Wie denkt dat ik met mijn beschrijving van de informele Buitenkunstprogramma’s een appel doe op onderbuikgevoelens moet ik gelijk geven. Ik ben daar ook niet zo fijnzinnig in. Het misverstand kan hierdoor ontstaan dat je als man maar met je vingers hoeft te knippen en de dames liggen aan je voeten of zitten op hun knieën. Nee, zo werkt dat niet. Tenminste niet altijd.
In elke kleine gemeenschap, ook al is deze tijdelijk, ontstaan de patronen die je overal tegen komt waar mensen op een kleine oppervlakte met elkaar te maken hebben. Waarom zou Buitenkunst daar een uitzondering op zijn?
Het zijn de omstandigheden die het mogelijk maken dat sommige van die patronen meer kans hebben om te ontstaan, terwijl andere patronen juist minder kans maken.
De intensiteit van de contacten, de korte tijd dat je bij elkaar bent, de leuke dingen die je samen doet, de ontspannen sfeer, de alcohol en andere genotsmiddelen en niet te vergeten de mooie nachten met zijn prachtige sterrenhemels zijn hier allemaal debet aan. En natuurlijk de behoefte aan delen met elkaar, liefde en geilheid.
Ik heb er relaties zien opbloeien en stuk zien gaan. Vreemde mensen zien gaan en mensen vreemd zien gaan. Ik heb jaloezie bespeurd en roddels gehoord, maar ook warmte tussen mensen gezien en vriendschappen zien ontstaan. Een heel scala aan menselijke emoties en gedragingen ontvouwt zich in korte tijd en soms kun je er door worden overspoeld. Dit kan zowel gelden voor prettige als onprettige emoties. Positief of negatief: Buitenkunst raakt je.
Eén dag nadat de week bij Buitenkunst is begonnen komt een vrouw het veld op rijden en zet zo’n twintig meter van mij vandaan haar tent op. Ze is groot en stevig en lijkt een ondernemend type. Drie dagen zie ik haar in haar eentje voor haar tentje zitten. Af en toe praten we wat met elkaar. Woensdag zegt ze dat ze hier voor het eerst is en dat zij hier naar toe is gegaan op aanraden van haar vrienden. Ze zit niet lekker in haar vel.
Misschien is Buitenkunst ook niet wat ik zoek, zegt ze. Ze lijkt me heel eenzaam.
Donderdag breekt ze ’s morgens vroeg haar tent af en vertrekt.
Niets is blijvend. Het is zaterdag. Ineens is het voorbij. Tenten worden afgebroken, contactgegevens worden met elkaar uitgewisseld, er wordt afscheid genomen. Een paar dagen later zit je ’s avonds achter je computer terug te blikken, foto’s te bekijken, mensen te mailen en gegevens uit te wisselen via Hyves. Je mist de mensen, je mist het vuur, de bossen en het meertje, de programma’s, je hart is leeg en vult zich soms met tranen.
Dan ontvang je onverwachts een mailtje van iemand waar je een fijn contact mee hebt gehad. Het met tranen gevulde hart maakt een sprongetje en leegt zich. Het verleden herleeft heel even en glipt dan weer door je vingers heen. Wat rest is het toetsenbord en beeldscherm.
Het dagelijkse leven eist alle aandacht op. Klusje hier, praatje daar, filmpje, etentje, werk, collega’s, vrienden, partner…
Buitenkunst is nu alleen een herinnering geworden. Mijn lichaam heeft zich hersteld van het onevenwichtige teveel en te weinig.
Ik voel me weer helemaal het mannetje. Alles heeft een goede plek in mij gekregen. Als ik nu terug kijk vormt er zich een glimlach op mijn gezicht. Ja, het waren fijne weken. Het is niet minder fijn dat ik weer verder kan met het prima leventje van nu.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten