lekker stevig op haar gezicht sloeg zodat het bloed uit haar neusgaten spoot.
Verzonnen? Niet alles wat er in de krant staat is waar, maar nu ik door begin te krijgen dat sommigen tot op de drempel van de eeuwigheid afwijkende opvattingen blijven koesteren over hoe je met je medemens om gaat sta ik nergens meer van te kijken. Naast het grote leed stond ook dit kleine leed vandaag in de krant.
Gelukkig was er een happy end, want de vrouw vertelde de politie op het bureau dat ze graag weer met haar vriend naar huis wilde. Nee, zin om aangifte te doen had ze niet. Zo af en toe een stevige dreun op haar hoofd voorkwam dat ze apathisch achter de sanseveria’s ging zitten. Ze liep nu op haar tenen door haar huis, waakzaam om haar heen speurend, altijd klaar om de vaak onverwachte klappen op te vangen. Bestaat er een betere remedie tegen dementie?

Oudjes en kleine kinderen worden vaak vertederend gevonden en het is een goeie gewoonte om ze niet serieus te nemen. Zeker als ze het nog steeds of opnieuw in hun broek doen. Pas sinds kort begint men belangstelling op te vatten voor het grote aantal kindermishandelingen en de misstanden in de ouderenzorg.
Breekt er een tijd aan waarop kleine kinderen en ouderen misschien wel serieus genomen gaan worden? Natuurlijk niet. Wees niet zo naïef. Iedereen in onze westerse samenleving die geen directe bijdrage levert aan economische groei en alleen maar geld kost behandelen we als een tweederangs burger. Het draait altijd weer om geld.
Als zeventienjarige op de grote vaart heb ik diverse malen meegemaakt dat er schatrijke oude vrouwen aan boord waren. Helaas was ik te fatsoenlijk opgevoed om door te hebben dat ik met mijn lekkere bekkie voor die dames een interessant speeltje was. Verder dan een kneepje in mijn wangen en de opmerking “you’re so cute with your million dollar smile; I’me gonna take you home with me” is het nooit gekomen. Deze oudjes hadden poen en werden wel degelijk serieus genomen.
Dus als je weer eens in de krant leest dat een negentigjarige met een honkbalknuppel de recreatieruimte in een verzorgingstehuis heeft verbouwd, bedenk dan dat jij straks die bejaarde kunt zijn.
En je hoeft het niet van je 100-jarige vriendin te pikken dat ze niet naar je luistert. Een stevige knal en ze is weer in het gareel. En zij, zij kan altijd nog wat arsenicum in zijn koffie doen. Respect.

13 september 2010

Goed en kwaad

“Wat had ik graag eens met Hitler gepraat”, zei een leerlinge vandaag tegen mij zomaar uit het niets. Ik vroeg haar om zich nader te verklaren. “Ik vraag me af wat er in zo’n man omging. Hoe hij tot zijn daden is gekomen”, gaf ze als verklaring. Waarop een ander haar aanvulde met “Ik had graag eens met Saddam Hoessein gepraat om dezelfde reden.”
Deze openhartigheid trof me. Samen met de duivel aan tafel zitten en hem vragen wat zijn motieven zijn. En daar zonder vooroordelen naar luisteren. Alsof dat mogelijk zou zijn.
“Hé Lucifer. Hoe komt het toch dat je zo onvoorstelbaar wreed kunt zijn tegen de mensen? Wat is je geheim?”
Er is altijd een fascinatie geweest voor mensen waarvan wij niet begrijpen hoe zij tot hun wandaden zijn gekomen. Alsof het kwaad niet in ons maar buiten ons zit en geïsoleerd kan worden om het vervolgens te bestuderen, zoals in diverse experimenten in de sociale psychologie is gedaan.
Waarbij naar voren kwam dat dit kwaad in ieder van ons zit en dat het de omstandigheden zijn die dit kwaad zichtbaar maken.
Natuurlijk komen deze onderzoeksresultaten degenen die ons besturen en manipuleren niet goed uit. De ‘ander’ is per definitie ‘slecht’ en ‘wij’ zijn ‘goed’. Pas door dit als uitgangspunt te nemen kunnen we vaststellen waar onze vijanden zitten en plannen maken om hen te vernietigen.
Dat we allemaal onze donkere kant hebben zullen weinigen ontkennen (Bovendien zijn dat leugenaars). Maar we hebben geleerd om deze donkere kant te verbergen en alleen te laten zien als de omstandigheden dit sociaal aanvaardbaar maken. Tijdens voetbal. Of in de oorlog. Om maar enkele situaties te noemen waarin we het beest in ons mogen uitlaten.
Wat brengt mensen er echter toe om toe te geven aan hun gewelddadige impulsen op een niet sociaal aanvaardbare wijze?
Gisteren hoorde ik nog van een man in Amerika die zijn familie en zichzelf om het leven had gebracht omdat hij vond dat de eieren te hard waren gekookt. Of te zacht. Daar wil ik van af zijn. Dit zal de aanleiding zijn geweest voor zijn gedrag. Maar hoe kon het dat de druk op de ketel zo groot werd dat hij zich niet meer kon beheersen?

Vandaag blies een 75-jarige marktkoopman zijn huis op en schoot de directeur van de woningbouwvereniging neer, omdat hij die verantwoordelijk hield voor het feit dat hij zijn huis zou worden uitgezet.
Wat ging er om in het hoofd van die man toen hij de gaskraan open draaide? Hoe kwam hij er bij om zijn pistool te trekken?
Ik vermoed dat in een samenleving als de onze er mogelijk velen zijn die met gewelddadige plannen rondlopen waarmee zij niets doen, totdat zij opeens de controle over zichzelf verliezen. Het is maar te hopen dat ze van voetballen houden.

Door het raam zie ik hoe de lucht langzaam betrekt. De buienradar toont een enorm aaneengesloten regenfront dat de kust nadert. Binnen een half uur komt het water naar beneden, wat ik je brom. De natuur is niet goed en niet slecht. Maar al weer regen blijft gewoon vervelend.

08 september 2010

Liever lui dan moe.

Hier is nog eens dat leuke filmpje over de zegeningen van het werk.

F*ck It - watch more funny videos

07 september 2010

Politiek

Het is van alle tijden. Een land moet bestuurd worden en de alfamannetjes staan allemaal te trappelen om de troon te bestijgen of, wat voor de hand ligt, hun opponenten hiervan te weerhouden. Zoals bekend willen zij niet besturen uit honger naar macht maar omdat zij oprecht menen hiermee de gemeenschap een dienst te bewijzen. Of je nu ter linkerzijde, het midden of ter rechterzijde kijkt, altijd weer zie je die opportunistische blik van een miskende bestuurder, die een gewillig oor zoekt voor de wollige prietpraat waarmee hij of zij het nieuwe evangelie wil verkondigen. En het ergst is nog dat ze zo gedreven zijn. Voor een ander evangelie is immers geen plaats. Bovendien staan ze daar niet voor zichzelf hoor. Nee, nee…Ze staan daar omdat anderen hen gevraagd hebben om dat te doen. En wat is er mooier dan gevraagd te worden? Een beetje dankbaarheid tegenover je achterban is dan wel op zijn plaats.
Met de VVD en het CDA straks in de regering met gedoogsteun van Geert staat ons nog wat te wachten. Liberalen, Christenen en Extremisten. Zie hier de ingrediënten voor een recept waarmee je straks het volk weer een sappige kool kunt stoven.
In het rijtje hardwerkende nonvaleurs zie ik geen gezichten die mij enig vertrouwen inboezemen. Rutte lijkt mij het minst onsympathiek. Tussen Wilders en Verhagen kan ik niet kiezen. Als ik verdwaald zou zijn zou ik geen van hen de weg durven te vragen, uit angst dat ik nog erger zou verdwalen.

Ik vind het toch zo jammer dat ons Femke weer geen kans krijgt om mee te regeren. Het zal mijn enorme blinde vlek zijn voor aantrekkelijke vrouwen, maar ik heb nooit een greintje kwaad in die lieverd kunnen bespeuren. Ook had ik graag gezien dat Emile een kans gekregen had om zijn niet geringe achterste te vleien op het Haagse pluche. Maar blijkbaar slaat de boodschap van links minder aan dan die van rechts en hebben we straks een rechtse regering nodig om de stem van links meer volume te geven.
Helaas blijkt steeds weer dat veel mensen vergeten wat hun wortels zijn zodra ze het stemhokje binnenstappen. De meeste PVV-stemmers wonen in wijken met geen of weinig allochtonen, veel VVD-stemmers zijn mensen met een beneden modaal inkomen en CDA-stemmers tref je onder mensen die nergens meer in geloven, maar die ene God voor de zekerheid in de voorraadkast bewaren, want je weet maar nooit. Nee, hier word ik niet vrolijk van. En onze koningin ook niet, want die wordt al buiten spel gezet voordat er een regering is gevormd.

05 september 2010

Wie je bent...

Toen ik laatst weer eens op zoek was naar een esoterisch werkje voor mijn mediamiek getalenteerde vriendin Y. vond ik in een obscuur boekenwinkeltje een dun boekje over de zin van het leven, geschreven door een zekere Kloos Smutzig. Had ik natuurlijk nog nooit van gehoord, maar ik ben een lettervreter en kon het niet laten om er even doorheen te bladeren. Het zwarte boekje met een melancholiek ogende foto van de schrijver op de kaft was hooguit dertig bladzijden dik. Voor een boekje dat de zin van het leven pretendeerde te beschrijven niet erg dik, maar al worden dit soort boekjes door bijna niemand gelezen, er is altijd wel iemand die zichzelf herkent in de schrijver. Dit was ook het geval met mij.
De filosofische en inspirerende tekst die veel onthulde over het gevoelige zielenleven van de auteur sprak me aan. Onwillekeurig moest ik denken aan Peer Meurkoe die destijds mijn leven voor langere tijd op zijn kop had gezet. Hoewel de kans klein is dat dit weer gebeurt (ik ben nu tenslotte gewaarschuwd) is niets uitgesloten.
De stijl in het boekje, dat simpelweg “Wie ben ik?” als titel heeft, is die van een briefwisseling tussen twee vrienden. The Zero is degene die praktisch is ingesteld en Kloos, die zichzelf hier omschrijft als De Ziener, is degene die achter de werkelijkheid zoals wij die ervaren zoekt naar de andere werkelijkheid. Hier volgt een gedeelte uit hoofdstuk 3 (Dit gaat tot de kern en spreekt mij het meest aan), waarin De Ziener aan Thezero heeft laten weten een oude vriend, Harry genaamd, ontmoet te hebben.

The Zero: Een goede vriendin van ons beiden kwam bij een bezoek aan een healer Hekate tegen. Ze zou er niet zo best uit hebben gezien. Heb jij destijds haar vriend Harry geen hoorntjes opgezet?
De Ziener: Wat bedoel je?
The Zero: Je hebt toen toch Hekate geneukt, zijn vriendin?
De Ziener: Dat is al weer zo lang geleden. Toen was ik nog een opportunist en neukte ik sowieso de vriendinnen van al mijn vrienden. Ik vond dat wij alles met elkaar moesten kunnen delen. Harry weet het overigens niet. Vanavond komen hij en zijn vrouw bij ons eten.
The Zero: Kun je deze ook niet neuken? Kan hij ondertussen wat achterstallig onderhoud verrichten aan jullie woning. Harry was toch een handige klusser?
De Ziener: Ik ben niet meer zo lichamelijk als vroeger. Uiteindelijk is gebleken dat de geest toch sterker is dan de materie. Helaas is mijn geest wat warrig de laatste tijd. Ik vermoed dat ik weer in een belangrijke overgangsfase zit.
The Zero: Je bedoelt de Peno-pauze…
De Ziener: Het zijn soms vreselijke gedachten die mij bezig houden. Wanhoop en euforie wisselen elkaar af in korte tijd. Een groot verdriet houdt mijn keel vaak dichtgeknepen.
Als ik mij onbespied waan lopen af en toe de tranen spontaan over mijn wangen, maar ook als we TV kijken en ik zie bijvoorbeeld de ellende in Den Haag en in Pakistan dan hou ik het niet droog.
The Zero: Ja Pakistan, daar hebben ze het ook niet droog gehouden.
De Ziener: Gelukkig zijn er ook momenten dat ik mij volkomen kalm voel, al zit ik dan meestal met glazige ogen voor mij uit te staren.
The Zero: Heb je dan geblowd?
De Ziener: Vreemd genoeg denk ik dan aan heel gewone zaken zoals “Hoe betaal ik mijn rekeningen?” of “Hoe kan ik verlicht worden?”
The Zero: Zit je dan in het donker? Is je stroom misschien afgesloten?
De Ziener: Wij geloven vaak dat wij het allemaal voor elkaar hebben. We vertrouwen er op dat onze geest ons richting zal geven aan ons bestaan. Maar hebben wij eigenlijk wel ergens controle over? Is heel ons denken en voelen net als ons leven hier op aarde niet gewoon een schimmenspel? Is niet alles illusie?
The Zero: Dat je destijds de vriendin van Harry hebt geneukt en hij na al die jaren nu weer in je leven is gekomen lijkt mij geen illusie. Moet je hem eens vertellen wat je toen gedaan hebt. Als hij je dan een blauw oog slaat is dat dan een illusie?
De Ziener: Ik ben de laatste tijd vooral met mezelf bezig.
The Zero: Dat was je vroeger ook al. Je vond jezelf altijd erg belangrijk.
De Ziener: Dat was het beeld dat de buitenwereld van mij had. Niemand vond het nodig om daar doorheen te prikken. Eigenlijk ben ik mijn hele leven lang erg eenzaam geweest. Nu ik ouder ben durf ik daar wel voor uit te komen. Misschien omdat ik mijn hele leven een spel gespeeld heb zit ik nu met de vraag wie ik ben.
The Zero: Weet je zeker dat het zo eenvoudig is? Kan het niet zo zijn dat onzichtbare krachten je op het pad hebben gezet naar verlichting en dat waar je nu doorheen gaat en wat je zo verwart een deel van de weg is die jij nu moet afleggen?
De Ziener: Ik wil stoppen met mezelf en mijn omgeving in de maling te nemen. Mijn geest leidt mij steeds weer weg van het pad dat ik wil gaan en trekt me naar beneden, naar de aarde die ik zo ontrouw ben geweest.
The Zero: Pardon?
De Ziener: Ik heb vaak een spel gespeeld en nu ik oud begin te worden zie ik in dat ik de aarde trouw had moeten blijven. En met de aarde bedoel ik natuurlijk de krachten in mezelf, de krachten die de aarde mij mee heeft gegeven bij mijn geboorte. Als excuus heb ik dat het leven je vaak het zicht ontneemt op wie je in feite werkelijk bent. Ik besef nu dat ik een groot zeurend kind ben dat weer opnieuw vrede moet leren sluiten met zichzelf.
The Zero: Het is allemaal een zaak van acceptatie en vergeving. De dingen zijn zoals ze zijn en we moeten ons zelf vergeven als we daar blind voor zijn.
De Ziener: Zijn er andere werkelijkheden? Is er meer dan dit leven alleen?
The Zero: Ik zou het niet weten en ik hoef het ook niet te weten. Het gewone leven is al ingewikkeld genoeg. Ik zou als ik jou was gewoon eens van je reet afkomen en je handen uit je mouwen steken. De mens is pas mens als hij genoegen kan beleven in zijn eigen schepping. Anders ben je een niks, een nothing, een zero. Al dat pseudo mystieke gelul. Ga eens wat doen…

Ik word ontroerd als ik lees hoe de praktische The Zero aan De Ziener uitlegt dat hij in beweging moet komen. Dat navelstaren het stomste is wat je doen kunt. Ik vind dit van grote wijsheid getuigen. Het gesprek tussen The Zero en De Ziener gaat zo nog enkele bladzijden door. Pas tegen het eind blijkt dat De Ziener de boodschap heeft begrepen. Zijn ogen zijn open gegaan. Hij besluit met:
"Vaak dacht ik verdwaald te zijn, maar dit kwam alleen omdat ik zoekende was. Nu besef ik dat mijn zoeken mijn dwalen was. Ik ben gaan zoeken omdat ik de wereld wantrouwde en dat wantrouwen bleek terecht te zijn. Dit is een wrede wereld en het is niet eenvoudig om onbeschadigd te blijven. Nu ik gestopt ben met zoeken naar het antwoord op het mysterie lijken de antwoorden vanzelf te komen. In de tuin ben ik begonnen een tuinhuisje te maken. Ik geniet van het resultaat en zie dat de antwoorden via mijn handen en niet via mijn hoofd of hart komen. Ik ben mens en schepper. Ik schep mijn eigen verleden, heden en toekomst. Het leven is goed zoals het is. Op elk moment. Mijn pijn is dragelijker geworden nu ik zie dat iedereen zijn pijn heeft. Ik ben niet meer alleen. Oh, ja. De vrouw van Harry heb ik ook geneukt. Dat was een goed advies van The Zero. Gelukkig weet Harry van niks."

31 augustus 2010

Een laatste terugblik.

Het is de laatste dag van de meteorologische zomer. Ik heb het echter niet zo op deze afspraak tussen meteorologen, die om praktische redenen de maanden juni, juli en augustus de zomermaanden noemen en richt mij liever op de astronomische zomer, die nog een paar weken doorloopt.
Het afscheid nemen van de zomer valt me zwaar. Al maakt het kutweer van de afgelopen week het afscheid wat minder moeilijk.
Gisteravond heb ik eindelijk tijd gevonden om mijn foto’s van Engeland op orde te brengen. Het zijn er een kleine 500 en ze hebben natuurlijk alleen voor mij betekenis. De herinneringen aan mijn wandeling kwamen op een aangename manier terug, maar inmiddels is het al weer een aantal weken geleden en wordt het tijd dat ik ook deze periode afsluit.
Maar laat ik dit doen door nog eens op een rijtje te zetten wat mij in Engeland is opgevallen.

Het toiletpapier. In tegenstelling tot de Fransen die, als gevolg van het krantenpapier dat ze gebruiken om hun gat mee af te vegen, allemaal last hebben van kloofjes en aambeien, moeten de billen van de Engelsen zo zacht zijn als babyhuidjes. Wat een heerlijk zacht papier gebruiken de Engelsen. Niet alleen zo hier en daar maar overal. In de goedkope hotelletjes waar ik soms in heb geslapen tot en met de wc’s in de openbare toiletten die je overal aantreft. Dit laatste is trouwens ongelooflijk. Zelfs in dorpjes met nog geen honderd mensen vond ik soms een openbaar toilet. En allemaal gratis. Kom hier eens om in ons eigen land, waar je vaak noodgedwongen de gevels van historische gebouwen aan flarden moet zeiken omdat je nergens een toilet vinden kunt. Ook wel lekker. Nederlanders hebben waarschijnlijk de sterkste sluitspieren ter wereld.
De Engelse behulpzaamheid. Omdat ik nergens accommodatie geregeld had moest ik ’s avonds maar afwachten waar ik zou slapen. Tot drie keer toe werd ik hierbij geholpen door iemand die voor me belde, met me mee ging of me met de wagen bracht. Kom hier eens om in Nederland. Geen slaapplaats? Dikke pech.
De bed & breakfast- cultuur. Kamers ingericht als poppenhuizen. Bedden van watten waarin je bijna werd gesmoord door een teveel aan dekens en kussens. Vaak een ontbijt om van te watertanden, dat je van voldoende brandstof voorzag om zeker vijfentwintig kilometer te lopen. Alleen die smerige worstjes kon ik niet door mijn strot krijgen en ook de bacon vond ik niet altijd goed doorgebakken. Daarnaast vertoonden de gastheren en gastvrouwen een vriendelijke gereserveerdheid met een persoonlijke touch, waardoor je toch het gevoel kreeg dat je welkom was.
Het assortiment in de winkels. Ook daar dezelfde popperigheid die je aantrof op een B&B-adres. Een beetje van dit, een beetje van dat. Alles in kleurige blikjes, potjes, zakjes of flesjes. Engeland is één groot poppenhuis.
De mensen. Wat een vreselijk dikke kerels en wijven ben ik hier tegengekomen. Nu heb ik niks tegen dik, maar als je dan een hele kudde dikkertjes tegen komt die zich ongegeneerd vol zit te proppen met ijsjes en patat vind ik dat bepaald geen smakelijk gezicht. Minpunt.
De Engelse onderbroeken. Noodgedwongen moest ik mijn onderbroeken twee dagen dragen omdat er nergens een fatsoenlijke onderbroek te koop was. Nu lijkt twee dagen niet veel, maar als je er twee dagen in gewandeld hebt ruikt dit niet bepaald fris. Een keurig Hema-broekje heb ik nergens kunnen vinden, al heb ik op de laatste dag in Newcastle alsnog een mooi setje kunnen aanschaffen. Menig Engelsman kleedt zich vermoedelijk thuis alleen in het donker uit of aan. Al was het alleen maar om te voorkomen dat zijn partner hem uitlacht.
Fish and chips. De vis tipt niet aan het Hollandse lekkerbekje en de chips is alleen goed voor de vuilnisbak. Volgens mij heeft fish and chips Engeland naar de rand van de afgrond gevoerd. Want je moet na eten hiervan wel zo gedeprimeerd raken, dat je na enige tijd zelfmoord overweegt. De rillingen lopen over mijn rug als ik er weer aan denk.
De koffie. Als deze gezet is met een percolator smaakt hij uitstekend, maar bijna altijd kreeg ik het vreselijkste bocht voor gezet. Gelukkig drink ik alleen ’s morgens koffie om het lijf wakker te krijgen. Maar wat erg als je niet zonder dat spul kunt en je woont in Engeland. Als je naar Nederland zou vluchten en een verblijfsvergunning aanvraagt omdat je wel eens zin hebt in een goeie bak pleur krijg je die vergunning onmiddellijk.

Ja, Engeland is dus ook niet het land waar ik graag zou willen wonen. Maar je kunt er wel fantastisch wandelen en het land is mooi groen. Met de vele regen die er valt is dat overigens niet zo vreemd

In de herfstvakantie moet Paula werken en als ik die week alleen op vakantie wil gaan zal ik moeten uitzoeken wat de mogelijkheden zijn.
Leuk dat ik het nu al weer over vakantie hebben kan, terwijl ik de vorige vakantie nog niet eens heb verteerd. Zoals ik reeds menigmaal schreef: wat hebben die docenten toch een goed leven. Niet dan?

29 augustus 2010

Op de vlucht en selftalk.

Twee stukjes die niets met elkaar te maken hebben.

Toen ik gisteren op zoek was naar een mogelijkheid om dit jaar de straatbarbeque te ontlopen zag ik dat er ‘s avonds een gratis openluchtconcert was in de Veerhaven in Rotterdam. Het programma zag er goed uit. Allemaal zeer toegankelijke muziek van o.a. Verdi, Offenbach, Mozart, Rossini e.v.a. Dat maakte het ook voor deze cultuurbarbaar erg laagdrempelig. Via Youtube nam ik al vast een voorschot op het programma en dat overtuigde mij dat het de moeite waard was om te gaan.
Paula en ik waren er vroeg genoeg om een zitplaats te kunnen bemachtigen. Van waar we zaten hadden we een uitstekend uitzicht op het Rotterdams Philharmonisch Orkest en de solisten. De presentatrice was in haar welkomstwoord nog optimistisch over de grote opkomst ondanks het voorspelde slechte weer, maar kon niet voorkomen dat, toen er na ongeveer een uur een zware bui met onweer losbarstte, het publiek massaal op de vlucht sloeg. Einde gratis openluchtconcert. Maar we waren door wat we gezien en gehoord hadden allebei voldoende geïnspireerd geraakt en zijn nu van plan het komend cultureel seizoen zo af en toe eens naar een concert te gaan. Tot nu toe beperkten we ons tot de film, een enkele coverband en zo af en toe een toneelstuk of musical.
Achteraf bleek dat ik me in de datum van de straatbarbeque had vergist. Deze is volgende weekend.


Selftalk

Ander onderwerp. Mijn leven is zo ingericht dat ik vaak mensen om mij heen heb, al zijn er gelukkig ook voldoende momenten dat ik alleen ben. Tijdens mijn wandeling in Engeland merkte ik dat het langdurig alleen zijn mij wel goed af ging, maar dat ik al snel in hardop praten tegen mezelf verviel. En als het nu nog diepzinnige gesprekken waren die ik met mezelf voerde zou ik er vrede mee kunnen hebben, maar er kwam tot mijn verbazing vooral bagger over mijn lippen. Terwijl de wind mijn haren streelde en ik mijn gezicht schuin ophief naar de warme zon liep ik te vloeken en geile praatjes te verkondigen. Niemand kon mij immers horen, behalve onze lieve God en die is wel wat gewend.
Ik vroeg mij natuurlijk af waarom ik dit deed en denk dat het gebrek aan sociale controle hier een grote rol in heeft gespeeld.
Vermoedelijk laat “le flic dans ma tête” zich bovendien gemakkelijk uitschakelen als er geen redenen zijn om rekening te houden met de sociale conventies en krijgen mijn zinnelijke impulsen zodoende voldoende ruimte om zich te uiten. En dat is een fijne gedachte, want teveel opgekropte spanning leidt alleen maar tot verkramping. Met name in de ballen.
Een andere verklaring is dat ik op deze wijze geen ruimte open liet voor negatieve gedachten zoals ‘Ik ben hartstikke gek dat ik hier in mijn eentje met een bult aan bagage op mijn rug door Engeland aan het wandelen ben’ of ‘Wat doen mijn voeten toch afschuwelijk zeer. Misschien zou ik er mee moeten stoppen en gewoon toegeven dat het te zwaar voor me is’.
Overigens heb ik al die dagen geen ontmoeting gehad met de ‘trooster’. Waarschijnlijk was ik te moe of vond ik voldoende bevrediging in het wandelen.

28 augustus 2010

Hoe nu verder…

Het is mijn eerste weekend na de vakantie en zoals altijd na elke vakantie is er weer veel werk te verzetten. Zo moet ik mijn foto’s en filmpjes van de C2C-wandeling in Engeland nog bewerken en uploaden, net als die van mijn vakantie bij Buitenkunst in Drenthe en van mijn vakantie met Paula in Nederland.
Aan sommigen heb ik beloofd om foto’s toe te zenden, ook al weet ik dat ze soms niet eens de tijd hebben om ze te bekijken.
Iedereen heeft tegenwoordig al zoveel foto’s en filmpjes van zichzelf, dat de meerwaarde van nog meer foto’s en filmpjes bovendien steeds verder afneemt. Ook hier is het zoals met zoveel andere zaken; we hebben er gewoon teveel van.
Daarnaast wil ik deze weblog nieuw leven inblazen. Hoe ik dat ga doen weet ik nog niet.
Natuurlijk schrijf ik in de eerste plaats voor mezelf. Maar als ik reacties krijg op wat ik heb geschreven doet mij dit altijd wel wat. Enige ijdelheid is mij niet vreemd.
Sinds de moderne media ongekende mogelijkheden bieden om het verhaal van je leven op te dringen aan anderen wordt dit ook van je verwacht. Als je niet wil twitteren wordt dit door sommigen zelfs verdacht gevonden. Je zult dan wel wat te verbergen hebben, denken ze. Terwijl je juist met twitteren volgens mij veel kunt verbergen.
Je PR lijkt belangrijk in een wereld waarin alles snel verandert en waar het hebben van meerdere netwerken waarin je jezelf kunt profileren van invloed kan zijn op het leven dat je leidt. Vandaar dat zo velen een beeld van zichzelf de wereld in zenden via internet. In ieder geval het geflatteerde beeld dat ze graag willen overbrengen van het leven dat ze leiden. Dat dit beeld en de werkelijkheid zoals de maker deze ervaart van elkaar kunnen afwijken moge duidelijk zijn.
Zo ken ik bijvoorbeeld vrouwelijke Hyvers die op hun site prachtige foto’s hebben staan…van andere mooie vrouwen. Zelf zijn de jonge vrouwen van wie deze sites zijn vaak onzeker over hun uiterlijk en voelen ze zich prettig als ze het idee hebben dat anderen in alle opzichten een mooi beeld van hen hebben.
’s Nachts liggen ze zichzelf onder de dekens naar het land van vergetelheid te vingeren. En schamen zich daarvoor, want ze denken dat dit vies is. Terwijl ze alleen eenzaam zijn en geil. Om hiermee naar buiten te komen is echter teveel gevraagd en ik raad het ze ook niet aan.
Ik begrijp het wel. Eenzaam voel ik mij meestal niet. Geil gelukkig wel. Maar in mijn weblog hou ik dat goed verborgen. Misschien zou ik daar wat meer open over moeten zijn.

De dagelijkse routine neemt langzaam maar zeker weer bezit van me. Al staan er voor de komende periode wel een aantal activiteiten op mijn lijstje die nieuw zijn.
Tijdens mijn wandeling van St Bees naar Robin Hood ’s Bay was elke dag anders. Dit dwong me om goed na te denken over wat me te doen stond. Ik wist waar ik heen wilde, maar niet of ik er aan zou komen. Mijn slaapplaats moest ik aan het eind van de dag regelen en dat leverde steeds weer verrassingen op.
Ook bij het wandelen had ik maar een globaal beeld van wat me die dag te wachten stond.
Verdwalen was daar een vast onderdeel bij, alleen wist ik nooit hoe erg het deze keer zou worden. Nadat ik op de tweede dag helemaal van het pad was afgedwaald en mij bijna twee uur uitsluitend op mijn kompas dwars door het heuvelachtige en beboste terrein moest zien te redden, werd ik wat voorzichtiger. Desondanks bleef ik verkeerd lopen. En zonder de hulp van de mensen die mij weer op weg hielpen weet ik niet of ik het had gered. Nadrukkelijk besefte ik voor het eerst hoe hard ik anderen nodig had om mij te helpen mijn doel te bereiken. Ik zag dit als een metafoor voor mijn eigen leven. Daar heb ik ook vaak verzuimd om hulp te vragen als ik er zelf niet meer uit kwam. Terwijl mensen het over het algemeen wel fijn vinden als ze je kunnen helpen. Voor de leerlingen die ik help op te leiden tot dienstverlener is dit zelfs hun belangrijkste drijfveer om dienstverlener te willen worden. Dat beweren ze tenminste.
Over wat zelfstandigheid en afhankelijkheid voor mij betekent heb ik veel kunnen nadenken. Ik ben alleen benieuwd of mijn nieuw verworven inzichten betekenis hebben voor de weg die ik nog te gaan heb. Wordt vervolgd.

23 augustus 2010

Daar is-ie weer.

Als ik uit het raam kijk zie ik hoe donkere grijze wolken met grote snelheid van west naar oost voorbij drijven. Elk stukje blauw dat per ongeluk verschijnt wordt weer snel door de grauwe deken aan het oog onttrokken. Alsof het nog steeds vakantie is.
Zeven weken voelde ik mij bijna als een vroeg gepensioneerde. Als ik al verplichtingen had, dan was ik deze zelf aangegaan. Niemand die enige eisen aan mij stelde. Geen deadlines.
En al het geld dat ik uitgaf werd aan het eind van de maand weer aangevuld door mijn broodheer, die er voor zorgde dat ik nooit zonder kwam te zitten.
Maar ook aan het luxueuze vakantieleventje van deze docent is nu een eind gekomen. Met veel plezier ga ik er straks weer keihard tegenaan. Maar eerst wat moed verzamelen.
De feestelijke jaaropening vanmorgen heb ik deze keer maar overgeslagen. Net als de borrel die er vanmiddag was. Als klapvee ben ik een hopeloze mislukking en netwerken is nooit mijn sterkste kant geweest. Het leek mij beter om mijn tijd te gebruiken voor het wegwerken van wat achterstallig onderhoud. En daarvoor hoefde ik niet naar school, want dat kon thuis ook. Aan het eind van de dag ben ik toch nog even gegaan om de vruchten van mijn noeste arbeid uit te printen en mijn post op te halen.
Inmiddels zijn nagenoeg alle wolken verdwenen en is de volle maan tevoorschijn gekomen. Ze ziet er behaagziek uit. Geen wonder dat bij veel geliefden vannacht de stoppen weer doorslaan.
Ik weet nog niet hoe ik het beste mijn vakantiebelevenissen kan verwoorden. Wie is er nu echt geïnteresseerd in mijn wandeling van de Ierse zee naar de Noordzee, dwars door Engeland? In de twijfel waardoor ik werd bevangen halverwege de wandeling, toen het bloed uit mijn blaren liep?



Mijn andere voet zag er nog rotter uit.

Wie zou er meer willen weten over de extase die mij overspoelde toen ik het einddoel van mijn reis had bereikt na dertien dagen wandelen?
Ik kan mij niet voorstellen dat iemand belangstelling heeft voor mijn vakantie met Paula in Limburg en Overijssel. Al was deze best geil. En de enkeling die nieuwsgierig is naar Buitenkunst kan daar veel informatie over vinden op internet en hoeft daarvoor niet mijn blog te lezen. Al wil ik er eerlijkheidshalve wel aan toe voegen dat ik van het nachtprogramma altijd het meest geniet en laat daar nu niets of heel weinig van te vinden zijn.
Zoals je ziet ben ik weer helemaal terug met mijn praatjes. Nu maar hopen dat ik ook nog wat te zeggen heb.

29 juni 2010

Hoed u voor de luistervink.

Het geluid van de sirene komt naderbij. In de verte zie ik het kanariegeel van een ziekenauto met zwaailicht. De wagens die de kruising blokkeren nemen aarzelend een nieuwe positie in zodat de ambulance er straks langs kan. Ik sta gefascineerd naar het tafereeltje te kijken.
Pas als de wagen vlak voorbij scheurt besef ik een kans gemist te hebben.
Want in mijn tas zit een geweldige geluidsrecorder en als nieuwbakken geluidsjager had ik nu toch mooi het geluid van een ambulancesirene op kunnen nemen. Jammer, maar er komt nog wel een kans.
Een tijdje geleden heb ik zoals bekend een virtuele geluidsstudio op mijn computer geïnstalleerd. Met mijn recordertje heb ik nu ook de gelegenheid om voor de input te zorgen die ik zelf wil en dat schept een wereld van ongekende mogelijkheden.
Het betekent wel dat ik mogelijk wat minder in mijn weblog schrijf.
Nu is het vakantietijd en dan heb je het meestal druk met andere zaken. Vorig jaar heb ik in augustus maar twee keer wat in mijn weblog geschreven en het is wel aardig dat ik toen blijkbaar al vage plannen had om te gaan wandelen in het Lake District, maar er door gebrek aan tijd vanaf zag.
Omdat ik mijn recordertje vooral wil gaan gebruiken om inspiratie op te doen voor mijn weblog is het niet onverstandig om, als ik in de buurt ben, te kijken of toevallig mijn recorder aan staat. Want hoewel deze luistervink geen kwade bedoelingen heeft met wat hij zoal hoort en ziet en het leuk kan zijn om jezelf te herkennen in een verhaaltje op mijn weblog, moet je er misschien niet aan denken dat je herkend wordt door anderen.

27 juni 2010

Voor de laatste keer: Loes.

Paula is een heldin en ik ben een dierenbeul. Zo, het is er uit. De hele wereld mag het weten.
Gisteren zou Loes, onze logeerpoes, weer terug gaan naar haar bazinnetje. De vakantie zat er op en we hadden samen een leuke tijd gehad.
Toen ik gisteravond laat thuis kwam was Loes er tot mijn verbazing nog. Het bleek dat ze zich niet had laten pakken en het hele huis op stelten had gezet. Zo’n poes kan zich overal onder verstoppen en voor zulke grote plompe mensen als wij is dit erg lastig.
Paula en Mirjam hebben het geprobeerd met extra lekkere brokjes en stukjes vis en een ware poezenjacht, maar de poes dacht “bekijk het maar, ik zit hier goed”. Na ruim een half uur gaven ze het op. Eén nul voor Loes.
Vandaag was de herkansing. En nu ging ik mij er mee bemoeien. Ik had een fijne band met Loes opgebouwd en hoopte dat Loes alleen daarom al mee zou willen werken. Mooi niet en ik liep dus even later met een houten ruggenkrabber achter haar aan om haar te pakken te krijgen en later met een bezem. Maar de lieverd was me steeds te slim af.
Met stevig blazen waarschuwde ze me om haar met rust te laten als ik haar weer eens in een hoekje gedreven had. En het leek mij verstandig om naar haar te luisteren. Hele taferelen van open gekrabde armen en bloedende vingers met de tandafdrukken van Loes er in trokken aan mijn geestesoog voorbij. Als ik nou wist hoe ik haar op kon pakken…
Paula en ik zelf vonden het zielig voor het beest, dat natuurlijk in een ogenwenk al haar vertrouwen in mij verloren had. Eerst lekker vertroetelen en nu met de bezem achter haar aan. Niet zo goed voor haar zelfvertrouwen.
Geheel ontdaan kroop ze bij Paula op de bank en die vroeg mij of ik voorlopig even stoppen wilde met de jacht. Nu had ik gisteravond chiwawa gegeten en ik kefte dat ik poes later wel even zou pakken. Alleen wist ik nog niet hoe.
Ik ging voorlopig even wat anders doen en toen ik twee uur later beneden kwam hoorde ik Paula zeggen: “Zo, ik heb hem. Help je me even met de kooi?” Met de ene hand had ze Loes in haar nekvel vast en de andere onder aan de rug. Het arme dier liet zich nu zonder protest in haar kooi helpen. Misschien dacht ze wel: “Had dit nu gelijk gezegd. dan had al die consternatie niet nodig geweest.”
In ieder geval was ik hartstikke trots op Paula, die zelf in haar moedige aanpak het kordate gedrag van haar moeder in noodsituaties herkende. Ik was blij dat ik niet meer de dierenbeul hoefde te spelen. Loes is nu weg en het zal wel even wennen zijn dat ze er niet meer is.
Alleen de muizen vieren feest.

24 juni 2010

Ongeluk

De ziekenwagen zette de sirene uit en stopte achter een politiewagen ter hoogte van een bekende hamburgerzaak op de Coolsingel, waar ze van die heerlijke wraps hebben.
Nee, het ging niet om een acuut geval van voedselvergiftiging. De etenswaren van deze hamburgerzaak zijn erg gewild en daarom is de doorlooptijd van hun snacks groot, wat de kans op bederf klein maakt.
Gisteren uit de koelcel gehaald en naar de hamburgergigant gebracht in een grote truck. Vandaag al over de toonbank met een colaatje of milkshake.
Er was een ongeluk gebeurd en mensen stonden er op de stoep naar te kijken. Ik was natuurlijk nieuwsgierig, maar mijn tram kwam er net aan en die reed sowieso in de richting van het ongeluk. Dus toen ik instapte ging ik zo staan dat ik goed kon zien wat er was gebeurd.
Mijn zucht naar sensatie werd beloond, want toen we langzaam langs de plek van het drama reden zag ik een vrouw met haar gezicht naar beneden op straat liggen tussen de stoeprand en een kleine zwarte personenauto, waarvan de achterbank bezaaid was met kinderspeelgoed en andere spulletjes. Ze had een jurk aan in vrolijke zomerkleuren en haar donkerblonde steile haren bedekten haar gezicht, zodat ik daar niets van kon zien.
Ik had de indruk dat het een kleine vrouw was. Het leek me een jonge moeder, maar dat was natuurlijk maar een idee van me omdat ik kinderspeelgoed in de wagen had gezien. Was zij echter wel de bestuurster? Wie ligt er daar op straat, dacht ik. Zou ze dood zijn?
De ambulancebroeders stonden met de agenten te praten en leken geen haast te maken om de vrouw verder te helpen. Dat zag er niet best uit.
De overige passagiers in de tram besteedden geen aandacht aan het ongeluk. Ik hoorde nog wel iemand roepen “Voetganger aangereden”, maar daar bleef het bij. Het was benauwd warm en de mensen hadden wel wat anders aan hun hoofd.
Die avond op het journaal werd er alleen maar over de kabinetsformatie en voetbal geleuterd en op internet vond ik ook niets terug van wat er was gebeurd.
En ook vandaag heb ik er niets van terug gevonden. Ja, er was natuurlijk wel nieuws over dat vreselijke treinongeluk in Spanje waarbij 12 jongeren de dood vonden. En er was een zielige orka, die uit zee was opgevist en nu in het dolfinarium van Harderwijk op adem mocht komen. Maar van dat ongeluk, waarbij een onbekende jonge vrouw misschien het leven liet, geen woord.
Anoniem liggen te sterven op straat, terwijl de mensen om je heen verder gaan met hun leven. Uit het leven worden gerukt terwijl je je afvraagt wat je die avond gaat eten. Niks bijzonders natuurlijk. Het gebeurt elke dag. Steeds weer opnieuw verbaas ik mij er over dat het einde zo onverwachts kan komen en zo prozaïsch kan zijn.

22 juni 2010

Alleen voor mannen.

Laat ik beginnen om een misverstand de wereld uit te helpen: vrouwen zijn géén mysterieuze wezens. Het zijn geen heiligen en geen hoeren. En als je goed om je heen kijkt zie je dat zij voor meer geschikt zijn dan alleen het moederschap. Veel meer zelfs.
Het onverstandigste wat je misschien een vrouw als man aan kan doen is haar op een voetstuk plaatsen. Haar tot iets bijzonders maken, alleen maar omdat ze vrouw is.
Zij wil normaal behandeld worden en niet als iemand die van een andere planeet afkomstig is. Een beetje extra aandacht wordt meestal wel gewaardeerd, maar overdrijving is dodelijk.
Nog steeds merk ik dat er vele mannen zijn die een compleet vertekend beeld van vrouwen hebben. Sommigen zien hen als een man zonder ballen en weer anderen zien alleen maar ballen. Als mijn hormonen weer eens opspelen kun je mij eerlijk gezegd ook bij deze laatste categorie indelen. Mijn verstand zegt ‘het is een mens’, maar mijn gevoel zegt ‘het is een gleuf’. Er is echter niet veel nodig om de betovering te verbreken. Dat merkte ik weer eens toen ik vandaag in de trein zat.

Er komen vier mooie jonge meiden binnen. Leuk gekleed, mooi gevormd. Ik schuif mijn leesbril naar beneden om ze eens goed te bekijken. Zo’n oude man kan al dat jonge scharrelvlees wel waarderen.
Wat is het hier bloedheet in die kuttrein, zegt degene die voorop loopt en ze gaat aan de andere kant van het looppad schuin tegenover me zitten. Ze heeft een lief gezichtje, maar haar ogen staan dof.
Ik zweet uit m’n reet, krijgt ze als reactie van een van haar vriendinnen.
Gaat die tyfustrein nou nog rijden of hoe zit dat, merkt nummer drie op.
En zo gaat het nog een tijdje door. Kanker dit en tyfus dat. Geen nieuwe woorden waarmee de taal kan worden verrijkt, maar slechts luchtbellen die opborrelen uit het riool.
Stoerdoenerij uit onzekerheid. Meisjes die graag duidelijk zijn maar daar nog een gepaste vorm voor zoeken.
Maar ook hun hormonen regeren. Want als zo’n lieverd een jongen aardig vindt en ze ontdekt dat hij geen prijs stelt op haar grote mond blijkt ze ook nog uit een ander vaatje te kunnen tappen.
Opeens blijkt ze heel gevoelig en begripvol te kunnen zijn. Een en al zachtheid en schoonheid. Niet in de volle zon natuurlijk, maar bij gedempt licht.
Het maakt me niet uit met wie van jullie twee ik ga, zei ooit eens een meisje tegen mij waar ik straal verliefd op was en die, behalve mij, nog een vriend had. Met haar zaadvragende blik maakte ze me duidelijk dat ze zo snel mogelijk een kind wilde hebben. N'importe quoi. Gelukkig is ze met die ander getrouwd, mij aanvankelijk ontroostbaar achter latend. Het duurde toch nog een paar jaar voordat ik besefte dat ik door het oog van de naald was gekropen. Bijna was ik zo stom geweest om met haar verder te gaan en ik was pas twintig. Inmiddels had ik ontdekt dat er nog veel meer leuke meisjes waren.

Het tafereeltje in de trein had me aan het denken gezet over het misverstand man versus vrouw. Zelfs als het hormoonbrilletje waar beide seksen door naar elkaar kijken wordt afgezet, blijft het moeilijk om de ander in de eerste plaats als mens en dan pas als vrouw of man te zien. De natuur heeft daar geen belang bij. Sterker nog, de mensen zelf willen niets liever dan de sekseverschillen benadrukken. Ze houden het misverstand graag in stand.
Eerlijk gezegd vind ik dit wel zo prettig. De geile feestjes in mijn hoofd, waar ik altijd de belangrijkste gast ben, zou ik niet graag willen missen.
Nee, vrouwen zijn geen mysterieuze wezens. Maar ze waarderen het meestal wel als je doet alsof je dat niet door hebt.

20 juni 2010

De subway.

Gelukkig ben ik al weer bijna helemaal opgeknapt. Dat ik gisteren onverwachts door mijn rug ging was natuurlijk vervelend, maar dit lekkere lijf van me herstelt zich blijkbaar weer snel.
Zoals ik al schreef zijn de paar dagen in Londen goed bevallen. Tot nu toe was ik niet zo geïnteresseerd in de vele stedentrips die er worden aangeboden, maar daar kijk ik nu anders tegen aan. Mogelijk dat ik na de grote vakantie wat vaker dit soort uitjes ga maken.

Nog vijf stations en dan moet ik er uit. Anders dan in Nederland zijn de zijkanten van het metrovoertuig in de Londense ondergrondse naar binnen gebogen, zodat het lijkt of we met z’n allen in een gecapitonneerde tunnel zitten. In het midden is de stahoogte maximaal twee meter. De Engelsen zijn niet zo lang als de Nederlanders en voor mij is het ruim genoeg.
Vanaf de plek waar ik zit zie ik bij elk station wisselende tableaux vivants. Er zitten prachtige plaatjes tussen, zowel qua compositie als inhoud.
Twee frêle meisjes in lichtblauwe zomerjurken staren wazig voor zich uit, terwijl drie grote kerels achter hen staan. Eén van hen draagt op zijn spijkerbroek slechts een wit hemd en heeft zich niet geschoren. Hij heeft kolossale bovenarmen. De anderen lijken mij kantoormensen; strak in het pak en hun blikken gericht op het krantje dat ze met één hand vast houden.
De meisjes mogen er dan kwetsbaar en tenger uit zien, ze hebben wel grote borsten en ik slaag er maar niet in om mijn ogen er van af te houden.
Dan is er een omslag en zie ik alleen vijf keurig geklede heren staan, de grootste in het midden en de kleinere meer opzij. Allen houden ze zich met de linkerhand vast en lezen een krantje. Weer even later staan er twee punkers en een moeder met een kinderwagen.
Het gaat maar door. Het meisje tegenover me zit me aan te staren en wendt haar blik zedig af als ik terug kijk. Waar denkt ze nu aan? Wat zijn haar fantasieën? Die van mij zijn meestal hetzelfde, al blijft tegenwoordig een spontane erectie steeds vaker uit. De leeftijd, hè?
Het is bloedheet. Ik zit hier zeker vijftig meter onder de grond. Het is een gigantisch onderwereld vol tunnels en stations. Vanaf straatniveau leiden roltrappen en liften je naar de darmen van Londen. Af en toe zie je een muzikant, die met optimisme in zijn stem de voorbijgangers probeert te verleiden om even naar hem of haar te luisteren, maar de meesten lopen met strakke gezichten door.
Tussen de vaste reizigers vallen de vele toeristen onmiddellijk op. Sommige van hen sjouwen grote koffers met zich mee, anderen dragen rugzakken of kleine schoudertasjes.
Ze kijken meestal anders dan de Londenaren zelf. Minder onverschillig en aandachtig er op lettend wanneer zij er uit moeten.
Al deze mensen zal ik nooit kennen. Daar leef ik te kort voor. Ze hebben net als ik allemaal hun eigen leven en aan het eind wacht hen hetzelfde lot als ik.
Mijn eigen kleine wereldje maakt geen deel uit van dat van hen. Ze weten niet eens wie ik ben. En het zal ze ook worst zijn.
Hoe zou het zijn als ik hier opnieuw zou beginnen? Als ik alles in Holland achter me zou laten en hier een nieuwe start zou maken? Mijn dochter Mirte heeft het gedaan. Bijna zeven jaar heeft ze in Engeland gewoond. Er gewerkt en gestudeerd. Nog steeds mist ze de vele vrienden die ze er heeft gemaakt en als ze straks klaar is met haar studie in Utrecht trekt ze misschien opnieuw de wereld in.
Nee, tenzij het lot mij er toe dwingt om te vertrekken zal ik altijd in Nederland blijven wonen.
Hier is mijn leven en hier voel ik mij prima thuis. Maar zo’n fantasie heeft wel iets. Er zijn genoeg mensen die gedaan hebben waaraan ik even zat te denken.
Ha, halte Hyde Park. Ik moet er uit. De metro rijdt verder en neemt mijn gefantaseerde toekomst met zich mee.

19 juni 2010

Londen

Zo-even bij het uitschudden van een tafelkleed ben ik stevig door mijn rug gegaan. Niemand had mij verteld dat tafelkleden zo gevaarlijk konden zijn. Net als de verlamming in mijn rechterbeen die ik vorige week had bij het opstaan, zal dit ook wel overgaan. Zo’n lijf kan het ineens zomaar laten afweten en daar sta je dan met al je plannen en denk je “Ik zal toch niet dood gaan?”
De timing is gelukkig goed. Dit had ook op de eerste vakantiedag kunnen gebeuren.

In de paar dagen dat ik in Londen was heb ik heel mijn lijstje kunnen afwerken en had ik zelfs nog wat ruimte voor een aantal activiteiten die er niet op stonden.
Omdat het gratis was en ik uit Nederland kom, heb ik drie musea bezocht: het prachtige Natural History Museum waar ik onder andere de dinosaurussen en fossielen heb bekeken; het British Museum waar ik een vluchtige blik geworpen heb op een aantal sculpturen, waaronder de Elgin marbles en natuurlijk het Tate Britain, de vroegere Tate Gallery, waar ik wat langer heb stil gestaan bij de ontroerend mooie schilderijen van de Preraphaëlieten en William Turner.
In het Hydepark heb ik nog even in het zonnetje gelegen en gewandeld door de prachtige rozentuin die er ligt.
In Westminster, met zijn indrukwekkende gebouwen zag ik dat actievoerders een tentenkamp hadden opgezet en spandoeken opgehangen met protesten tegen de oorlog in Afghanistan en het kapitalisme.
 
Posted by Picasa

Een man liep rond met een kartonnen doos over zijn hoofd getrokken, het stilzwijgen symboliserend van de onverschillige massa. Of omdat hij zo lelijk was.
In Chinatown heb ik voor het eerst van mijn leven pannenkoekjes met peking eend gegeten.
Na wat gestoeid te hebben met de pancakes en de oystersauce kwam de vriendelijke serveerster mij helpen en deed ze mij voor hoe ik deze onwaarschijnlijke combinatie naar binnen moest werken.
Op Trafalgar Square, waar de trappen vol zaten met toeristen die zich aangenaam verpoosden in het voorjaarszonnetje, ben ik er even bij gaan zitten. Mijn voeten deden zeer van het vele slenteren en wandelen, dus het kwam goed uit dat het zulk heerlijk weer was.
Met de leerlingen heb ik, na enig aandringen van een propper, in de buurt van Leicester Square de discotheek Metra bezocht. Een afknapper van de eerste orde waar ik het in mijn vorige bijdrage al over heb gehad.
Maar de mooiste ervaring had ik toch wel bij de fantastische musical ‘We will rock you’, die ik onverwachts kon bezoeken in het Dominion theater. Net als ’s middags kwamen de leerlingen gelukkig niet opdagen op de afspraak die ik met ze gemaakt had en na een kwartier gewacht te hebben ben ik in mijn eentje de stad in gegaan. Vijf minuten voordat de musical begon liep ik langs het theater en voor maar 27 pond zat ik even later op vijf á zes meter van het podium. Geweldig.
In 2003 heb ik in het Dominion de musical Grease gezien. De uitvoering die ik later in Nederland zag kon er niet aan tippen. Als je in Londen bent is het niet overdreven om, als je de kans krijgt, even naar het theater te gaan. Ook al heb je in Nederland nog nooit een theater van binnen gezien.
Door de vele indrukken die ik moest verwerken en de lange dagen en korte nachten had ik het gevoel al dagen onderweg te zijn. Het leek wel of ik al op vakantie was.
De leerlingen die ik moest begeleiden zijn hun eigen gang gegaan. Niet omdat ze mij niet mee wilden hebben, maar shopping stond niet op mijn lijstje en museumbezoek niet op het hunne.
Zowel op de heen als de terugreis was het gezellig met hen. Gewoon prima mensen. Ik heb ze nu eens in een andere setting meegemaakt en zij mij en dat zorgt toch voor een aanvulling op de beeldvorming die wij al van elkaar hebben.
Dat we elkaar door een misverstand ’s avonds hebben gemist en niet met elkaar uit eten zijn gegaan is jammer, maar anders had ik nooit zo’n geweldige avond gehad in het theater.
Zo, nu nog maar twee weken en dan begint de echte vakantie. Dit moeten we maar zien als een voorschot hierop.

18 juni 2010

Op weg naar Nederland.

Het is half vijf. Midden in de nacht, om precies te zijn. In het oosten wordt het al lichter. Ik zit achter een computer aan boord van een schip van de Stena Line en ben op weg naar Nederland. Met zes van mijn leerlingen hebben we Londen twee dagen bezocht. De slaap die ik tekort kom haal ik toch deze reis niet meer in en ik besluit daarom om maar wakker te blijven.
Ik heb een geweldige tijd achter de rug en ik hoop dat de leerlingen dit ook kunnen zeggen.
Ik ga het hier nu niet hebben over wat we allemaal hebben gedaan. Eerlijk gezegd weet ik dat van de leerlingen maar in grote lijnen. Je dacht toch niet dat als een soort aanhangwagentje bij ze ben gebleven?
Alleen gisteravond zijn we met elkaar naar een disco geweest en ik ben gelijk weer helemaal genezen. Wat een tering herrie was dat. Muziek van de slechtste soort werd nonstop door de disjoker de dansvloer op gesmeten. Niet dat mijn leerlingen de dansvloer op gingen. Daar was het te druk voor. Een beetje weggedoken zaten we met elkaar aan de kant en omdat je elkaar door het lawaai toch niet kon verstaan verviel een enkeling in een soort van apathische regressie, waarbij hij of zij lethargisch voor zich uit zat te staren. Ik herken dat nog wel van de tijd dat discobezoek tot het vaste weekendprogramma behoorde. Zat je daar maar te wachten op dat knappe meisje dat toch nooit kwam (Ja, nu heeft ze spijt, maar nou is het mooi te laat.) en was je te beroerd om toe te geven dat de sfeer kut was, de herrie elk gesprek onmogelijk maakte en hoopte je maar tegen beter weten in dat het toch nog leuk zou worden.
Wat een verloren dagen waren dat. Maar goed, de leerlingen beweerden dat ze het naar hun zin hadden, al moesten ze voor hun colaatje wel 5 pond betalen. Zelf heb ik wel even gedanst, maar eigenlijk waren het meer een soort stuiptrekkingen die een gevolg waren van de kortsluiting in mijn hoofd als gevolg van een overdosis aan decibels.

Inmiddels ben ik weer thuis. Mijn berichtje was niet door de computer aan boord verzonden. Nu bij deze dan maar. In volgende artikeltjes wat meer over mijn Londense avonturen.

13 juni 2010

Vader

Het gebeurt de laatste tijd wel vaker dat ik met de toekomst bezig ben en dan onverwachts met het verleden geconfronteerd word. Zo was ik bezig met het zoeken van papieren die ik nodig had om Paula aan te melden bij mijn pensioenverzekeraar toen ik een overzicht vond het militaire verleden van mijn vader.
Als klein kind was het mijn grootste wens om later er zo uit te zien als hij. Eigenlijk zoals die man in dat militaire uniform op de foto. En toevallig was dit mijn vader.
 
Posted by Picasa

In juni '36 tekende hij een contract bij het leger voor vijf jaar en vertrok eind september met het Ms "Marnix van St Aldegonde" vanuit Amsterdam naar de Oost.
Pas zeventien jaar later verliet hij de dienst.
Ik zie ook op het overzicht dat hij op 12 januari 1942 krijgsgevangene werd van de Jap. Hij overleefde de hel van het krijgsgevangenenkamp en werd bevrijd op 15 augustus 1945, enkele dagen nadat twee atoombommen de Jap tot overgave had gebracht.
Hij vertelde mij wel eens dat hij hier zijn leven aan te danken had gehad.
Eigenlijk besta ik dus omdat Japan nog net op tijd werd verslagen. Mijn pa vertelde dat slechts 10% van de krijgsgevangenen waar hij mee opgesloten had gezeten het had overleefd.
Vreemd. Als kind ben je niet zo met het leven van je ouders bezig. Maar nu mijn natuurlijke ouders beiden al jaren dood zijn ontdek ik tot mijn verbazing dat ze een gezicht beginnen te krijgen. Misschien dat ouders pas na hun dood voor hun kinderen beginnen te leven...

10 juni 2010

Schoolreisje

Gisteren werd mijn arme lijfje meermalen heen en weer geslingerd, ondersteboven gedraaid, door elkaar geschud, met grote snelheid door de lucht gesmeten en nat gegooid met water. Mijn lichaam heeft deze capriolen lijdzaam ondergaan met angstzweet in de handen en een knoop in de maag. Senioren zijn nu eenmaal niet gebouwd op deze vorm van zelfkastijding die onze jeugd op school zo node mist en dit daarom zelf maar gaat zoeken in een attractiepark.


Gelukkig gebeurde er wat ik had gevreesd. Een klein groepje leerlingen ontfermde zich over mij (“Ach die zielige leraar. Zie hem daar een in zijn eentje voortsjokken in de motregen.”) en zorgde er voor dat het dagje Walibah ondanks mezelf een leuk dagje werd.
Ze namen me mee op safari door het woud van staal dat er was gebouwd en verleidden mij er toe om mij over te geven aan het zinnelijke genot van angst, hoofdpijn en misselijkheid.
Deze laatste twee werden mij gelukkig bespaard, maar vrij van angst was ik zeker niet. En zo kreeg ook ik de stevige portie adrenaline waarop elke parkbezoeker recht heeft.
Eerst waren er natuurlijk de fysieke optaters die ik kreeg in de achtbanen als Robin Hood, Xpress en Megacoaster Goliath en nog enkele andere zes, zeven of achtbanen. En tussen de bedrijven door mocht ik even een nat pak halen in de unieke Splash Battle, Crazy River en El Rio Grande.
Eerlijk gezegd had ik het niet eens overwogen om gebruik te maken van de attracties. Zoiets is voor jonge mensen en die waren er in overvloed. Oudjes zag je niet of nauwelijks.
Maar toen ik werd uitgenodigd om mee te doen kon ik voor mijn gevoel geen nee zeggen.
Het zal vermoedelijk de laatste keer zijn geweest dat ik me zo heb aangesteld. Geef mij de Efteling maar, die is mensvriendelijker.
 
Posted by Picasa

Op de foto’s kun je de Amerikaanse aanpak zien van Waliboe. Je komt binnen in een straat met souvenirwinkels en zaakjes vol zoetigheid. Er staat een oranje konijn naar iedereen te zwaaien. In mijn onmetelijke domheid had ik niet door dat het een kangoeroe was. Daar moest ik op gewezen worden door het beest zelf, dat wel zo aardig was om met ons op een groepsfoto te gaan.
 
Posted by Picasa

De prijzen zijn ook Amerikaans en toen de leerlingen enkele lollies achterover drukten kon ik er alleen maar bewondering voor hebben dat ze niet gepakt werden. Die jongelui toch. Bijna allemaal hadden ze een prima dag gehad. En al was het niet ‘my cup of tea’, ik voelde me zelf ook weer even twintig.

07 juni 2010

Hebben, hebben, hebben…

Het zoontje van de overburen is een vriendelijk manneke. Ik schat hem op 6 jaar.
Sinds kort loopt hij wat vaker bij ons lang het raam en werpt dan een belangstellende blik naar binnen. Alsof er iets op hem te wachten ligt.
Als ik in de keuken bezig ben met het eten en hij komt toevallig voorbij, zwaait hij zelfs. En dat deed hij vroeger nooit.
Wat is er aan de hand? Vanwaar die aandacht? Dat komt omdat Raphael, want zo heet hij, van Paula alle WK-gadgets krijgt die wij hebben gekregen bij het halen van de boodschappen.
Ze heeft hem nu al een paar keer wat toegestopt en bewaart de gadgets in een schaaltje bij het raam. Als het er voldoende zijn en Raphael speelt op dat moment op straat roept ze hem bij zich en glunderend staat hij dan voor de deur te wachten op de buit die hem is beloofd.
Het is vaak van alles wat. Bungles van Super de Boer, WK Handjes van Bas, juichbandjes van de Plus en straks ook de Beesies van Albert Heijn, want die liggen pas sinds vandaag bij de kassa.
Raphael weet niet wanneer hij zijn gadgets krijgt, maar laat niet na ons er aan te herinneren dat ze van hem zijn.
Hij weet inmiddels dat Paula van ons twee de Sinterklaas is. Zelf ben ik niet het type dat kleine kindertjes een aardigheidje toestopt. Bij Albert Heijn merk ik dat de kinderen dit aan me zien. Ze slaan me meestal over bij het vragen. “Dat is die kindonvriendelijke meneer”, zie je ze denken.
Hoewel je vijftien euro aan boodschappen moet halen voor één beesie waren de instructies aan het personeel blijkbaar nog niet binnen, want bij mijn aankopen van nog geen negen euro deed de caissière een stevige greep in een kartonnen doos en stopte mij een handvol beesies toe. Mijn dag kon niet meer stuk.

Kleine groepen jongens en meisjes stonden met een begerige blik in hun ogen bij de deur te wachten op de klanten met hun boodschappenkarretjes. Dat was bij de voetbalplaatjes zo en bij de Beesies heb ik vandaag gezien dat het niet anders is.
Een kennis van me, die vroeger juf was op de lagere school, stond met haar volle boodschappenkarretje tegenover drie kleine knulletjes, die deze aardige mevrouw wel van haar beesies wilden afhelpen.
“Hoeveel heb jij er al?” vroeg ze aan één van de jongetjes. Het was duidelijk dat zij haar beesies niet zomaar weg deed. Je moest eerst een kruisverhoor ondergaan en als je de juiste antwoorden gaf dan kreeg je van haar een beesie. Ik heb er een minuutje naar zitten kijken. Haar vriendelijke glimlach en de toon waarop ze haar vragen stelden imponeerden de jochies, die zwijgend naar haar opkeken, zichtbaar. Als je zelf maar één meter twintig bent en zo’n grote dikke vrouw staat daar met een handvol beesies dan kun je maar beter wat ontzag tonen, zullen ze hebben gedacht.
Misschien had ik mijn beesies op de grond moeten gooien voor hun voeten, zodat ze er om hadden kunnen vechten. Het kwam wel bij me op, maar ik vond het wat lullig voor Raphael. Dit waren de eerste beesies en misschien ook wel de laatste die ik gekregen had. Want of ik de komende dagen meer dan vijftien euro aan boodschappen bij Albert Heijn ga halen is nog maar de vraag. De WK Handjes van Bas vind ik namelijk veel leuker.

05 juni 2010

The penissong

Beter goed gejat dan zelf verzonnen. Deze keer een filmpje dat toch zeker wel een glimlach aan je zal ontlokken. Begrijp je nu waarom onze leerlingen Engels op school krijgen? Deze bijdrage kostte me vijf minuten i.p.v. de twee uur die ik vaak aan mijn blog besteed.




dear penis,
i dont think i like you anymore,
you used to watch me shave,
now all ya do is stare at the floor,
oh dear penis,
i dont like you anymore.

it used to be you and me,
a paper towel and a dirty magazine,
thats all we needed to get by,
now it seems things have changed,
and i think that youre the one to blame,
dear penis,
i dont like you anymore.

he sings

dear rodney,
i dont think i like you anymore,
cos when you get to drinking,
you put me places ive never been before,
dear rodney,
i dont like you anymore.

why cant we just get a grip,
on our man to hand relationship,
come to terms with truly how we feel,
if we put our heads together,
we'd just stay home forever,
dear penis,
i think i like you after all.

oh and rodney,
while you're shaving, shave my balls.

04 juni 2010

Het touw.

Als we nog in de baarmoeder zitten bestaat ons enige speeltje uit de navelstreng, die ons met de buitenwereld verbindt. Het is het laatste waarmee we letterlijk verbonden zijn met onze moeder. Bij onze geboorte wordt deze veilige band doorgesneden.
We krijgen tijdens onze opvoeding slechts een denkbeeldig touw mee dat nergens aan vast lijkt te zitten, maar door het vast te houden hebben we toch het prettige gevoel van houvast.
In de baarmoeder konden we niet verdwalen (een enkeling uitgezonderd), maar daarbuiten wel.
Zonder touw zouden we de weg kwijt raken, zonder dit touw zouden we ons verloren voelen.
Onze hele leven worden we aan dit touw herinnerd, want het touw zit wel degelijk vast. Het zit vast aan alle anderen die in ons hoofd zitten. Onze ouders, onze docenten, onze vrienden… eigenlijk zit het vast aan iedereen die ons weet te vertellen hoe we het beste kunnen leven. Alleen dat beseffen we niet. Ondanks het touw voelen de meeste van ons zich vrij. Pas als we beseffen wie het touw vasthouden worden we opstandig. Pas dan beginnen we aan het touw te rukken. Wie zijn die anderen wel om ons te vertellen hoe we moeten leven!

In Nederland leven we aan de leiband van Amerika. Aan dat land hebben we veel te danken. Net als aan onze ouders. En hoe beter we beseffen dat ons hele denken doordringt is van Amerikaanse waarden en normen, hoe meer we beseffen dat ook Amerika het touw vasthoudt dat ons bij elkaar houdt, hoe bozer we worden op Amerika. We willen vrij zijn zonder te weten wat dit betekent. We willen niet aan de leiband lopen.
“Amerika is de incarnatie van de ondergang zelf. Het zal de hele wereld meesleuren de bodemloze afgrond in”. Was getekend: Henry Miller in ‘De Kreeftskeerkring’ (1980, blz. 87)
En van dezelfde Henry een citaat uit Wikipedia: "I see America spreading disaster. I see America as a black curse upon the world."
Nu had Henry reden genoeg om een hekel aan zijn vaderland te hebben, waar zijn boeken tot 1964 verboden waren omdat ze obsceen werden gevonden. Eén van de redenen waarom hij tot mijn favoriete schrijvers behoort. Daarnaast is deze man gewoon een taalgenie.
Of zijn analyse juist is weet ik niet. Ik kan nog wel meer landen opnoemen die ons misschien in de toekomst een bodemloze afgrond in zullen sleuren. Hierop hebben de Yanks geen patent.
Toen Henry deze woorden schreef was het 1931. Weinig kon hij toen bevroeden dat het in de tweede wereldoorlog juist dankzij de Amerikanen was dat we slechts langs de afgrond scheurden en er niet zijn in gevallen, enkele tientallen miljoenen van onze soortgenoten daargelaten. Ik bedoel, anders hadden we nu een ander volkslied gehad.
In de jaren erna veroverden de hamburger en cola de hele wereld en ook de Amerikaanse normen en waarden kregen op veel plekken voet aan de grond. Want de Amerikanen zijn goede verkopers. Inmiddels lijkt het of je alleen maar voor of tegen Amerika en het Amerikanisme kunt zijn.

Blijf ik toch met de klemmende vraag zitten wat ik met dit touw moet doen. Moet ik er mijn medemens mee redden als deze op het punt van verzuipen staat? Moet ik het gewoon vast blijven houden en er vanuit gaan dat degenen die het ook vast hebben het beste met me voor hebben? Zij hebben immers laten zien dat zij weten hoe ze het beste moeten leven... Of moet ik mezelf er mee opknopen nu ik besef dat ik nooit echt vrij kan zijn?
Het touw maakt het niks uit. In alle gevallen zal het zijn taak zo goed mogelijk doen.
Kun je anderen eigenlijk wel redden? Moet je dat willen? Moet je de band die je hebt met anderen respecteren en ze het touw laten vast houden?
Of moet je leren hoe je het touw los kunt laten zonder te verdwalen?
Vanuit mijn speelse aard bedenk ik gelukkig dat je met een touw ook touwtje kunt springen. Tenslotte is het leven iets om te vieren.