Volgens onderzoekers zou een half glas wijn per dag tot een verlenging van de levensverwachting leiden met 5 jaar.
Dat mag dan wel een wonder worden genoemd, maar het duurt wel lang voordat dit wonder zichtbaar wordt.
Ik vraag mij als kritische consument natuurlijk gelijk af over welke wijn wij het hebben en hoe groot het glas moet zijn.
Zo-even heb ik een half glas J.P. Chenet op. Een goedkoop wijntje waarmee je de smaak van wat duurdere wijnen prima mee kunt wegspoelen.
Hoeveel risico loop ik om alcoholist te worden als ik elke dag een half glas wijn drink?
Of ben ik dan al een alcoholist?
Nee, dan een fles wijn. Die doet wonderen. De wereld lijkt er toegankelijker door, net als de mensen. Je wordt er door in staat gesteld om de diepste gesprekken te voeren, een bevlogenheid te tonen die je gesprekspartners in verrukking brengt en die ze doet verlangen naar meer van je, ze willen je totaal bezitten. En je laat ze deze illusie net als aan een visser die een geweldige karper verspeelt maar thuis vertelt hem met veel moeite gevangen te hebben. Je zorgt dat je op tijd weg zwemt en er geen spoor achter blijft in het heldere water.
Ja, een fles wijn doet wonderen. Je houdt van de mensen en voelt hoe ze jouw liefde voor hen met je delen. In mijn vakanties heeft een flesje wijn mij menig wonder laten zien. En ik heb daar nooit een kater aan over gehouden.
Nu je er toch bent...
Om de een of andere duistere reden zit je nu op mijn weblog. Nu je er toch bent kun je net zo goed een artikeltje lezen en eventueel van commentaar voorzien. En dan fluks weer verder, want het is hier geen parkeerplaats. Groetjes.
Pagina's
30 april 2009
24 april 2009
Hoe populair is populisme?
Als mensen in een samenleving zelf stoppen met denken en anderen dit voor hen laten doen gaat het met die samenleving niet zo best.
De geschiedenis levert daar legio voorbeelden van.
De machteloosheid en woede die er bij iedereen leeft is wel begrijpelijk. Natuurlijk worden we genaaid en sommigen van ons vinden dat helaas erg lekker. Die willen dat alles zo blijft zoals het is.
Mij zul je niet horen zeggen dat er niets moet veranderen. Maar je lot in handen leggen van iemand die zegt voor jou de oplossing te hebben is naïef. Of het nu een Jan Peter, een Wouter of een Geert is. Zij kunnen niets oplossen. De problemen waarvoor wij staan zijn grensoverschrijdend. Het water komt door het plafond en de fundering begint te rotten. De genoemde heren kunnen de gevel wel willen opknappen maar op het verval dat zich hier achter afspeelt hebben ze niet veel greep.
Dan maar met z'n allen de Maas inspringen? Lijkt me niet. Gewoon door gaan met ademhalen, goed voor jezelf en degenen die je lief zijn blijven zorgen, lid worden van Greenpeace en Milieudefensie, glas naar de glasbak brengen, zorgen dat je haar goed zit, niet teveel meepraten met anderen maar jezelf een mening vormen, weten wanneer je jezelf serieus moet nemen en wanneer niet, autoriteiten wantrouwen totdat is gebleken dat dit niet altijd nodig is en vooral goed kauwen, want een slechte stoelgang vertroebelt de geest. Lees even mee.
Het politieke draagvlak van partijen is beweeglijker dan ooit. Partijen winnen en verliezen steun in fors tempo en er is geen enkele zekerheid dat snel gewonnen terrein niet ook heel snel weer ingeleverd moet worden. Rita Verdonk kon eind 2008 op bijna 20 zetels rekenen, nu rest er slechts nog 1. Geert Wilders groeide sinds het begin van 2009 van 10 naar 26 zetels.
In het zoeken naar verklaringen voor die dynamiek en in het bijzonder de opkomst van de PVV, valt nogal eens de term populisme. Er bestaat een breed gevoel dat politici die zich afzetten tegen de gevestigde Haagse orde kunnen rekenen op succes in de peilingen.
Daarom hebben we in het kader van onze Politieke Barometer deze week nader onderzoek verricht naar het fenomeen populisme. We hebben de Nederlandse kiezer een groot aantal vragen voorgelegd die een indruk geven van de omvang van populistische gevoelens, waarbij we hebben gekeken naar aspecten als de behoefte aan sterk leiderschap, meningen over het luisteren naar burgers, mogen zeggen wat je denkt en de politieke omgangsvormen.
61% heeft behoefte aan sterke leider met veel bevoegdheden
Het draagvlak voor een sterk leiderschap met veel bevoegdheden is momenteel opvallend groot. Maar liefst 61% van alle kiezers is van mening dat Nederland daar behoefte aan heeft. Onder de aanhang van de PVV is dat gevoel het sterkst ontwikkeld (83%), maar ook bij de VVD (69%), de SP (65%) en het CDA (64%) is er grote steun voor deze gedachte. Bij de PvdA (50%), D66 (49%) en de CU (46%) leeft het wat minder sterk. Alleen voor GroenLinks lijkt men de traditionele democratische waarden nog echt te koesteren: slechts een minderheid (35%) loopt warm voor sterke leiders met veel bevoegdheden.
Voor het volledige artikel met de grafiekjes kijk je even hier.
De geschiedenis levert daar legio voorbeelden van.
De machteloosheid en woede die er bij iedereen leeft is wel begrijpelijk. Natuurlijk worden we genaaid en sommigen van ons vinden dat helaas erg lekker. Die willen dat alles zo blijft zoals het is.
Mij zul je niet horen zeggen dat er niets moet veranderen. Maar je lot in handen leggen van iemand die zegt voor jou de oplossing te hebben is naïef. Of het nu een Jan Peter, een Wouter of een Geert is. Zij kunnen niets oplossen. De problemen waarvoor wij staan zijn grensoverschrijdend. Het water komt door het plafond en de fundering begint te rotten. De genoemde heren kunnen de gevel wel willen opknappen maar op het verval dat zich hier achter afspeelt hebben ze niet veel greep.
Dan maar met z'n allen de Maas inspringen? Lijkt me niet. Gewoon door gaan met ademhalen, goed voor jezelf en degenen die je lief zijn blijven zorgen, lid worden van Greenpeace en Milieudefensie, glas naar de glasbak brengen, zorgen dat je haar goed zit, niet teveel meepraten met anderen maar jezelf een mening vormen, weten wanneer je jezelf serieus moet nemen en wanneer niet, autoriteiten wantrouwen totdat is gebleken dat dit niet altijd nodig is en vooral goed kauwen, want een slechte stoelgang vertroebelt de geest. Lees even mee.
Het politieke draagvlak van partijen is beweeglijker dan ooit. Partijen winnen en verliezen steun in fors tempo en er is geen enkele zekerheid dat snel gewonnen terrein niet ook heel snel weer ingeleverd moet worden. Rita Verdonk kon eind 2008 op bijna 20 zetels rekenen, nu rest er slechts nog 1. Geert Wilders groeide sinds het begin van 2009 van 10 naar 26 zetels.
In het zoeken naar verklaringen voor die dynamiek en in het bijzonder de opkomst van de PVV, valt nogal eens de term populisme. Er bestaat een breed gevoel dat politici die zich afzetten tegen de gevestigde Haagse orde kunnen rekenen op succes in de peilingen.
Daarom hebben we in het kader van onze Politieke Barometer deze week nader onderzoek verricht naar het fenomeen populisme. We hebben de Nederlandse kiezer een groot aantal vragen voorgelegd die een indruk geven van de omvang van populistische gevoelens, waarbij we hebben gekeken naar aspecten als de behoefte aan sterk leiderschap, meningen over het luisteren naar burgers, mogen zeggen wat je denkt en de politieke omgangsvormen.
61% heeft behoefte aan sterke leider met veel bevoegdheden
Het draagvlak voor een sterk leiderschap met veel bevoegdheden is momenteel opvallend groot. Maar liefst 61% van alle kiezers is van mening dat Nederland daar behoefte aan heeft. Onder de aanhang van de PVV is dat gevoel het sterkst ontwikkeld (83%), maar ook bij de VVD (69%), de SP (65%) en het CDA (64%) is er grote steun voor deze gedachte. Bij de PvdA (50%), D66 (49%) en de CU (46%) leeft het wat minder sterk. Alleen voor GroenLinks lijkt men de traditionele democratische waarden nog echt te koesteren: slechts een minderheid (35%) loopt warm voor sterke leiders met veel bevoegdheden.
Voor het volledige artikel met de grafiekjes kijk je even hier.
23 april 2009
We pikken het niet langer.
We zijn de barricaden weer op gegaan. Meer dan 100.000 handtekeningen hebben we verzameld. We pikken het niet langer. Afgelopen moet het zijn. Wij zijn mondige volwassenen en wij willen dat er serieus naar ons wordt geluisterd.
Gaat het hier over een petitie om Geert Wilders alsnog voor de rechter te krijgen wegens het tegen elkaar opzetten van bevolkingsgroepen? Of om Corus geen boete van € 20.000,- maar van € 20.000.000 te geven wegens het vervuilen van het milieu? Of is het misschien een petitie om Nout Wellink van de Nederlandsche Bank alsnog de laan uit te sturen, omdat veel gedupeerde beleggers vinden dat hij mede schuldig is aan het ontstaan van de financiële crisis in Nederland? Nee, nee en nog eens nee.
Het gaat er om dat Sesam Straat weer om 18.30 uur moet worden uitgezonden en niet om 17.30 uur. De kleintjes moeten vlak voordat zij naar bed gaan voor de TV gezet kunnen worden, zodat pap en mams de rommel van de avondmaaltijd nog even kunnen opruimen.
Om 17.30 uur willen we eten. Dat lukt niet altijd want soms staan we dat laatste kleine stukje naar huis nog in de file, samen met de andere ouders uit de straat die net als wij hun peuter van de peuterspeelzaal hebben gehaald. Geen groter drama voor de kleine als het eerste stuk van Sesam Straat gemist wordt. Daar kunnen later grote problemen uit voortkomen. Spijbelen en zo. School niet afmaken. Werkeloosheid en een slecht huwelijk.
Voorlezen doen we niet want zo’n kind vindt Bert en Ernie veel leuker. Daar kan geen voorleesmama of voorleespapa tegen op. Bovendien zijn we moe, hebben we er de pest in, willen we het journaal om 18.00 uur zien met het bordje op schoot en dat gaat allemaal niet als we eerst nog naar Sesam Straat moeten kijken om 17.30 uur.
De 71-jarige Aart Staartjes, die in het programma de norse Meneer Aart speelt, maakte eerder bekend uit Sesamstraat te zullen stappen als het programma uitgezonden blijft worden om 17.30 uur. Als zo’n beroemdheid hiermee dreigt dan moet het wel ernstig zijn.
Actievoerster Hildi Glastra van Loon, een onderwijzeres uit Amstelveen, zal desnoods minister Plasterk om hulp vragen want, zegt zij, dat is zo’n aardige man.
Ja, die Hildi weet van wanten. Misschien zou ik haar de vacatures van ons ROC op kunnen sturen. Zulke collega’s, die weten wat echt belangrijk is, zijn bij ons altijd van harte welkom.
Gaat het hier over een petitie om Geert Wilders alsnog voor de rechter te krijgen wegens het tegen elkaar opzetten van bevolkingsgroepen? Of om Corus geen boete van € 20.000,- maar van € 20.000.000 te geven wegens het vervuilen van het milieu? Of is het misschien een petitie om Nout Wellink van de Nederlandsche Bank alsnog de laan uit te sturen, omdat veel gedupeerde beleggers vinden dat hij mede schuldig is aan het ontstaan van de financiële crisis in Nederland? Nee, nee en nog eens nee.
Het gaat er om dat Sesam Straat weer om 18.30 uur moet worden uitgezonden en niet om 17.30 uur. De kleintjes moeten vlak voordat zij naar bed gaan voor de TV gezet kunnen worden, zodat pap en mams de rommel van de avondmaaltijd nog even kunnen opruimen.
Om 17.30 uur willen we eten. Dat lukt niet altijd want soms staan we dat laatste kleine stukje naar huis nog in de file, samen met de andere ouders uit de straat die net als wij hun peuter van de peuterspeelzaal hebben gehaald. Geen groter drama voor de kleine als het eerste stuk van Sesam Straat gemist wordt. Daar kunnen later grote problemen uit voortkomen. Spijbelen en zo. School niet afmaken. Werkeloosheid en een slecht huwelijk.
Voorlezen doen we niet want zo’n kind vindt Bert en Ernie veel leuker. Daar kan geen voorleesmama of voorleespapa tegen op. Bovendien zijn we moe, hebben we er de pest in, willen we het journaal om 18.00 uur zien met het bordje op schoot en dat gaat allemaal niet als we eerst nog naar Sesam Straat moeten kijken om 17.30 uur.
De 71-jarige Aart Staartjes, die in het programma de norse Meneer Aart speelt, maakte eerder bekend uit Sesamstraat te zullen stappen als het programma uitgezonden blijft worden om 17.30 uur. Als zo’n beroemdheid hiermee dreigt dan moet het wel ernstig zijn.
Actievoerster Hildi Glastra van Loon, een onderwijzeres uit Amstelveen, zal desnoods minister Plasterk om hulp vragen want, zegt zij, dat is zo’n aardige man.
Ja, die Hildi weet van wanten. Misschien zou ik haar de vacatures van ons ROC op kunnen sturen. Zulke collega’s, die weten wat echt belangrijk is, zijn bij ons altijd van harte welkom.
22 april 2009
Klonen
Poging om mens te klonen mislukt, lees ik op internet. Dat is nou pech. Ik kan mij voorstellen dat het echt niet lang meer zal duren of wij zijn omgeven door duplo’s. In een niet al te verre toekomst zit ik in de trein op weg naar huis en komt er een aantrekkelijk meisje tegenover mij zitten. Ze heeft zwart haar, blauwgrijze ogen, een mooie rechte neus, volle lippen en ziet er zelfverzekerd uit.We babbelen wat en als ik uitstap en haar verder een goede reis toe wens vind ik het jammer dat ik niet honderd jaar jonger ben.
Ik pak de tram en kom tot mijn verrassing het meisje van zo-even tegen. Alleen is ze anders gekleed. Ze doet alsof ze me niet kent. Ik wil me niet opdringen en laat haar met rust. Hoe ze zich zo snel heeft omgekleed is mij een raadsel. En ik dacht toch echt dat ze in de trein was blijven zitten.
Ik stap uit bij de supermarkt, kijk nog even over mijn schouders naar haar maar geen blik van herkenning.
Ik haal mijn boodschappen en als ik af wil rekenen zie ik haar opnieuw. Ze vraagt of ik koopzegels wil, maar ik kan geen stom woord uitbrengen en schud mijn hoofd. Ik krijg het benauwd en voel steken in mijn borst. Frisse lucht.
Hevig in de war kom ik thuis. Er staan twee fietsen voor de deur. Angelique, de nieuwe collega van Paula, komt vanavond bij ons eten. Beiden zijn wijkverpleegkundigen.
Ik zie haar al zitten in de huiskamer. Zwart haar, blauwgrijze ogen…en terwijl het zweet mij uitbreekt staat ze op en geeft mij een hand. “Hallo, wat leuk” en ze wendt zich tot Paula. “Ik kwam je vriend vanmiddag al toevallig tegen bij een bezoek aan mevrouw Wiersma.”
Ze kijkt me aan en zegt “Wel fijn dat je moeder zo dicht bij woont”. Ik durf haar niet te zeggen dat mijn moeder al vijftien jaar dood is en dat ik mevrouw Wiersma niet ken. Ik draai mij om en ga naar boven. De tranen biggelen over mijn wangen. Morgen meld ik me voor de rest van de week ziek.
Ik pak de tram en kom tot mijn verrassing het meisje van zo-even tegen. Alleen is ze anders gekleed. Ze doet alsof ze me niet kent. Ik wil me niet opdringen en laat haar met rust. Hoe ze zich zo snel heeft omgekleed is mij een raadsel. En ik dacht toch echt dat ze in de trein was blijven zitten.
Ik stap uit bij de supermarkt, kijk nog even over mijn schouders naar haar maar geen blik van herkenning.
Ik haal mijn boodschappen en als ik af wil rekenen zie ik haar opnieuw. Ze vraagt of ik koopzegels wil, maar ik kan geen stom woord uitbrengen en schud mijn hoofd. Ik krijg het benauwd en voel steken in mijn borst. Frisse lucht.
Hevig in de war kom ik thuis. Er staan twee fietsen voor de deur. Angelique, de nieuwe collega van Paula, komt vanavond bij ons eten. Beiden zijn wijkverpleegkundigen.
Ik zie haar al zitten in de huiskamer. Zwart haar, blauwgrijze ogen…en terwijl het zweet mij uitbreekt staat ze op en geeft mij een hand. “Hallo, wat leuk” en ze wendt zich tot Paula. “Ik kwam je vriend vanmiddag al toevallig tegen bij een bezoek aan mevrouw Wiersma.”
Ze kijkt me aan en zegt “Wel fijn dat je moeder zo dicht bij woont”. Ik durf haar niet te zeggen dat mijn moeder al vijftien jaar dood is en dat ik mevrouw Wiersma niet ken. Ik draai mij om en ga naar boven. De tranen biggelen over mijn wangen. Morgen meld ik me voor de rest van de week ziek.
20 april 2009
Vader & zoon
Toen mijn zoon Jasper van mij hoorde dat ik vroeger moeite had met het aanhouden van relaties en deze vooral zag als 'therapeutisch' moest hij lachen. "Dus je bedoelt dat je niet gemakkelijk was in je relaties?" Nee, dat was ik toen niet. En dat ben ik nu soms nog niet. Het heeft heel wat jaartjes geduurd voordat ik in staat was om een langdurige relatie op te bouwen. Paula zegt dat ik 'bindingsangst' had. Het zal wel. Nu Jasper even een dipje heeft in zijn relatie herken ik in hem mijn zorgen die ik destijds had over mijn onvermogen een relatie vast te houden. Als ik nu om mij heen kijk zijn veel van de mensen die ik vroeger als een koppeltje kende niet meer bij elkaar. Zouden zij vroeger ook 'bindingsangst' gehad hebben? En zijn zij nu van hun angsten bevrijd? Of alleen maar van hun partner?
Ik denk dat het de chemie is die mensen bijeen houdt of uit elkaar drijft. Sommigen zijn makkelijker in staat om een relatie aan te gaan en te behouden dan anderen. Dat is waar. Maar mensen moeten bij elkaar willen passen en bereid zijn om te investeren in elkaar. Iets wat je samen doet. En ze moeten in staat zijn om te incasseren. Niet na een ruzietje boos weglopen. Dat is flauw. Nee, kom maar op met je shit. Dan kom ik straks...
Toen hij weer naar zijn eigen huis ging wenste ik mijn zoon veel wijsheid en geluk. Want met wijsheid alleen kom je er soms niet. Je hebt ook wat geluk nodig.
Ik denk dat het de chemie is die mensen bijeen houdt of uit elkaar drijft. Sommigen zijn makkelijker in staat om een relatie aan te gaan en te behouden dan anderen. Dat is waar. Maar mensen moeten bij elkaar willen passen en bereid zijn om te investeren in elkaar. Iets wat je samen doet. En ze moeten in staat zijn om te incasseren. Niet na een ruzietje boos weglopen. Dat is flauw. Nee, kom maar op met je shit. Dan kom ik straks...
Toen hij weer naar zijn eigen huis ging wenste ik mijn zoon veel wijsheid en geluk. Want met wijsheid alleen kom je er soms niet. Je hebt ook wat geluk nodig.
15 april 2009
Onderbuik.
Om duidelijk te maken dat ze het ‘gevoel’ zo belangrijk vinden praten sommige vrouwen over het ‘onderbuikgevoel’. Als het daar niet lekker zit dan hebben ze het idee dat er ‘iets’ niet goed is en dat het misschien wel verstandig is om een eerder genomen besluit alsnog terug te draaien. “Nee, volgens mij moet het toch anders. Het voelt niet lekker.” Geen macht ter wereld ontfutselt ze nog een zinnig argument. De onderbuik heeft een besluit genomen.
Zo zei een vrouw tegen me dat ze haar onderbuik net weer had ontdekt. Ik kreeg er wazige beelden bij.
Dat werd niet minder toen ze zei dat er een leerling was die een sterk onderbuikgevoel bij haar opriep. Ik moest even denken aan mijn onderbuikgevoel toen ik vandaag tegen een jonge schaars geklede leerling zei dat ze er zo luchtig uitgekleed uitzag. Ik wilde natuurlijk zeggen dat ze er luchtig aangekleed uitzag, maar mijn onderbuik was me voor geweest. Lastige situatie en je kan dan maar het best doen alsof je niets hebt gezegd.
Mijn onderbuik vergat me te waarschuwen toen Paula mij maar aan bleef kijken met een grote lach op haar gezicht toen ik na een lange werkdag thuis kwam. “Zeker blij dat ik weer thuis ben” was alles wat ik kon bedenken.
Natuurlijk had ik moeten zien dat ze naar de kapper was geweest. Maar zoals bijna altijd moest ze me er weer op wijzen. Wat kon ik anders doen dan schaapachtig grijnzen en zeggen dat het erg goed zat. “Wat ben je toch een plurk” was haar reactie.
Ja, die onderbuik. Het lijkt mij wel fijn als die van mij wat duidelijker is en mij waarschuwt als dit nodig is. Kan ik mijn hersens wat extra vakantie gunnen.
Zo zei een vrouw tegen me dat ze haar onderbuik net weer had ontdekt. Ik kreeg er wazige beelden bij.
Dat werd niet minder toen ze zei dat er een leerling was die een sterk onderbuikgevoel bij haar opriep. Ik moest even denken aan mijn onderbuikgevoel toen ik vandaag tegen een jonge schaars geklede leerling zei dat ze er zo luchtig uitgekleed uitzag. Ik wilde natuurlijk zeggen dat ze er luchtig aangekleed uitzag, maar mijn onderbuik was me voor geweest. Lastige situatie en je kan dan maar het best doen alsof je niets hebt gezegd.
Mijn onderbuik vergat me te waarschuwen toen Paula mij maar aan bleef kijken met een grote lach op haar gezicht toen ik na een lange werkdag thuis kwam. “Zeker blij dat ik weer thuis ben” was alles wat ik kon bedenken.
Natuurlijk had ik moeten zien dat ze naar de kapper was geweest. Maar zoals bijna altijd moest ze me er weer op wijzen. Wat kon ik anders doen dan schaapachtig grijnzen en zeggen dat het erg goed zat. “Wat ben je toch een plurk” was haar reactie.
Ja, die onderbuik. Het lijkt mij wel fijn als die van mij wat duidelijker is en mij waarschuwt als dit nodig is. Kan ik mijn hersens wat extra vakantie gunnen.
14 april 2009
Wat als je de slaap niet vatten kunt?
Als de slaap niet komen wil, al ben je nog zo moe, ja eigenlijk ben je uitgeput en je ziet aan de wijzers van de klok dat er al weer een kwartier voorbij is, na tweehonderd ben je gestopt met het tellen van schaapjes hoewel je door wilde gaan tot duizend en je vindt jezelf een slappeling, je blaas staat op springen na het tweede glas warme melk, net nu je een beetje aan het wegzakken was moet je er weer uit en door de donkere gang zoek je de deur van het toilet, het is pikdonker maar het licht moet uitblijven anders ben je straks helemaal wakker, hè dat lucht op en je sloft weer terug naar je bed en met de dekens over je heen getrokken ga je in je favoriete slaaphouding liggen, je zweet, je zweet al sinds je in bed ligt en je lakens voelen klam en je denkt “dit wordt niks”…
Ja, als de slaap niet komen wil, ook al heb je God om vergeving gevraagd voor alle zonden die je hebt begaan, alle zonden die je had willen begaan maar nog niet begaan hebt en die je misschien nog begaan zal, al is dat nog niet zeker, je twijfelt, als je niemand kan vinden die je nog net dat laatste duwtje wil geven is het lastig, dan gaat het niet door, je ziet er van af omdat je eigenlijk een goed mens bent en te laf om zonder die kleine aanmoediging je in het verderf te storten, wel zo verstandig want het leidt tot niets en dat weet je…
Ja, als de slaap niet komen wil en je beseft opeens dat je een atheïst bent, een ongelovige, jou maken ze niets wijs, de God met de grote ‘G’ bestaat niet en je denkt aan de god met een kleine ‘g’ waaraan je niet kunt ontsnappen want dat is het goddelijke in jezelf en je herroept je verzoeken om vergeving aan God met een grote ‘G’, want als atheïst wil je Hem niet tot last zijn, dat moeten anderen maar doen die wel in Hem geloven en je richt je tot jezelf en vraagt om vergiffenis en vergeving wordt je gelijk geschonken, maar dat was nu ook niet de bedoeling want je hebt nog niet genoeg geleden vind je, al is zo’n slapeloze nacht ook geen pretje…
Ja, als de slaap niet komen wil. Er is al weer een kwartier voorbij. Je schuift het gordijn opzij en ziet de maan vol aan de hemel staan en je denkt aan degene van wie je houdt, je partner, een minnaar of minnares misschien, je geniet er van dat je nog wakker bent, wat een prachtige maan en wat fijn dat je geliefde er is.
Je kruipt in bed en besluit om wakker te blijven. Het is zo fijn om aan die ander te denken. Dat doe je veel te weinig. Je hebt nu alle tijd…En met tegenzin val je alsnog in slaap.
Ja, als de slaap niet komen wil, ook al heb je God om vergeving gevraagd voor alle zonden die je hebt begaan, alle zonden die je had willen begaan maar nog niet begaan hebt en die je misschien nog begaan zal, al is dat nog niet zeker, je twijfelt, als je niemand kan vinden die je nog net dat laatste duwtje wil geven is het lastig, dan gaat het niet door, je ziet er van af omdat je eigenlijk een goed mens bent en te laf om zonder die kleine aanmoediging je in het verderf te storten, wel zo verstandig want het leidt tot niets en dat weet je…
Ja, als de slaap niet komen wil en je beseft opeens dat je een atheïst bent, een ongelovige, jou maken ze niets wijs, de God met de grote ‘G’ bestaat niet en je denkt aan de god met een kleine ‘g’ waaraan je niet kunt ontsnappen want dat is het goddelijke in jezelf en je herroept je verzoeken om vergeving aan God met een grote ‘G’, want als atheïst wil je Hem niet tot last zijn, dat moeten anderen maar doen die wel in Hem geloven en je richt je tot jezelf en vraagt om vergiffenis en vergeving wordt je gelijk geschonken, maar dat was nu ook niet de bedoeling want je hebt nog niet genoeg geleden vind je, al is zo’n slapeloze nacht ook geen pretje…
Ja, als de slaap niet komen wil. Er is al weer een kwartier voorbij. Je schuift het gordijn opzij en ziet de maan vol aan de hemel staan en je denkt aan degene van wie je houdt, je partner, een minnaar of minnares misschien, je geniet er van dat je nog wakker bent, wat een prachtige maan en wat fijn dat je geliefde er is.
Je kruipt in bed en besluit om wakker te blijven. Het is zo fijn om aan die ander te denken. Dat doe je veel te weinig. Je hebt nu alle tijd…En met tegenzin val je alsnog in slaap.
13 april 2009
Bergwandeling
Vandaag had ik het liefst een bergwandeling gemaakt. Over kronkelende paden, waar hier en daar het smeltwater van de hoger gelegen sneeuwvelden en gletsjers langs en overheen loopt en waar het indringende paarsblauwe van de gentiaan en het geel van de genista je zo in vervoering brengen dat je vergeet dat je de berg op gaat, het uitzicht is ook zo overweldigend mooi, je betrapt jezelf er op dat je neuriet en je zou nog uren door kunnen gaan, maar daar achter die rots zie je in de verte de berghut al waar je naar op weg bent en je besluit om straks met een koud pilsje in de zon te gaan zitten, want dat heb je wel verdiend. Nee, een bergwandeling zit er helaas niet in. Ik hou het maar bij een biertje.
12 april 2009
Scheetkussen: subtle butt
Ooit wel eens van een 'scheetkussen' gehoord? Tot vandaag misschien niet, maar dit bestaat echt. Het is een klein stukje weefsel gemaakt van koolstof dat je in je ondergoed kunt plaatsen. Bij een windje neemt het plaatje de geur op en heeft niemand hier last van.
Om toeschouwers aan te trekken kunnen fans van "Lake Elsinore Storm", een team uit de minor league baseball, op 'fat tuesday' elke week tegen een gereduceerde prijs zoveel eten als ze willen.
Zij doen dit dan ook in overvloede met een enorme hoeveelheid darmgassen tijdens de wedstrijden tot gevolg. Om de spelers te ontzien, geeft de club de eerste 250 supporters een ‘Subtle Butt’. De ploeg is het volgens NBC Connecticut namelijk zat om elke dinsdag in de odeur van de aanwezigen te zitten.
Een butt plug zou mogelijk ook een oplossing zijn geweest, al zit dat misschien niet zo lekker.
Nu vraag ik me af of een dergelijke 'subtle butt' ook gewoon bij ons in de winkels te koop is. Het lijkt me namelijk een leuk kado om zowel weg te geven als te mogen ontvangen.
"Hallo mensen. Hier zijn we weer. Nee, deze keer geen bloemen maar voor jullie allebei een 'subtle butt'. Paula en ik dragen er zelf ook een. Kom maar op met die uiensoep". Ja, dankzij het scheetkussentje wordt het leven met onze medemens weer een stukje dragelijker.
Om toeschouwers aan te trekken kunnen fans van "Lake Elsinore Storm", een team uit de minor league baseball, op 'fat tuesday' elke week tegen een gereduceerde prijs zoveel eten als ze willen.
Zij doen dit dan ook in overvloede met een enorme hoeveelheid darmgassen tijdens de wedstrijden tot gevolg. Om de spelers te ontzien, geeft de club de eerste 250 supporters een ‘Subtle Butt’. De ploeg is het volgens NBC Connecticut namelijk zat om elke dinsdag in de odeur van de aanwezigen te zitten.
Een butt plug zou mogelijk ook een oplossing zijn geweest, al zit dat misschien niet zo lekker.
Nu vraag ik me af of een dergelijke 'subtle butt' ook gewoon bij ons in de winkels te koop is. Het lijkt me namelijk een leuk kado om zowel weg te geven als te mogen ontvangen.
"Hallo mensen. Hier zijn we weer. Nee, deze keer geen bloemen maar voor jullie allebei een 'subtle butt'. Paula en ik dragen er zelf ook een. Kom maar op met die uiensoep". Ja, dankzij het scheetkussentje wordt het leven met onze medemens weer een stukje dragelijker.
11 april 2009
Even een straatje om.
Ga je met me mee? Hallo, ga je met me mee? Ik heb geen zin om er vannacht uit te moeten. Ja, het regent. Ik heb ook geen zin. Kom op, we gaan. Kom eens overeind. Lukt het een beetje? We worden stram. Blijf even stil staan. Zo, ik heb je weer gevangen.Ik neem de paraplu mee. Het regent echt heel hard. Het is niet anders. Ik heb geen zin om te wachten tot het droog is. Wacht even, dan doe ik de deur dicht. En nu even stevig doorlopen. Kan het wat sneller? Of ga ik te snel? Loop eens door, oudje. Hé, nog even wachten. Op het gras. Op het gras, zeg ik. Schiet eens op. Zo, dat ging maar net. Goed zo. Goed zo.
Eigenlijk is het best wel lekker. Het regent haast niet meer. We lopen nog even langs de andere kant. Kom maar mee. En niet stiekem nog even op het pad schijten. Dat is niet sjiek.
Zo, dat is weer goed gegaan. Geef me je arm maar. Je bibbert. Ja schat, ik weet dat je er niets aan kan doen dat je incontinent bent tegenwoordig, maar zoals ik je al zei, ik heb er geen zin in om er vannacht uit te moeten.
Eigenlijk is het best wel lekker. Het regent haast niet meer. We lopen nog even langs de andere kant. Kom maar mee. En niet stiekem nog even op het pad schijten. Dat is niet sjiek.
Zo, dat is weer goed gegaan. Geef me je arm maar. Je bibbert. Ja schat, ik weet dat je er niets aan kan doen dat je incontinent bent tegenwoordig, maar zoals ik je al zei, ik heb er geen zin in om er vannacht uit te moeten.
09 april 2009
Er komt een dag...
"Still round the corner there may wait
A new road or a secret gate
And though I oft have passed them by
A day will come at last when I
Shall take the hidden paths that run
West of the Moon, East of the Sun."
— J.R.R. Tolkien
Mooi, hè? Pas vier jaar nadat ik deze prachtige tekst was tegengekomen nam ik de moeite om te kijken wie de maker was. Tot mijn verbazing bleek het Tolkien te zijn.
Yes, the road will never end...
A new road or a secret gate
And though I oft have passed them by
A day will come at last when I
Shall take the hidden paths that run
West of the Moon, East of the Sun."
— J.R.R. Tolkien
Mooi, hè? Pas vier jaar nadat ik deze prachtige tekst was tegengekomen nam ik de moeite om te kijken wie de maker was. Tot mijn verbazing bleek het Tolkien te zijn.
Yes, the road will never end...
Mensenmannetjes en mensenvrouwtjes
John is een mensenmannetje. Er zijn ook mensenvrouwtjes. Die zijn anders dan mensenmannetjes, maar ze lijken van buiten wel veel op elkaar. Al denken zij zelf van niet. Als ze zijn ingepakt is het soms moeilijk te zien wie er een mannetje is en wie een vrouwtje. Zeker als ze de op dezelfde wijze zijn ingepakt. Alleen als ze niets aan hebben zijn er wel enige verschillen te zien.
Bij mannetjes is de voorkant tamelijk plat als ze nog jong zijn, terwijl de meeste vrouwtjes er twee bultjes hebben. Mannetjes willen daar graag aan zitten, maar dat vinden de vrouwtjes meestal niet goed. Voor één mannetje maken ze soms een uitzondering en die mag dan af en toe eens met de bultjes spelen of er op sabbelen. Een paar minuten per dag of per week. Als ze elkaar al vele jaartjes kennen wordt er minder gefoezeld.
Een ander verschil is, dat de mannetjes een klein staartje tussen hun benen hebben slingeren, dat echter soms als een klein stokje vooruit steekt. Vrouwtjes hebben daar niets, maar als je goed kijkt, dan zie je toch een spleetje, dat verscholen gaat achter een bosje haar. Tenzij dit natuurlijk weg is gehaald. Want dan dan zijn de wat gerimpelde huidplooitjes beter zichtbaar. Verder zijn de mannetjes meestal wat hoekiger dan de vrouwtjes. Maar buiten dat is het verschil niet zo erg groot. Niet zo groot als tussen een mannetje en een organisme dat een geluid maakt, dat klinkt als “waf, waf, waf” en of tussen een vrouwtje en een wezentje op vier pootjes, dat scherpe tanden heeft en dat “miauw, miauw” doet.
De vrouwtjes hebben hoge stemmetjes als ze nog jong zijn. Ook ruiken ze dan nog lekker, maar dat verdwijnt als ze ouder worden. Niet dat ze echt gaan stinken. Gelukkig niet. Maar ze ruiken dan een beetje zuur en zien er ook niet zo fris meer uit. Het worden bloemen, die te lang in een vaas hebben gestaan.
John heeft zijn mooiste tijd wel gehad. Om te voorkomen dat ook hij zuur gaat ruiken gaat hij twee keer per dag onder de douche. Dat helpt wel een beetje, maar zijn buikje krijgt hij er niet mee weg. Daar moet hij meer voor doen. John gaat af en toe rennen. Nergens heen, natuurlijk. Zomaar de polder in. En als hij weer thuis is en gedoucht heeft, ziet hij er lekker fris uit. Als hij dan in de spiegel kijkt, is hij erg tevreden over zichzelf. John is een mensenmannetje met een klein buikje.
Bij mannetjes is de voorkant tamelijk plat als ze nog jong zijn, terwijl de meeste vrouwtjes er twee bultjes hebben. Mannetjes willen daar graag aan zitten, maar dat vinden de vrouwtjes meestal niet goed. Voor één mannetje maken ze soms een uitzondering en die mag dan af en toe eens met de bultjes spelen of er op sabbelen. Een paar minuten per dag of per week. Als ze elkaar al vele jaartjes kennen wordt er minder gefoezeld.
Een ander verschil is, dat de mannetjes een klein staartje tussen hun benen hebben slingeren, dat echter soms als een klein stokje vooruit steekt. Vrouwtjes hebben daar niets, maar als je goed kijkt, dan zie je toch een spleetje, dat verscholen gaat achter een bosje haar. Tenzij dit natuurlijk weg is gehaald. Want dan dan zijn de wat gerimpelde huidplooitjes beter zichtbaar. Verder zijn de mannetjes meestal wat hoekiger dan de vrouwtjes. Maar buiten dat is het verschil niet zo erg groot. Niet zo groot als tussen een mannetje en een organisme dat een geluid maakt, dat klinkt als “waf, waf, waf” en of tussen een vrouwtje en een wezentje op vier pootjes, dat scherpe tanden heeft en dat “miauw, miauw” doet.
De vrouwtjes hebben hoge stemmetjes als ze nog jong zijn. Ook ruiken ze dan nog lekker, maar dat verdwijnt als ze ouder worden. Niet dat ze echt gaan stinken. Gelukkig niet. Maar ze ruiken dan een beetje zuur en zien er ook niet zo fris meer uit. Het worden bloemen, die te lang in een vaas hebben gestaan.
John heeft zijn mooiste tijd wel gehad. Om te voorkomen dat ook hij zuur gaat ruiken gaat hij twee keer per dag onder de douche. Dat helpt wel een beetje, maar zijn buikje krijgt hij er niet mee weg. Daar moet hij meer voor doen. John gaat af en toe rennen. Nergens heen, natuurlijk. Zomaar de polder in. En als hij weer thuis is en gedoucht heeft, ziet hij er lekker fris uit. Als hij dan in de spiegel kijkt, is hij erg tevreden over zichzelf. John is een mensenmannetje met een klein buikje.
08 april 2009
Nu even niet.
Wat heb ik toch een geweldig leven. De laatste rekeningen van de voorjaarsvakantie moeten nog binnen komen en ...hop, daar hoef ik weer een paar dagen niet naar mijn baas omdat het paasvakantie is.
En leuk. Er gaat eigenlijk geen dag op de afdeling voorbij zonder vrolijkheid. Wij docenten lachen wat af. Als het niet om de toetsresultaten van de leerlingen is dan wel om de lessen die wij moeten verzorgen. En wat dacht je van de verzoeken die door het management aan ons worden gedaan? Hilarisch gewoon.
Nee, hoor. Natuurlijk maak ik maar een grapje. Flauw van me. Na het bekijken van de toetsresultaten voelen wij ons soms diep ongelukkig. Wij klampen elkaar wanhopig aan en schudden meewarig ons hoofd. Zijn al onze inspanningen dan voor niets geweest? Hebben we echt geen leerling zo ver kunnen krijgen dat deze zijn boek open deed? Al was het alleen maar om even aan de inhoud te ruiken?
De lessen die wij moeten geven en waarvan de handleidingen soms door onze collega's geschreven zijn zien we vaak als een uitnodiging om het beste van ons zelf met anderen te delen. "Heb je de handleiding van die-en-die al gelezen voor dat-en-dat? Vind je het ook geen meesterwerk? Wat een heldere taal, wat leuk en inspirerend geschreven."
Maar helemaal stil worden we als we van het management het verzoek krijgen om de zaken weer eens anders aan te pakken. En dat we dit vooral moeten doen naar eigen inzicht. Maar wel binnen de grenzen van de missie en het beleid. Briljant gewoon. Op zulke dagen hangt er bijna een gewijde sfeer in de docentenkamers. Alsof ons het laatste inzicht is geopenbaard.
Hè. Ik moet eens ophouden. Waarom doe ik nou zo lullig als ik ècht meen dat ik als docent een wereldbaan heb? Dan hoef ik toch niet ironisch te zijn?
Natuurlijk wel. Want van wat hier staat geschreven is alles een beetje waar en een beetje niet waar.
Zo kan ik de vele vakanties die ik heb gelukkig altijd cash betalen. Niks rekeningen achteraf.
Zo wordt er soms gelachen maar ook diep gezucht als leerlingen in al hun onnozelheid toegeven dat ze 'het' niet geleerd hebben en dat dit verklaart waarom ze een onvoldoende hebben behaald. Alsof ze een voldoende zouden hebben behaald als ze de leerstof wel hadden doorgenomen. Terwijl het duidelijk is dat, als je zo dom bent om niet te leren voor een toets, je vermoedelijk dom genoeg bent om ook een onvoldoende te halen als je wel leert. Nee, ga jij maar wieberen.
Dan het geven van lessen. Het is echt beschamend dat er zo weinig middelen beschikbaar worden gesteld die aansluiten bij de technische mogelijkheden en de belangstelling van de leerlingen. Alsof er gewoonweg geen computers bestaan.
Nee, daar lachen wij niet van harte om maar met tegenzin. Grote mensen huilen immers niet.
En dan ons management. Ik doe weer eens lullig terwijl het juist zo goed gaat. Ik bedoel, wat zit ik toch onaardig te doen? Deze mensen doen toch ook gewoon hun werk?
Er hangt helemaal geen gewijde sfeer bij ons in de docentenkamers als wij weer eens het verzoek krijgen om de boel opnieuw anders aan te pakken. Sommigen vloeken dan de boel bij elkaar. Dat is meer in de buurt van de werkelijkheid.
Maar het management is er niet op uit om het de mensen moeilijk te maken. Hou toch op. Ze proberen een doorgeefluik te zijn van wat er in de samenleving aan behoeften worden geuit. Misschien verzetten zij zich wel tot het uiterste en doen zij hun best om de vernieuwingen buiten de deur te houden (Verklaart dit het gebrek aan computers, printers en kopieerapparaten?). Weet ik veel. Goede managers beschermen immers hun personeel (lees de managementshandboeken er maar op na) en doen er heel veel aan om ze tevreden te houden. Gewijde stiltes noch gevloek zijn op hun plaats als zij hun werk trachten te doen binnen de kaders die hen dit mogelijk maken. Hoed af voor deze zwoegers. Voor deze mollen die ons in het duister voor gaan op zoek naar het licht.
Rest nog één vraag. Waarom heb ik dit toch allemaal hier neer gezet? Was ik misschien weer hard aan vakantie toe?
En leuk. Er gaat eigenlijk geen dag op de afdeling voorbij zonder vrolijkheid. Wij docenten lachen wat af. Als het niet om de toetsresultaten van de leerlingen is dan wel om de lessen die wij moeten verzorgen. En wat dacht je van de verzoeken die door het management aan ons worden gedaan? Hilarisch gewoon.
Nee, hoor. Natuurlijk maak ik maar een grapje. Flauw van me. Na het bekijken van de toetsresultaten voelen wij ons soms diep ongelukkig. Wij klampen elkaar wanhopig aan en schudden meewarig ons hoofd. Zijn al onze inspanningen dan voor niets geweest? Hebben we echt geen leerling zo ver kunnen krijgen dat deze zijn boek open deed? Al was het alleen maar om even aan de inhoud te ruiken?
De lessen die wij moeten geven en waarvan de handleidingen soms door onze collega's geschreven zijn zien we vaak als een uitnodiging om het beste van ons zelf met anderen te delen. "Heb je de handleiding van die-en-die al gelezen voor dat-en-dat? Vind je het ook geen meesterwerk? Wat een heldere taal, wat leuk en inspirerend geschreven."
Maar helemaal stil worden we als we van het management het verzoek krijgen om de zaken weer eens anders aan te pakken. En dat we dit vooral moeten doen naar eigen inzicht. Maar wel binnen de grenzen van de missie en het beleid. Briljant gewoon. Op zulke dagen hangt er bijna een gewijde sfeer in de docentenkamers. Alsof ons het laatste inzicht is geopenbaard.
Hè. Ik moet eens ophouden. Waarom doe ik nou zo lullig als ik ècht meen dat ik als docent een wereldbaan heb? Dan hoef ik toch niet ironisch te zijn?
Natuurlijk wel. Want van wat hier staat geschreven is alles een beetje waar en een beetje niet waar.
Zo kan ik de vele vakanties die ik heb gelukkig altijd cash betalen. Niks rekeningen achteraf.
Zo wordt er soms gelachen maar ook diep gezucht als leerlingen in al hun onnozelheid toegeven dat ze 'het' niet geleerd hebben en dat dit verklaart waarom ze een onvoldoende hebben behaald. Alsof ze een voldoende zouden hebben behaald als ze de leerstof wel hadden doorgenomen. Terwijl het duidelijk is dat, als je zo dom bent om niet te leren voor een toets, je vermoedelijk dom genoeg bent om ook een onvoldoende te halen als je wel leert. Nee, ga jij maar wieberen.
Dan het geven van lessen. Het is echt beschamend dat er zo weinig middelen beschikbaar worden gesteld die aansluiten bij de technische mogelijkheden en de belangstelling van de leerlingen. Alsof er gewoonweg geen computers bestaan.
Nee, daar lachen wij niet van harte om maar met tegenzin. Grote mensen huilen immers niet.
En dan ons management. Ik doe weer eens lullig terwijl het juist zo goed gaat. Ik bedoel, wat zit ik toch onaardig te doen? Deze mensen doen toch ook gewoon hun werk?
Er hangt helemaal geen gewijde sfeer bij ons in de docentenkamers als wij weer eens het verzoek krijgen om de boel opnieuw anders aan te pakken. Sommigen vloeken dan de boel bij elkaar. Dat is meer in de buurt van de werkelijkheid.
Maar het management is er niet op uit om het de mensen moeilijk te maken. Hou toch op. Ze proberen een doorgeefluik te zijn van wat er in de samenleving aan behoeften worden geuit. Misschien verzetten zij zich wel tot het uiterste en doen zij hun best om de vernieuwingen buiten de deur te houden (Verklaart dit het gebrek aan computers, printers en kopieerapparaten?). Weet ik veel. Goede managers beschermen immers hun personeel (lees de managementshandboeken er maar op na) en doen er heel veel aan om ze tevreden te houden. Gewijde stiltes noch gevloek zijn op hun plaats als zij hun werk trachten te doen binnen de kaders die hen dit mogelijk maken. Hoed af voor deze zwoegers. Voor deze mollen die ons in het duister voor gaan op zoek naar het licht.
Rest nog één vraag. Waarom heb ik dit toch allemaal hier neer gezet? Was ik misschien weer hard aan vakantie toe?
07 april 2009
Er zijn geen antwoorden
"To see a world in a grain of sand,
And a heaven in a wild flower,
Hold infinity in the palm of your hand,
And eternity in an hour."
William Blake
Ik behoor nog tot de generatie die het Kralingse Popfestival heeft meegemaakt. Ja opa, je bent wel heel erg oud.
Deze dichtregels van William Blake ontroerden me intens toen ik ze voor het eerst las, temeer omdat ik door mijn ervaringen met allerlei psychedelische middelen de wereld in een korrel zand had gezien.
Ik was nog geen twintig en maakte deel uit van een generatie die vond dat er veel verkeerd was in de wereld en dat het beter moest. Het is er sindsdien niet beter op geworden.
De ironie is dat veel van die oude hippies later vooraan in de 'ratrace' hebben gestaan om hun idealen in te ruilen voor harde cash. Begrijpelijk, want met al hun lieve woorden en goede bedoelingen waren ze voor het establishment geen partij en werden ze vaak en hard in hun reet geschopt door de laarsen van het gezag. "If you can't beat them join them" zullen velen hebben gedacht.
Met een beetje pech zijn ze nu weer alles kwijt. Eerst je idealen en dan je poen. Eigen schuld dikke bult.
De moraal van het verhaal is natuurlijk dat je er een prijs voor betaalt als je jezelf aan een ander verkoopt. Het goede nieuws is dat iedereen gebruikt wil worden. To exist is to be used. Degenen die klagen zijn degenen die zich overbodig voelen.
Ja, je kunt de wereld in een korrel zand zien. En de hemel in een wilde bloem. Het leven is zo veel meer dan het beroep dat je uitoefent, de kennis die je hebt, de dromen die je deelt. Een bonte stoet die steeds maar weer op weg is. Prachtig en gruwelijk tegelijk. Het is echt een verademing dat ik dit leven niet hoef op te lossen maar alleen maar hoef te leven.
And a heaven in a wild flower,
Hold infinity in the palm of your hand,
And eternity in an hour."
William Blake
Ik behoor nog tot de generatie die het Kralingse Popfestival heeft meegemaakt. Ja opa, je bent wel heel erg oud.
Deze dichtregels van William Blake ontroerden me intens toen ik ze voor het eerst las, temeer omdat ik door mijn ervaringen met allerlei psychedelische middelen de wereld in een korrel zand had gezien.
Ik was nog geen twintig en maakte deel uit van een generatie die vond dat er veel verkeerd was in de wereld en dat het beter moest. Het is er sindsdien niet beter op geworden.
De ironie is dat veel van die oude hippies later vooraan in de 'ratrace' hebben gestaan om hun idealen in te ruilen voor harde cash. Begrijpelijk, want met al hun lieve woorden en goede bedoelingen waren ze voor het establishment geen partij en werden ze vaak en hard in hun reet geschopt door de laarsen van het gezag. "If you can't beat them join them" zullen velen hebben gedacht.
Met een beetje pech zijn ze nu weer alles kwijt. Eerst je idealen en dan je poen. Eigen schuld dikke bult.
De moraal van het verhaal is natuurlijk dat je er een prijs voor betaalt als je jezelf aan een ander verkoopt. Het goede nieuws is dat iedereen gebruikt wil worden. To exist is to be used. Degenen die klagen zijn degenen die zich overbodig voelen.
Ja, je kunt de wereld in een korrel zand zien. En de hemel in een wilde bloem. Het leven is zo veel meer dan het beroep dat je uitoefent, de kennis die je hebt, de dromen die je deelt. Een bonte stoet die steeds maar weer op weg is. Prachtig en gruwelijk tegelijk. Het is echt een verademing dat ik dit leven niet hoef op te lossen maar alleen maar hoef te leven.
06 april 2009
Auguries of Innocence by William Blake
To see a world in a grain of sand,
And a heaven in a wild flower,
Hold infinity in the palm of your hand,
And eternity in an hour.
A robin redbreast in a cage
Puts all heaven in a rage.
A dove-house fill'd with doves and pigeons
Shudders hell thro' all its regions.
A dog starv'd at his master's gate
Predicts the ruin of the state.
A horse misused upon the road
Calls to heaven for human blood.
Each outcry of the hunted hare
A fibre from the brain does tear.
A skylark wounded in the wing,
A cherubim does cease to sing.
The game-cock clipt and arm'd for fight
Does the rising sun affright.
Every wolf's and lion's howl
Raises from hell a human soul.
The wild deer, wand'ring here and there,
Keeps the human soul from care.
The lamb misus'd breeds public strife,
And yet forgives the butcher's knife.
The bat that flits at close of eve
Has left the brain that won't believe.
The owl that calls upon the night
Speaks the unbeliever's fright.
He who shall hurt the little wren
Shall never be belov'd by men.
He who the ox to wrath has mov'd
Shall never be by woman lov'd.
The wanton boy that kills the fly
Shall feel the spider's enmity.
He who torments the chafer's sprite
Weaves a bower in endless night.
The caterpillar on the leaf
Repeats to thee thy mother's grief.
Kill not the moth nor butterfly,
For the last judgement draweth nigh.
He who shall train the horse to war
Shall never pass the polar bar.
The beggar's dog and widow's cat,
Feed them and thou wilt grow fat.
The gnat that sings his summer's song
Poison gets from slander's tongue.
The poison of the snake and newt
Is the sweat of envy's foot.
The poison of the honey bee
Is the artist's jealousy.
The prince's robes and beggar's rags
Are toadstools on the miser's bags.
A truth that's told with bad intent
Beats all the lies you can invent.
It is right it should be so;
Man was made for joy and woe;
And when this we rightly know,
Thro' the world we safely go.
Joy and woe are woven fine,
A clothing for the soul divine.
Under every grief and pine
Runs a joy with silken twine.
The babe is more than swaddling bands;
Every farmer understands.
Every tear from every eye
Becomes a babe in eternity;
This is caught by females bright,
And return'd to its own delight.
The bleat, the bark, bellow, and roar,
Are waves that beat on heaven's shore.
The babe that weeps the rod beneath
Writes revenge in realms of death.
The beggar's rags, fluttering in air,
Does to rags the heavens tear.
The soldier, arm'd with sword and gun,
Palsied strikes the summer's sun.
The poor man's farthing is worth more
Than all the gold on Afric's shore.
One mite wrung from the lab'rer's hands
Shall buy and sell the miser's lands;
Or, if protected from on high,
Does that whole nation sell and buy.
He who mocks the infant's faith
Shall be mock'd in age and death.
He who shall teach the child to doubt
The rotting grave shall ne'er get out.
He who respects the infant's faith
Triumphs over hell and death.
The child's toys and the old man's reasons
Are the fruits of the two seasons.
The questioner, who sits so sly,
Shall never know how to reply.
He who replies to words of doubt
Doth put the light of knowledge out.
The strongest poison ever known
Came from Caesar's laurel crown.
Nought can deform the human race
Like to the armour's iron brace.
When gold and gems adorn the plow,
To peaceful arts shall envy bow.
A riddle, or the cricket's cry,
Is to doubt a fit reply.
The emmet's inch and eagle's mile
Make lame philosophy to smile.
He who doubts from what he sees
Will ne'er believe, do what you please.
If the sun and moon should doubt,
They'd immediately go out.
To be in a passion you good may do,
But no good if a passion is in you.
The whore and gambler, by the state
Licensed, build that nation's fate.
The harlot's cry from street to street
Shall weave old England's winding-sheet.
The winner's shout, the loser's curse,
Dance before dead England's hearse.
Every night and every morn
Some to misery are born,
Every morn and every night
Some are born to sweet delight.
Some are born to sweet delight,
Some are born to endless night.
We are led to believe a lie
When we see not thro' the eye,
Which was born in a night to perish in a night,
When the soul slept in beams of light.
God appears, and God is light,
To those poor souls who dwell in night;
But does a human form display
To those who dwell in realms of day.
And a heaven in a wild flower,
Hold infinity in the palm of your hand,
And eternity in an hour.
A robin redbreast in a cage
Puts all heaven in a rage.
A dove-house fill'd with doves and pigeons
Shudders hell thro' all its regions.
A dog starv'd at his master's gate
Predicts the ruin of the state.
A horse misused upon the road
Calls to heaven for human blood.
Each outcry of the hunted hare
A fibre from the brain does tear.
A skylark wounded in the wing,
A cherubim does cease to sing.
The game-cock clipt and arm'd for fight
Does the rising sun affright.
Every wolf's and lion's howl
Raises from hell a human soul.
The wild deer, wand'ring here and there,
Keeps the human soul from care.
The lamb misus'd breeds public strife,
And yet forgives the butcher's knife.
The bat that flits at close of eve
Has left the brain that won't believe.
The owl that calls upon the night
Speaks the unbeliever's fright.
He who shall hurt the little wren
Shall never be belov'd by men.
He who the ox to wrath has mov'd
Shall never be by woman lov'd.
The wanton boy that kills the fly
Shall feel the spider's enmity.
He who torments the chafer's sprite
Weaves a bower in endless night.
The caterpillar on the leaf
Repeats to thee thy mother's grief.
Kill not the moth nor butterfly,
For the last judgement draweth nigh.
He who shall train the horse to war
Shall never pass the polar bar.
The beggar's dog and widow's cat,
Feed them and thou wilt grow fat.
The gnat that sings his summer's song
Poison gets from slander's tongue.
The poison of the snake and newt
Is the sweat of envy's foot.
The poison of the honey bee
Is the artist's jealousy.
The prince's robes and beggar's rags
Are toadstools on the miser's bags.
A truth that's told with bad intent
Beats all the lies you can invent.
It is right it should be so;
Man was made for joy and woe;
And when this we rightly know,
Thro' the world we safely go.
Joy and woe are woven fine,
A clothing for the soul divine.
Under every grief and pine
Runs a joy with silken twine.
The babe is more than swaddling bands;
Every farmer understands.
Every tear from every eye
Becomes a babe in eternity;
This is caught by females bright,
And return'd to its own delight.
The bleat, the bark, bellow, and roar,
Are waves that beat on heaven's shore.
The babe that weeps the rod beneath
Writes revenge in realms of death.
The beggar's rags, fluttering in air,
Does to rags the heavens tear.
The soldier, arm'd with sword and gun,
Palsied strikes the summer's sun.
The poor man's farthing is worth more
Than all the gold on Afric's shore.
One mite wrung from the lab'rer's hands
Shall buy and sell the miser's lands;
Or, if protected from on high,
Does that whole nation sell and buy.
He who mocks the infant's faith
Shall be mock'd in age and death.
He who shall teach the child to doubt
The rotting grave shall ne'er get out.
He who respects the infant's faith
Triumphs over hell and death.
The child's toys and the old man's reasons
Are the fruits of the two seasons.
The questioner, who sits so sly,
Shall never know how to reply.
He who replies to words of doubt
Doth put the light of knowledge out.
The strongest poison ever known
Came from Caesar's laurel crown.
Nought can deform the human race
Like to the armour's iron brace.
When gold and gems adorn the plow,
To peaceful arts shall envy bow.
A riddle, or the cricket's cry,
Is to doubt a fit reply.
The emmet's inch and eagle's mile
Make lame philosophy to smile.
He who doubts from what he sees
Will ne'er believe, do what you please.
If the sun and moon should doubt,
They'd immediately go out.
To be in a passion you good may do,
But no good if a passion is in you.
The whore and gambler, by the state
Licensed, build that nation's fate.
The harlot's cry from street to street
Shall weave old England's winding-sheet.
The winner's shout, the loser's curse,
Dance before dead England's hearse.
Every night and every morn
Some to misery are born,
Every morn and every night
Some are born to sweet delight.
Some are born to sweet delight,
Some are born to endless night.
We are led to believe a lie
When we see not thro' the eye,
Which was born in a night to perish in a night,
When the soul slept in beams of light.
God appears, and God is light,
To those poor souls who dwell in night;
But does a human form display
To those who dwell in realms of day.
Bilnaad.
De temperaturen gaan omhoog en dat betekent dat het vlees soms weer overdadig uitgestald wordt. Blote armpjes, blote beentjes, naveltjes, borstjes met bijpassend borstgleufje en de bilnaad. Er is geen ontkomen aan. Ooit had ik een meiske in de klas zitten dat haar voloptueuze borstpartij zo uitbundig onder mijn neus hield dat ik haar verzocht om de volgende keer maar een burka aan te trekken. Meester John is niet vies van een beetje bloot maar als hij bij het zien er van aan de slager denken moet dan is er iets niet goed.
Op Hyves is er zelfs een anti bilnaad clubje waar je lid van kunt worden. Ik zou mij daar niet bij aansluiten, maar dat anderen dat wel doen vind ik niet zo vreemd.
De bilnaad kan sowieso veel emoties oproepen. Zowel positieve als negatieve. Van de bleke vette bilnaad die ik vandaag zag werd ik eerst niet vrolijk. Toen ik er in gedachten een roos in schoof en mij voorstelde hoe de dame in kwestie met deze roos in haar kont zich tussen de mensen begaf voelde ik me weer wat prettiger.
Het is blijkbaar aan ons om de dingen die wij soms niet prettig vinden zodanig met onze fantasie te bekijken dat we ons zelf weer wat beter voelen.
Op Hyves is er zelfs een anti bilnaad clubje waar je lid van kunt worden. Ik zou mij daar niet bij aansluiten, maar dat anderen dat wel doen vind ik niet zo vreemd.
De bilnaad kan sowieso veel emoties oproepen. Zowel positieve als negatieve. Van de bleke vette bilnaad die ik vandaag zag werd ik eerst niet vrolijk. Toen ik er in gedachten een roos in schoof en mij voorstelde hoe de dame in kwestie met deze roos in haar kont zich tussen de mensen begaf voelde ik me weer wat prettiger.
Het is blijkbaar aan ons om de dingen die wij soms niet prettig vinden zodanig met onze fantasie te bekijken dat we ons zelf weer wat beter voelen.
05 april 2009
Het is volbracht. Wat nu?
Een PR-tje is het niet geworden. Tot aan de 30 kilometer was daar nog kans op. Maar hierna zakte ik in. Veel wandelen en dan weer rennen totdat ik na een brutotijd van 4uur en 45 minuten de finish op de Coolsingel passeerde. Het publiek was weer fantastisch. Paula, mijn kinderen en Nynke, de nieuwe vriendin van Jasper, stonden op strategische punten mij aan te moedigen en overal enthousiaste toeschouwers die je in de richting van de eindstreep schreeuwden.
Onder het rennen leek ik maar weinig last te hebben van mijn schouder, maar nu de adrenaline uit mijn systeem weglekt begin ik hem weer te voelen.
Maar ik moet niet zeiken. Er was een knul die gehandicapt was aan beide voeten en handen en die de marathon uitliep voor zijn trotse en erg geëmotioneerde moeder.
Ik zag blinden met geleide-honden voorbijlopen en zwaarlijvige mensen die misschien nu aan de beademing liggen.
De marathon van Rotterdam. Eén groot volksfeest. Ik ben blij dat ik weer heb meegedaan en dat het weer voorbij is. Maar wat nu?
Weer snoepen en elke avond een blowtje nemen? Lijkt me niet. Dus gewoon nog even het gezonde patroontje vasthouden. Maar dat pilsje dat mij roept heb ik wel verdient en dat ga ik nu dus koud maken.
Onder het rennen leek ik maar weinig last te hebben van mijn schouder, maar nu de adrenaline uit mijn systeem weglekt begin ik hem weer te voelen.
Maar ik moet niet zeiken. Er was een knul die gehandicapt was aan beide voeten en handen en die de marathon uitliep voor zijn trotse en erg geëmotioneerde moeder.
Ik zag blinden met geleide-honden voorbijlopen en zwaarlijvige mensen die misschien nu aan de beademing liggen.
De marathon van Rotterdam. Eén groot volksfeest. Ik ben blij dat ik weer heb meegedaan en dat het weer voorbij is. Maar wat nu?
Weer snoepen en elke avond een blowtje nemen? Lijkt me niet. Dus gewoon nog even het gezonde patroontje vasthouden. Maar dat pilsje dat mij roept heb ik wel verdient en dat ga ik nu dus koud maken.
M-day
Gezwollen lymfklieren en spieren in mijn linkerschouder die zeer doen. Uitgerekend vandaag. Mopper, mopper. En straks moet ik er 42 kilometertjes tegen aan. Waar ben ik aan begonnen. Ijdelheid der ijdelheden. Alles is ijdelheid.
Het doet me minder pijn dan gisteren maar leuk is natuurlijk anders. Mogelijk een spier verrekt. Niet zo best geslapen al kan ik me wel een behoorlijk geile droom herinneren. Dat maakt gelukkig weer veel goed. Ik heb geen idee wat hij betekent. Zo'n orgastische beleving is die marathon nu ook weer niet. Iemand enige suggesties? Waarschijnlijk iets van "als al dit gezwoeg straks voorbij is volgt er een aangename ontlading waarna je weer lekker ontspannen verder kunt gaan met je leven." Zou dat het zijn?
Het doet me minder pijn dan gisteren maar leuk is natuurlijk anders. Mogelijk een spier verrekt. Niet zo best geslapen al kan ik me wel een behoorlijk geile droom herinneren. Dat maakt gelukkig weer veel goed. Ik heb geen idee wat hij betekent. Zo'n orgastische beleving is die marathon nu ook weer niet. Iemand enige suggesties? Waarschijnlijk iets van "als al dit gezwoeg straks voorbij is volgt er een aangename ontlading waarna je weer lekker ontspannen verder kunt gaan met je leven." Zou dat het zijn?
04 april 2009
Kwart docenten loopt kans op burn-out.
Uitgegeven: 3 april 2009 10:16
Laatst gewijzigd: 3 april 2009 12:02
AMSTERDAM - Een kwart van de Nederlandse docenten geeft aan over onvoldoende mentale en fysieke capaciteiten te beschikken om hun onderwijstaak goed uit te kunnen voeren, zo meldt het Financieele Dagblad vrijdag.
Het risico op een langdurig ziekteverzuim is door deze gebreken aanzienlijk. Onlangs bleek al dat leraren vaak last hebben van een burn-out. De oorzaak van deze golf aan burn-outs hangt nauw samen met de sterke vergrijzing in het onderwijs. Dat blijkt uit een onderzoek onder ruim tweeduizend docenten in het voortgezet onderwijs.
In het onderwijs zijn veel werknemers al boven de 55 jaar. De gemiddelde leeftijd in deze branche ligt aanzienlijk hoger dan in andere branches. De vergrijzing is een flinke reden tot zorg voor de vakbonden die daardoor de werkomstandigheden achteruit zien gaan.
© NUzakelijk/Jaap Schneider
Ja beste lezertjes. Nu zie je het zelf met eigen ogen. Ik mag dan wel een wereldbaan hebben en meestal met een vette lach op mijn gezicht naar mijn werk gaan, maar elke dag loop ik opnieuw enorme risico's. Dat ook ik over onvoldoende fysieke en mentale capaciteiten beschik moge duidelijk zijn. Ik ben maar een klein manneke en niet alleen al mijn collega's maar ook de meeste leerlingen zijn een stuk groter. Fysiek stel ik dus niet erg veel voor. Bovendien ben ik niet bijster slim. Hoor ik iemand zeggen "Dat klopt. Ik ken je. Anders was je geen leraar geweest."? Naughty, naughty.
Ook ik ben de 55 ruimschoots gepasseerd. Ja, ik moet oppassen.
Als ik terug kijk op mijn leventje besef ik dat ik vaker gewerkt heb in risicovolle beroepen. In de bouw bijvoorbeeld. En ik heb op de grote vaart gezeten. Jarenlang was ik bijstandsmaatschappelijk werker. Een paar keer heb ik daar letterlijk geknokt met cliënten die dachten dat dit van hen werd verwacht. Ze stonden immers als asociaal bekend. Ik heb trouwens al die keren gewonnen. Yeh!
En nu ben ik al meer dan 15 jaar docent. Maar hoe lang ga ik het nog redden? Inmiddels heb ik niet meer de verwachting dat het management in staat zal zijn om de randvoorwaarden te creëren voor goed onderwijs. Dat konden ze niet in een organisatie die redelijk stabiel was en zeker niet in een organisatie die zo sterk aan het veranderen is. Nee, zij hebben het niet gemakkelijk. Aan hen de zware opgave om er steeds maar weer voor te zorgen dat alles goed verloopt in de organisatie terwijl ze weten dat de ogen van de politiek op hen zijn gericht. En daar komen al die morrende docenten ook nog bij, die zich dan maar weer eens langdurig ziek melden als ze voor de zoveelste keer vast lopen in het zoveelste veranderingsproces.
Van hen is weinig begrip te verwachten. Onredelijk als ze zijn verlangen ze naar gewone werkomstandigheden, een duidelijke taakafbakening, gepaste hulpmiddelen (zoals bijvoorbeeld leslokalen, heldere lesroosters, ondersteuning, duidelijke Plannen van Inzet en vult u deze lijst maar zelf verder aan...) en zo af en toe een complimentje voor hun enorme betrokkenheid en inzet om er toch nog wat van te maken.
En hoe die mensen kunnen reageren op dat zelfde management... Onvoorstelbaar! Niet vreemd dat deze dan als dollen om zich heen gaan slaan om hen weer in het gareel te krijgen zodat de neuzen weer dezelfde kant op staan. Of dit nu de goede kant is maakt niet uit. Tenslotte weet niemand wat de goede kant is.
Ook ik heb eens het genoegen gesmaakt om supervisie te mogen ontvangen omdat het alternatief anders een exitgesprek zou zijn geweest. Hierna heb ik me weer tijden gedeisd gehouden en dat was wel zo prettig voor iedereen.
Ja, burn-out. Als je me nu kon zien met die grijns op m'n gezicht dan voel je wel aan dat dit een traject is wat ik niemand van mijn collega's gun en mezelf nog het minst. Ik zie er daarom maar van af. De dingen gaan zoals ze gaan. We staan 's morgens op, doen een plas en een grote boodschap, doen wat we denken dat goed is die dag (goed voor ons zelf wel te verstaan), gaan weer naar huis, doen weer een plas en een grote boodschap en kruipen onder de dekens. Daar mijmeren we nog wat na over de dag. En geven ons daarna over aan de nacht die al onze wensen vervult. En de volgende dag weer. Totdat er geen nieuwe dag meer voor ons is. Over en uit.
Als je net als ik gewoon je werk doet, je verwachtingen realistisch houdt, de klootzakken die je leven soms proberen te verpesten naar de hel verwenst in de wetenschap dat ze, al is het buiten jouw gezichtsveld, zichzelf altijd tegen zullen komen, als je onvoorwaardelijk van het leven kan genieten omdat elke dag een geschenk is...Kortom als je al je zegeningen kunt tellen en wat minder waarde hecht aan de zaken die nu eenmaal onvermijdelijk anders lopen dan je had gewenst, dan komt het meestal wel goed. Geloof me, niets is er zo geweldig als docent zijn.
Laatst gewijzigd: 3 april 2009 12:02
AMSTERDAM - Een kwart van de Nederlandse docenten geeft aan over onvoldoende mentale en fysieke capaciteiten te beschikken om hun onderwijstaak goed uit te kunnen voeren, zo meldt het Financieele Dagblad vrijdag.
Het risico op een langdurig ziekteverzuim is door deze gebreken aanzienlijk. Onlangs bleek al dat leraren vaak last hebben van een burn-out. De oorzaak van deze golf aan burn-outs hangt nauw samen met de sterke vergrijzing in het onderwijs. Dat blijkt uit een onderzoek onder ruim tweeduizend docenten in het voortgezet onderwijs.
In het onderwijs zijn veel werknemers al boven de 55 jaar. De gemiddelde leeftijd in deze branche ligt aanzienlijk hoger dan in andere branches. De vergrijzing is een flinke reden tot zorg voor de vakbonden die daardoor de werkomstandigheden achteruit zien gaan.
© NUzakelijk/Jaap Schneider
Ja beste lezertjes. Nu zie je het zelf met eigen ogen. Ik mag dan wel een wereldbaan hebben en meestal met een vette lach op mijn gezicht naar mijn werk gaan, maar elke dag loop ik opnieuw enorme risico's. Dat ook ik over onvoldoende fysieke en mentale capaciteiten beschik moge duidelijk zijn. Ik ben maar een klein manneke en niet alleen al mijn collega's maar ook de meeste leerlingen zijn een stuk groter. Fysiek stel ik dus niet erg veel voor. Bovendien ben ik niet bijster slim. Hoor ik iemand zeggen "Dat klopt. Ik ken je. Anders was je geen leraar geweest."? Naughty, naughty.
Ook ik ben de 55 ruimschoots gepasseerd. Ja, ik moet oppassen.
Als ik terug kijk op mijn leventje besef ik dat ik vaker gewerkt heb in risicovolle beroepen. In de bouw bijvoorbeeld. En ik heb op de grote vaart gezeten. Jarenlang was ik bijstandsmaatschappelijk werker. Een paar keer heb ik daar letterlijk geknokt met cliënten die dachten dat dit van hen werd verwacht. Ze stonden immers als asociaal bekend. Ik heb trouwens al die keren gewonnen. Yeh!
En nu ben ik al meer dan 15 jaar docent. Maar hoe lang ga ik het nog redden? Inmiddels heb ik niet meer de verwachting dat het management in staat zal zijn om de randvoorwaarden te creëren voor goed onderwijs. Dat konden ze niet in een organisatie die redelijk stabiel was en zeker niet in een organisatie die zo sterk aan het veranderen is. Nee, zij hebben het niet gemakkelijk. Aan hen de zware opgave om er steeds maar weer voor te zorgen dat alles goed verloopt in de organisatie terwijl ze weten dat de ogen van de politiek op hen zijn gericht. En daar komen al die morrende docenten ook nog bij, die zich dan maar weer eens langdurig ziek melden als ze voor de zoveelste keer vast lopen in het zoveelste veranderingsproces.
Van hen is weinig begrip te verwachten. Onredelijk als ze zijn verlangen ze naar gewone werkomstandigheden, een duidelijke taakafbakening, gepaste hulpmiddelen (zoals bijvoorbeeld leslokalen, heldere lesroosters, ondersteuning, duidelijke Plannen van Inzet en vult u deze lijst maar zelf verder aan...) en zo af en toe een complimentje voor hun enorme betrokkenheid en inzet om er toch nog wat van te maken.
En hoe die mensen kunnen reageren op dat zelfde management... Onvoorstelbaar! Niet vreemd dat deze dan als dollen om zich heen gaan slaan om hen weer in het gareel te krijgen zodat de neuzen weer dezelfde kant op staan. Of dit nu de goede kant is maakt niet uit. Tenslotte weet niemand wat de goede kant is.
Ook ik heb eens het genoegen gesmaakt om supervisie te mogen ontvangen omdat het alternatief anders een exitgesprek zou zijn geweest. Hierna heb ik me weer tijden gedeisd gehouden en dat was wel zo prettig voor iedereen.
Ja, burn-out. Als je me nu kon zien met die grijns op m'n gezicht dan voel je wel aan dat dit een traject is wat ik niemand van mijn collega's gun en mezelf nog het minst. Ik zie er daarom maar van af. De dingen gaan zoals ze gaan. We staan 's morgens op, doen een plas en een grote boodschap, doen wat we denken dat goed is die dag (goed voor ons zelf wel te verstaan), gaan weer naar huis, doen weer een plas en een grote boodschap en kruipen onder de dekens. Daar mijmeren we nog wat na over de dag. En geven ons daarna over aan de nacht die al onze wensen vervult. En de volgende dag weer. Totdat er geen nieuwe dag meer voor ons is. Over en uit.
Als je net als ik gewoon je werk doet, je verwachtingen realistisch houdt, de klootzakken die je leven soms proberen te verpesten naar de hel verwenst in de wetenschap dat ze, al is het buiten jouw gezichtsveld, zichzelf altijd tegen zullen komen, als je onvoorwaardelijk van het leven kan genieten omdat elke dag een geschenk is...Kortom als je al je zegeningen kunt tellen en wat minder waarde hecht aan de zaken die nu eenmaal onvermijdelijk anders lopen dan je had gewenst, dan komt het meestal wel goed. Geloof me, niets is er zo geweldig als docent zijn.
03 april 2009
“Ik heb je lief zo lief.”
In een verre toekomst stel ik me een wereld voor waarin alle vrouwen blind en alle mannen doof zijn. En kinderen doof en blind tot hun 18e. Het is een wereld waarin de mens is uitgeëvolueerd.
Er is geen heterofiele kerel meer die zich om zijn uiterlijk bekommert. Voor wie zouden ze er sexy en stoer uit moeten zien? Ze lopen er dan ook als slonzen bij.
Hun vrouwen besprenkelen hen met aangename geuren en naaien rinkelende belletjes aan hun kleren zodat ze hun aanwezigheid kunnen ruiken en horen.
Omdat ze natuurlijk geen idee hebben hoe ze er uit zien, neigen ook zij er naar om hun uiterlijk te verwaarlozen. Maar hun mannen voorkomen dit door hen in de mooiste kleren te steken en hen te helpen met hun make-up.
Man en vrouw zorgen beiden voor hun kinderen. Deze liggen onder grote warme lampen met hun zintuigen naar binnen gekeerd op bedden die zachtjes vibreren. De vibraties zijn als een subtiele taal die hen verbindt met de wereld om hen heen. Tegen de jongens zegt de taal: “Straks word je opnieuw geboren en kun je zien.” Ze begrijpen niet wat er wordt bedoeld, maar de vibraties zijn aangenaam en ze voelen dat er iets moois voor hen in het verschiet ligt te wachten op hen. De meisjes wordt verteld dat zij straks horen kunnen. Ook zij stralen niet-begrijpend van geluk en stoten zachte kraaigeluidjes uit.
Het is een wereld waarin wij elkaar weer echt nodig hebben.
Er is geen heterofiele kerel meer die zich om zijn uiterlijk bekommert. Voor wie zouden ze er sexy en stoer uit moeten zien? Ze lopen er dan ook als slonzen bij.
Hun vrouwen besprenkelen hen met aangename geuren en naaien rinkelende belletjes aan hun kleren zodat ze hun aanwezigheid kunnen ruiken en horen.
Omdat ze natuurlijk geen idee hebben hoe ze er uit zien, neigen ook zij er naar om hun uiterlijk te verwaarlozen. Maar hun mannen voorkomen dit door hen in de mooiste kleren te steken en hen te helpen met hun make-up.
Man en vrouw zorgen beiden voor hun kinderen. Deze liggen onder grote warme lampen met hun zintuigen naar binnen gekeerd op bedden die zachtjes vibreren. De vibraties zijn als een subtiele taal die hen verbindt met de wereld om hen heen. Tegen de jongens zegt de taal: “Straks word je opnieuw geboren en kun je zien.” Ze begrijpen niet wat er wordt bedoeld, maar de vibraties zijn aangenaam en ze voelen dat er iets moois voor hen in het verschiet ligt te wachten op hen. De meisjes wordt verteld dat zij straks horen kunnen. Ook zij stralen niet-begrijpend van geluk en stoten zachte kraaigeluidjes uit.
Het is een wereld waarin wij elkaar weer echt nodig hebben.
Iets warms en een banaan.
Vanmiddag m'n nummer gehaald. 11205 Ja, er lopen er nog meer mee.
De weersverwachtingen zijn goed. Zo'n graad of 13 á 14, windkracht 2 á 3, halfbewolkt. Vanavond mezelf weer volgepropt met macaroni. Morgen maar een beetje temperen. Ik wil 's middags nog wel even naar de 2e hands boekenmarkt in het centrum van Schiedam. Afgezien van wat werk voor school staan er geen grote activiteiten gepland. Paula zorgt er voor dat ze bij de finish staat. Met 'iets' warms en een banaan.
De weersverwachtingen zijn goed. Zo'n graad of 13 á 14, windkracht 2 á 3, halfbewolkt. Vanavond mezelf weer volgepropt met macaroni. Morgen maar een beetje temperen. Ik wil 's middags nog wel even naar de 2e hands boekenmarkt in het centrum van Schiedam. Afgezien van wat werk voor school staan er geen grote activiteiten gepland. Paula zorgt er voor dat ze bij de finish staat. Met 'iets' warms en een banaan.
02 april 2009
Marathon van Rotterdam 2009
Zondag is het weer eens zo ver. Mag ik mezelf met vele anderen weer eens wijs maken dat het allemaal wel meevalt. Nee, ik ben niet oud. Gezondheid? Man, kan niet beter. Ach, eigenlijk was het maar een eitje. Pijn? Een beetje spierpijn. Maar dat gaat vanzelf weer over. Ik denk dat het deze keer wel de laatste was. Ja, moet je ook eens doen. Dat moment bij de start...Onvergetelijk. Nee, ik heb niets met Lee Towers. Ik ken maar één nummer van hem. Oh, is dat niet van hem? Hij zingt het anders best goed. Ja, als die muziek aanzwelt en die massa in beweging komt... Je gaat echt het strijdperk in. Ja, een strijd met jezelf. Maar dat is pas op het eind hoor. Ja, ik ben er klaar voor. Laat maar komen. Of ik m'n PR denkt te gaan verbeteren? Nou, nee. Als ik hem maar uit loop. En achteraf, ja achteraf dan voel je je goed. Echt, het kan niet beter.
01 april 2009
Wii balance board
Eindelijk hebben we hem dan toch in gebruik genomen. Preciezer geformuleerd: mijn partner Paula heeft hem in gebruik genomen. Glunderend vertelt ze me over haar vorderingen en ik kan niets anders doen dan beschaamd erkennen dat ze er harder tegenaan gaat dan ik. Terwijl bij mij deze week de pondjes er weer even aan komen omdat ik aan het stapelen ben voor de marathon (veel pasta eten en bananen en vruchtensapjes drinken, liters per dag) vliegen die van haar er af. Ik verwacht niet dat onze gewichten elkaar zullen kruisen (daarvoor is het verschil te groot) maar na mijn 42 kilometertjes moet ik de patat en frikandellen wel links laten liggen. Gelukkig heb ik daar geen moeite mee al wil ik een enkele keer wel eens zwichten voor een febo-kroketje als ik aan het eind van een lange werkdag de trein naar huis neem.
Weken heeft-ie in de verpakking gestaan naast de bank. Eerst had het maanden geduurd voordat we er eentje konden kopen bij die grote electronica mall waar al die net niet gekke mensen hun electronicaspullen vandaan halen. Ik had zelfs geaarzeld om hem aan te schaffen. Nu lag-tie daar opeens en nu hoefde het voor mij eigenlijk niet meer. Net als dat meisje vroeger waar je zo naar had verlangd. Maanden zei ze 'nee' als je haar om verkering vroeg en toen ze dan eindelijk 'ja' zei had je er geen zin meer in.
Wat me bewoog om hem toch aan te schaffen weet ik niet meer, maar opeens stond hij naast de bank en daar heeft hij zeker twee maanden in de verpakking gestaan. En als Annelies niet was komen eten had hij daar nog gestaan. "Hé,het wii balance board", zei ze en samen hadden we alles in een paar minuten uit de verpakking gehaald, geïnstalleerd en gesynchroniceerd. De batterijen van de afstandsbediening waren echter leeg en er werd niet gewii-ed die avond. Een paar dagen later kwam mijn dochter Eva langs. Die klom op het balance board en was er niet meer af te slaan.
Voor de vorm deed ik ook mee. Ik registreerde me en kreeg de troetelnaam Djumbo.
Na een kleine test bleek mijn wii-leeftijd ruim 10 jaar boven mijn biologische leeftijd te liggen. Au, dat deed zeer.
En toen zij daar kans toe zag klom Paula op het board. De rest is historie.
Vanavond deed het board nog een kleine poging mij weer enige discipline bij te brengen. Tegen Paula zei hij dat Djumbo vast was aangekomen. Natuurlijk kon de slijmert niet weten hoe gelijk hij had. Wacht maar knul, vanaf volgende week vliegen de pondjes er weer vanaf. En...uh..daar heb ik jou niet voor nodig. Ruim 10 jaar boven mijn biologische leeftijd. Waar haal je het vandaan...
Weken heeft-ie in de verpakking gestaan naast de bank. Eerst had het maanden geduurd voordat we er eentje konden kopen bij die grote electronica mall waar al die net niet gekke mensen hun electronicaspullen vandaan halen. Ik had zelfs geaarzeld om hem aan te schaffen. Nu lag-tie daar opeens en nu hoefde het voor mij eigenlijk niet meer. Net als dat meisje vroeger waar je zo naar had verlangd. Maanden zei ze 'nee' als je haar om verkering vroeg en toen ze dan eindelijk 'ja' zei had je er geen zin meer in.
Wat me bewoog om hem toch aan te schaffen weet ik niet meer, maar opeens stond hij naast de bank en daar heeft hij zeker twee maanden in de verpakking gestaan. En als Annelies niet was komen eten had hij daar nog gestaan. "Hé,het wii balance board", zei ze en samen hadden we alles in een paar minuten uit de verpakking gehaald, geïnstalleerd en gesynchroniceerd. De batterijen van de afstandsbediening waren echter leeg en er werd niet gewii-ed die avond. Een paar dagen later kwam mijn dochter Eva langs. Die klom op het balance board en was er niet meer af te slaan.
Voor de vorm deed ik ook mee. Ik registreerde me en kreeg de troetelnaam Djumbo.
Na een kleine test bleek mijn wii-leeftijd ruim 10 jaar boven mijn biologische leeftijd te liggen. Au, dat deed zeer.
En toen zij daar kans toe zag klom Paula op het board. De rest is historie.
Vanavond deed het board nog een kleine poging mij weer enige discipline bij te brengen. Tegen Paula zei hij dat Djumbo vast was aangekomen. Natuurlijk kon de slijmert niet weten hoe gelijk hij had. Wacht maar knul, vanaf volgende week vliegen de pondjes er weer vanaf. En...uh..daar heb ik jou niet voor nodig. Ruim 10 jaar boven mijn biologische leeftijd. Waar haal je het vandaan...
Abonneren op:
Reacties (Atom)