Geluk zit soms in een omelet. Geluk zit in zoveel dingen. Zo krijg ik bijvoorbeeld een kick van het eten van een rode grapefruit als ik gerend heb. Zwetend en dorstig kom ik thuis, pak een grote grapefruit van de fruitschaal en snijd deze op het aanrecht in acht partjes. Het rode vruchtvlees glinstert. De kleine vliesjes die het sap vasthouden staan strak gespannen. Speeksel vult mijn mond.
Dan neem ik een stukje grapefruit in mijn handen en duw de schil aan beide kanten terug zodat het vruchtvlees los komt. Niet helemaal, maar zoveel dat je de bittere schil niet proeft als je je lippen om de vrucht sluit. Mijn tong drukt het vruchtvlees tegen mijn gehemelte stuk. Het bitterzoete sap loopt nu mijn mond in en langs mijn lippen. Ik sluit mijn ogen en proef hoe de smaak van bitterzoet overgaat in zacht zuurzoet en uiteindelijk alleen in zoet. Nog voordat deze smaak is uitgedoofd verdwijnt het volgende partje in mijn mond. En dan nog eens. En weer. Totdat uiteindelijk het laatste partje naar binnen is gewerkt. Met een licht gevoel in mijn hoofd sta ik nog even na te genieten tot ik weer bij zinnen ben gekomen.
Een andere keer zal ik je laten weten hoe je gelukkig kunt worden met een banaan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten