Het zoontje van de overburen is een vriendelijk manneke. Ik schat hem op 6 jaar.
Sinds kort loopt hij wat vaker bij ons lang het raam en werpt dan een belangstellende blik naar binnen. Alsof er iets op hem te wachten ligt.
Als ik in de keuken bezig ben met het eten en hij komt toevallig voorbij, zwaait hij zelfs. En dat deed hij vroeger nooit.
Wat is er aan de hand? Vanwaar die aandacht? Dat komt omdat Raphael, want zo heet hij, van Paula alle WK-gadgets krijgt die wij hebben gekregen bij het halen van de boodschappen.
Ze heeft hem nu al een paar keer wat toegestopt en bewaart de gadgets in een schaaltje bij het raam. Als het er voldoende zijn en Raphael speelt op dat moment op straat roept ze hem bij zich en glunderend staat hij dan voor de deur te wachten op de buit die hem is beloofd.
Het is vaak van alles wat. Bungles van Super de Boer, WK Handjes van Bas, juichbandjes van de Plus en straks ook de Beesies van Albert Heijn, want die liggen pas sinds vandaag bij de kassa.
Raphael weet niet wanneer hij zijn gadgets krijgt, maar laat niet na ons er aan te herinneren dat ze van hem zijn.
Hij weet inmiddels dat Paula van ons twee de Sinterklaas is. Zelf ben ik niet het type dat kleine kindertjes een aardigheidje toestopt. Bij Albert Heijn merk ik dat de kinderen dit aan me zien. Ze slaan me meestal over bij het vragen. “Dat is die kindonvriendelijke meneer”, zie je ze denken.
Hoewel je vijftien euro aan boodschappen moet halen voor één beesie waren de instructies aan het personeel blijkbaar nog niet binnen, want bij mijn aankopen van nog geen negen euro deed de caissière een stevige greep in een kartonnen doos en stopte mij een handvol beesies toe. Mijn dag kon niet meer stuk.
Kleine groepen jongens en meisjes stonden met een begerige blik in hun ogen bij de deur te wachten op de klanten met hun boodschappenkarretjes. Dat was bij de voetbalplaatjes zo en bij de Beesies heb ik vandaag gezien dat het niet anders is.
Een kennis van me, die vroeger juf was op de lagere school, stond met haar volle boodschappenkarretje tegenover drie kleine knulletjes, die deze aardige mevrouw wel van haar beesies wilden afhelpen.
“Hoeveel heb jij er al?” vroeg ze aan één van de jongetjes. Het was duidelijk dat zij haar beesies niet zomaar weg deed. Je moest eerst een kruisverhoor ondergaan en als je de juiste antwoorden gaf dan kreeg je van haar een beesie. Ik heb er een minuutje naar zitten kijken. Haar vriendelijke glimlach en de toon waarop ze haar vragen stelden imponeerden de jochies, die zwijgend naar haar opkeken, zichtbaar. Als je zelf maar één meter twintig bent en zo’n grote dikke vrouw staat daar met een handvol beesies dan kun je maar beter wat ontzag tonen, zullen ze hebben gedacht.
Misschien had ik mijn beesies op de grond moeten gooien voor hun voeten, zodat ze er om hadden kunnen vechten. Het kwam wel bij me op, maar ik vond het wat lullig voor Raphael. Dit waren de eerste beesies en misschien ook wel de laatste die ik gekregen had. Want of ik de komende dagen meer dan vijftien euro aan boodschappen bij Albert Heijn ga halen is nog maar de vraag. De WK Handjes van Bas vind ik namelijk veel leuker.
1 opmerking:
ik heb ook al heel veel van die bijdehandjes,soms voel ik me verplicht er een af te staan aan een kind dat er om vraagt,maar ik moet zeggen,het kost me moeite en dan zal je net zien dat er in dat zakje dat handje zit die ik nog niet heb.
Een reactie posten