Nu je er toch bent...

Om de een of andere duistere reden zit je nu op mijn weblog. Nu je er toch bent kun je net zo goed een artikeltje lezen en eventueel van commentaar voorzien. En dan fluks weer verder, want het is hier geen parkeerplaats. Groetjes.

Pagina's

29 augustus 2010

Op de vlucht en selftalk.

Twee stukjes die niets met elkaar te maken hebben.

Toen ik gisteren op zoek was naar een mogelijkheid om dit jaar de straatbarbeque te ontlopen zag ik dat er ‘s avonds een gratis openluchtconcert was in de Veerhaven in Rotterdam. Het programma zag er goed uit. Allemaal zeer toegankelijke muziek van o.a. Verdi, Offenbach, Mozart, Rossini e.v.a. Dat maakte het ook voor deze cultuurbarbaar erg laagdrempelig. Via Youtube nam ik al vast een voorschot op het programma en dat overtuigde mij dat het de moeite waard was om te gaan.
Paula en ik waren er vroeg genoeg om een zitplaats te kunnen bemachtigen. Van waar we zaten hadden we een uitstekend uitzicht op het Rotterdams Philharmonisch Orkest en de solisten. De presentatrice was in haar welkomstwoord nog optimistisch over de grote opkomst ondanks het voorspelde slechte weer, maar kon niet voorkomen dat, toen er na ongeveer een uur een zware bui met onweer losbarstte, het publiek massaal op de vlucht sloeg. Einde gratis openluchtconcert. Maar we waren door wat we gezien en gehoord hadden allebei voldoende geïnspireerd geraakt en zijn nu van plan het komend cultureel seizoen zo af en toe eens naar een concert te gaan. Tot nu toe beperkten we ons tot de film, een enkele coverband en zo af en toe een toneelstuk of musical.
Achteraf bleek dat ik me in de datum van de straatbarbeque had vergist. Deze is volgende weekend.


Selftalk

Ander onderwerp. Mijn leven is zo ingericht dat ik vaak mensen om mij heen heb, al zijn er gelukkig ook voldoende momenten dat ik alleen ben. Tijdens mijn wandeling in Engeland merkte ik dat het langdurig alleen zijn mij wel goed af ging, maar dat ik al snel in hardop praten tegen mezelf verviel. En als het nu nog diepzinnige gesprekken waren die ik met mezelf voerde zou ik er vrede mee kunnen hebben, maar er kwam tot mijn verbazing vooral bagger over mijn lippen. Terwijl de wind mijn haren streelde en ik mijn gezicht schuin ophief naar de warme zon liep ik te vloeken en geile praatjes te verkondigen. Niemand kon mij immers horen, behalve onze lieve God en die is wel wat gewend.
Ik vroeg mij natuurlijk af waarom ik dit deed en denk dat het gebrek aan sociale controle hier een grote rol in heeft gespeeld.
Vermoedelijk laat “le flic dans ma tête” zich bovendien gemakkelijk uitschakelen als er geen redenen zijn om rekening te houden met de sociale conventies en krijgen mijn zinnelijke impulsen zodoende voldoende ruimte om zich te uiten. En dat is een fijne gedachte, want teveel opgekropte spanning leidt alleen maar tot verkramping. Met name in de ballen.
Een andere verklaring is dat ik op deze wijze geen ruimte open liet voor negatieve gedachten zoals ‘Ik ben hartstikke gek dat ik hier in mijn eentje met een bult aan bagage op mijn rug door Engeland aan het wandelen ben’ of ‘Wat doen mijn voeten toch afschuwelijk zeer. Misschien zou ik er mee moeten stoppen en gewoon toegeven dat het te zwaar voor me is’.
Overigens heb ik al die dagen geen ontmoeting gehad met de ‘trooster’. Waarschijnlijk was ik te moe of vond ik voldoende bevrediging in het wandelen.

Geen opmerkingen: