Stel je voor dat je aan een korte ketting ligt. Door de beperking van je bewegingsvrijheid zul je waarschijnlijk zeggen dat je je gevangen voelt.
Wat nu als die ketting erg lang is? Zo lang dat je er geen last van hebt. Dat het voor jou lijkt dat je niet vast zit. Dan zul je vermoedelijk zeggen dat je je niet gevangen voelt. Want je merkt immers niet dat je in je bewegingsvrijheid beperkt wordt.
In beide gevallen lig je aan de ketting, maar de ene keer voel je je vrij en de andere keer een gevangene. In werkelijkheid ben je altijd een gevangene maar weet je dat niet.
We zitten vast aan meerdere kettingen. Telkens aan een andere. Op één levensgebied kunnen we ons vrij voelen, op een ander levensgebied een gevangene.
Wie heeft ons deze kettingen om gedaan? Wanneer is dit gebeurd?
Deze kettingen zijn ons aangemeten door de samenleving waarin wij opgroeien. Het is gebeurt toen wij sliepen. Toen wij ons hier niet bewust van waren. Toen wij hulpeloos waren.
Ons is gezegd dat dit voor onze eigen bestwil was.
Onze ouders, onze leraren op school, onze politici, onze religieuze leiders, onze vrienden en vriendinnen…Iedereen om je heen wil jou aan hun ketting vastleggen en jij laat ze dat doen. Want je houdt van ze en zij houden van jou. Ze zeggen je geen kwaad te willen doen en ze geloven zelf wat ze zeggen. Zij, die vastliggen aan hun eigen kettingen.
Een absolute en totale vrijheid is niet mogelijk en ook niet gewenst in een gemeenschap van mensen. Want al word je door je kettingen beperkt, elke ketting biedt ook veiligheid en zekerheid. Voor jezelf en voor de ander. De wereld lijkt een stuk overzichtelijker als je hem begrenst.
Wat is er mooier dan je veilig en geborgen te voelen en te geloven dat er zekerheden zijn?
En te denken dat je een vrij mens bent? Waarom zou je een langere ketting willen als je er geen last van hebt? Waarom zou je echt vrij willen zijn? Je wéét niet eens dat je een gevangene bent.
In deze woelige overgangstijden waar de ene zekerheid moet wijken voor de andere zekerheid wordt ons wijs gemaakt dat wij vrije mensen zijn met een vrije wil.
Wij zouden er uit vrije wil voor gekozen hebben om deze wereld te verkloten. Het was onze keuze om een systeem te ontwikkelen dat alleen maar kan voort blijven bestaan door uitbuiting en vernietiging.
Onze kettingen hebben ons beschermd maar nu de boel in brand staat en het vuur steeds verder om zich heen slaat kunnen we niet weg. Tevergeefs wachten we op iemand die ons los maakt. Maar willen we eigenlijk wel los? Valt het niet allemaal ontzettend mee? Misschien is er helemaal niets aan de hand. Proberen ze je bang te maken, waardoor je je nog steviger vast klampt aan je kettingen. Je vast klampt aan je vermeende zekerheden.
Is het niet beter om degenen die je hebben geketend dankbaar te zijn voor hun bezorgdheid om jou? Ze hebben je vast gezet en zullen je niet meer laten gaan. Hoe banger je bent hoe zekerder zij er van zijn dat je de kettingen die door hen zijn aangebracht zal gaan koesteren als levenslijnen die jou met hen verbinden.
Je weet immers dat je kwetsbaarder wordt en je zekerheden op losse schroeven komen te staan als je de wereld die buiten het bereik van de kettingen ligt wil gaan verkennen. Dit is een wereld die je niet kent.
Het betreden van die wereld zonder hulp en voldoende vertrouwen is niet zonder gevaar. Niet alleen dat je er gemakkelijk in kunt verdwalen. Erger is ook mogelijk. Nee, er valt geen vrijheid op te geven want die heb je niet. Alleen een illusie van vrijheid. En illusies voorzien soms beter in een behoefte dan de rauwe werkelijkheid. Zo te zien leven we allemaal in de Matrix.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten