Het is bekend dat het Mbo-onderwijs de laatste jaren radicaal is veranderd. Overal wordt gesproken over het Competentie Gericht Leren (CGL). Je oren gaan er soms van tuteren.
Als ik de vele artikelen die er over het CGL geschreven zijn moet geloven kun je degenen die er mee te maken hebben grofweg verdelen in twee groepen: de believers en de non-believers.
Helaas bestaat er voor CGL geen gefundeerde wetenschappelijke basis waarin wordt aangetoond dat het een betere onderwijsvorm zou zijn dan bijvoorbeeld het Probleem Gestuurd Onderwijs (PGO). Of Natuurlijk Leren (NL), om er twee te noemen. Daarom kun je het op één rij zetten met een ideologie of godsdienst.
CGL heeft hiermee nog meer overeenkomsten. Afwijkende meningen over de invoering van het CGL zijn niet welkom en kunnen gevolgen hebben voor degenen die er voor uit komen dat zij zich ernstige zorgen maken over het belang hiervan voor de leerling. Conflicten met degenen die hoger in de hiërarchie staan zijn dan zeker niet denkbeeldig.
Als docent en lid van een organisatie die gekozen heeft voor het CGL ben ik samen met veel van mijn collega’s noodgedwongen een believer. Laat ik daar duidelijk over zijn. Als jouw organisatie een koers uitzet zul je deze loyaal moeten volgen. Tenzij deze onethisch of immoreel is en dat is hier niet het geval.
Eerlijk gezegd heeft het meewerken aan de ontwikkeling van CGL mijn plezier in het geven van les nooit in de weg gestaan. Dat is echter een valkuil voor veel professionals. Als zij maar plezier in hun werk hebben geven zij de managers en beleidsmedewerkers teveel ruimte.
De mensen daar zijn vaak niet slimmer maar hebben binnen de organisatie wel meer macht en invloed. Meestal zijn zij beter georganiseerd en bovendien worden zij er voor betaald om de nieuwe koers uit te zetten. En te zorgen dat anderen hen daar in volgen.
Als docent zie ik de gevolgen die de invoering van het CGL heeft voor zowel de leerlingen, de docenten en de praktijk. En heb ik vage vermoedens wat uiteindelijk de gevolgen kunnen zijn voor de organisatie waarvoor ik werk.
Zo is er voor alle partijen veel onzekerheid en onduidelijkheid. Een eerste algemene indruk is dat de kwaliteit van het onderwijs er niet op is vooruit gegaan de laatste jaren. Integendeel.
Veel klachten die ik hoor zijn gegrond en de gevoelens van onmacht en de frustraties die ik tegen kom kan ik heel goed begrijpen.
Het was voor mij dan een aangename verrassing dat leerlingen mij vandaag vroegen om informatie om een leerlingenraad op te zetten. Het lijkt er op dat ze eindelijk beginnen te beseffen dat ze zich zullen moeten organiseren willen ze enige invloed kunnen uitoefenen op het onderwijs dat ze ontvangen. Ik hoop van harte dat het ze lukt. Op de site van het LAKS is uitgebreide informatie te vinden over wat een leerlingenraad is en hoe je deze op zet. Ja, jongens en meisjes. Als je je niet organiseert en alleen maar blijft mopperen dan wordt er nooit naar je geluisterd.
Dan geldt het motto van de Fabeltjeskrant: “Snaveltjes dicht en oogjes toe. Welterusten.”
Geen opmerkingen:
Een reactie posten