Natuurlijk ben ik vandaag even naar het Dunya festival geweest. Het was schitterend weer.
Er werd een kwart miljoen bezoekers verwacht.
De sfeer was goed en de muziek ook. En druk, druk…Die verwachtingen klopten wel. Gelukkig had ik mijn eigen drinken bij me want bij de vele kraampjes met hapjes en drankjes was er geen doorkomen aan.
Voetje voor voetje schuifelde je tussen de duizenden anderen vooruit zonder goed te weten waarheen je op weg was. Velen zaten met een hapje en een drankje in groepjes op het gras.
Maar ik voelde er niet veel voor om er bij te gaan zitten. Tevergeefs zocht ik naar lachende gezichten. Iedereen had vandaag zijn lach naar binnen gekeerd.
Het zal daarom wel aan mij hebben gelegen dat ik al snel de behoefte voelde aan wat meer ruimte om mij heen. Daarom ben ik even naar het water gelopen om te genieten van het uitzicht op de skyline van de kop van Zuid.
Daar aan de overkant lag de ‘oude’ Rotterdam waar ik ooit een wereldreis mee had kunnen maken. In mijn jeugdige onnozelheid heb ik die kans afgeslagen omdat ik weer eens met de Kerst thuis wilde zijn. Hoe dom kun je zijn.
Ik zag ook de ‘nieuwe’ Rotterdam aan de Wilhelminakade liggen. Ik kreeg er een onrustig gevoel van. Zonder dat het me enige moeite kostte kon ik mij voorstellen dat ik aan boord stond en tegen de reling leunde. Zoals ik dit jaren geleden ook deed op de Nieuwe Amsterdam toen we in de Caribische Zee voerden. En ik pas 18 was.
Heel even ben ik nog terug gegaan naar het festival. De mensenmassa was me echter teveel. Vandaag wilde ik eigenlijk niet zoveel mensen om mij heen. Ik liep door naar de Binnenweg, kocht in een obscure Toko een bara en een baka bana met pindasaus en ging ergens op de stoep in het zonnetje deze lekkernijen samen met een blikje Cola naar binnen werken. Het leven was goed.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten