Nu je er toch bent...

Om de een of andere duistere reden zit je nu op mijn weblog. Nu je er toch bent kun je net zo goed een artikeltje lezen en eventueel van commentaar voorzien. En dan fluks weer verder, want het is hier geen parkeerplaats. Groetjes.

Pagina's

16 mei 2010

Lief dagboek.

De marathon van leiden zit er weer op. Aan alle leuke dingen komt helaas een eind. Terug naar het normale leven.
Mijn beste tijd in Rotterdam lag op ongeveer 4½ uur. Als ik niet na zo’n 25 kilometer de man met de hamer was tegen gekomen had ik vandaag een mooi persoonlijk record kunnen neerzetten.
Op de halve marathon liep ik 2.05.34 uur Maar even buiten Leiden begon het grote verzuren. Ik natuurlijk balen. Na de 30 kilometer koos ik er voor om voor het eerst te gaan lopen. Inmiddels had ik ook een blaar gekregen. De behandeling daarvan nam ik zelf ter hand, maar omdat de pijn bleef heb ik er ook nog even naar laten kijken op een eerste hulppost.
Alles bij elkaar leverde dit een tijdverlies op van zo’n 10 minuten.
Hele stukken heb ik vervolgens afwisselend gerend en gelopen. Uiteindelijk kwam na 4.41.15 uur over de finish. Omdat ik onderweg besloot om mezelf niet kapot te lopen, finishte ik weliswaar met de nodige pijn, maar het was niet zo erg als in Rotterdam een paar jaar geleden, waar ik na afloop niet meer kon staan, niet kon zitten en niet kon liggen (dat laatste heb ik overigens niet geprobeerd). Paula stond met kinderen en aanhang bij de eindstreep. Ze waren allemaal beretrots dat deze senior het hem toch maar weer heeft geflikt, de lieverds.
De organisatie was fantastisch en als ik volgend jaar weer de marathon zou lopen, dan weer in Leiden. In Rotterdam kostte de inschrijving € 65,- In Leiden, waar het prijzengeld maar een fractie bedraagt van dat in Rotterdam, slechts € 25,-
Er waren plekken waar je je tas kon afgeven, je kon je er omkleden en douchen en op je startnummer stond je naam. Dus onderweg riepen de mensen “Hup John, je kunt het. Nog maar 10 kilometer” of van die sympathieke opmerkingen. Toen ik de eerste keer bij mijn naam genoemd werd dacht ik in mijn onnozelheid zelfs even dat het een bekende was. En dan reageer je alsof je aangenaam verrast bent, terwijl je jezelf afvraagt wie het is.
Hoewel je massaal start, lopen de meesten de halve marathon. Slechts een paar honderd mensen gaan voor het echte werk.
Je loopt twee keer hetzelfde parcours en dat betekent dat je ook twee keer door het centrum gaat. Overal langs het parcours stonden dweilorkesten en er was zelfs een heus symfonieorkest, dat klassieke muziek speelde.
Het weer was erg goed, al had ik in de open stukken wel last van de stevige koude westenwind die er waaide. Maar we hebben het droog gehouden en met zo’n 13 graden was het ideaal loopweer.
Ik draai eigenlijk te weinig kilometers per week om goed op een marathon voorbereid te zijn. Geadviseerd wordt om minimaal 65 tot 70 kilometer per week te rennen. En dat zo’n vier maanden. Ik kom meestal tot de helft. Ook hou ik mij niet aan een bepaald trainingsschema. Misschien zou ik mij een volgende keer wat professioneler moeten voorbereiden. Ik zal daar nog eens over nadenken. Ik las dat marathonlopers de asociaalste mensen zijn. Zij hebben in hun voorbereiding op de marathon voor niks en niemand tijd. Of ik dat wil?
Na mezelf te hebben verzorgd zijn we op een terrasje neergestreken en later hebben we in de binnenstad pannenkoeken gegeten.
Nu lief dagboek, het was mij het dagje wel. Vind je ook niet dat ik straks voor het afsluiten van de dag een vette pretsigaret heb verdiend?